Je komt ogen tekort wanneer je ’s ochtends de straat uitfietst, omringd door een bonte stoet rickshaws, koeien en vrachtwagens.  Het was soms een hele klus om, nog half slaperig, de weggebruikers te ontwijken.  Stukje naar voren – stop – een slinger naar rechts, rickshaw in je nek – stop ! ; een adrenaline kick, waarbij we ook blij waren als we eindelijk die rustige achterafweg hadden bereikt.