Foster the Vulture


Donderdag 21 juni 2001

Vanmorgen (of beter gezegd: vannacht) om 4.55 uur belde Jan (overigens geheel volgens afspraak) me uit mijn bed om me te vertellen dat hij in de trein zat, op weg naar Schiphol. Ik begon meteen "Lang zal-die leven" in de telefoon te brullen, wat in eerste instantie op onbegrip stuitte. Jan was z'n eigen verjaardag vergeten....
Het was de bedoeling geweest dat ik Jan op Schiphol op zou pikken rond half zes. We waren allebei keurig op tijd, maar het duurde tot kwart voor zes voordat we in de gaten kregen dat Jan aan het begin van de kortparkeerstrook stond en ik met de auto aan het eind ervan....
Rond tien voor zeven kwamen we aan in Hoek van Holland. De boot (als je dat bizarre drijvende ding, de Stena Discovery, tenminste zo noemen wilt) kwam los van de steiger om 7.32 uur. Te laat dus, maar wel in de stralende zon. Aan boord nestelden we ons meteen in een slaapstoel. We hadden de stoelen voor het kiezen, er waren maar weinig passagiers. Al spoedig werden we ontdekt door mijn plaats- en hobby-genoot Peter, die in z'n eentje in Engeland op treinenjacht zou gaan. Een verrassing was dat overigens niet, omdat ik wist dat Peter voor de zelfde overtocht geboekt had als Jan en ik. Jan mocht nu voor de tweede maal felicitaties in ontvangst nemen.
Tijdens de vaart werd omgeroepen dat we een snelheid maakten van 43(!) knoop. We waren dan ook al rond 10.10 uur plaatselijke tijd in Harwich.
Er werden in Harwich nauwelijks paspoorten gecontroleerd en de douane liet zich al helemaal niet zien. We kozen vervolgens voor de "toeristische" landinwaartse route: de B 1352, die, gezellig kronkelend, in de buurt blijft van de rivier de Stour. Het vriendelijk golvende landschap waar de B 1352 door gaat, de mooie dorpjes en de bootjes op het water zorgen altijd voor een goed begin van een Engelandvakantie. Het mooie weer van vanmorgen droeg er natuurlijk ook het nodige toe bij. In Manningtree draaiden we de A 137 op richting Ipswich. Over de A 14, de A 12 en de A 1094 kwamen we tenslotte in Aldeburgh, waar we de auto parkeerden bij het kiezelstrand ten zuiden van dorp. Behalve een boel zeilbootjes op de River Alde, die bang voor de zee is en pas kilometers verder naar het zuiden durft uit te monden, was hier in feite weinig te zien. We reden dus maar weer gauw door, over Leiston en Westleton, langs het fraai gelegen kerkje van Blythburgh en de moerassen even verderop, totdat we tenslotte in Southwold aankwamen. Jan meende zich te herinneren dat dat een leuk badplaatsje was en dat bleek te kloppen. We parkeerden de auto aan de boulevard en maakten toen een wandeling langs het strand. Er stond daar een eindeloos lange rij strandhuisjes met allerlei leuke namen, die ik inmiddels natuurlijk allemaal weer vergeten ben.
De tijd lijkt in Southwold al decennialang stil te hebben gestaan. Het plaatsje is gedompeld in een heerlijk ontspannen, Victoriaans sfeertje van totale suffigheid. Een betere plek om tot rust te komen zou ik niet weten.
Het werd tijd om wat te gaan eten. We doken een pub in, waar we aan het buffet Chicken Paté with Buttered Toast bestelden. Ik moest daarbij mijn naam opgeven(!), maar dat schijnt gebruikelijk te zijn bij het bestellen van pubvoedsel. Ik weet dat er dan voor mij weinig anders op zit dan die naam letter-voor-letter te spellen, want anders heeft de waard geen idee wat hij op moet schrijven. De kippenpaté was overigens uitstekend.
In de buurt van de pier heb ik nog een softijsje gegeten. Zelden heb ik me zo in de jaren-'50 gevoeld als vandaag in Southwold en het is me prima bevallen.
Over Wrentham reden we naar Carlton Colville, waar we het East Anglia Transport Museum alvast opzochten. Toen door naar Lowestoft. De Marine Drive, waar ons
Wavecrest Guest House staat, hebben we pas na enig zoeken gevonden. We kwamen eerst ergens in Zuid-Lowestoft terecht, waar we dood liepen op de zee. Even later raakten we verstrikt in het plaatselijke systeem van eenrichtingsverkeer. We verzeilden zelfs ergens op een grindpad, dat uitmondde in een heel smal straatje, waar ik vergat links te houden, wat mij kwam te staan op een boze blik van een autorijdende autochtoon, die zelf met die auto waarschijnlijk nooit naar het continent zou durven.
Toen we tenslotte de auto op de Marine Drive parkeerden, vlak voor de deur van ons gasthuis, waren we toch nog aan de vroege kant. We gingen daarom maar wat rondwandelen rond het Lowestoftse haventje, waar we nog even een museum-vissersboot hebben bezocht. Even over half vier belden we aan bij ons vakantieverblijf. Er werd niet open gedaan. We konden nu weinig anders doen dan opnieuw het durrep in lopen en dit keer kwamen we (natuurlijk) bij het station terecht, waar Jan alvast twee Anglia Passes kocht. Die zullen we de komende dagen goed kunnen gebruiken!
Wat Lowestoft betreft: het is hier daar nogal verveloos, maar het lijkt niet onvriendelijk. Toch is het een plaats die geen gewone Nederlander ooit als vakantiebestemming zal kiezen. Maar ja, Jan en ik zijn helemaal geen gewone Nederlanders, wij zijn OV-hobbyisten.
Tenslotte zijn we teruggelopen naar het Guesthouse, waar de eigenaars inmiddels aanwezig bleken te zijn om ons binnen te laten. Onze kamers bevinden zich op de tweede verdieping: die van Jan aan de voorkant, die van mij aan de achterkant. Ze zijn prima.
Maarten, die wij, als het goed is, vandaag hier in Lowestoft zullen ontmoeten, blijkt Jan's mobiel te hebben ingesproken. Jan heeft hem teruggebeld. Maarten is onderweg; hij zit in de auto, in een file ergens in de buurt van Peterborough. Het kan nog wel even duren voor hij hier is en hij heeft nog geen onderdak kunnen regelen. Dat laatste heb ik toen maar voor hem gedaan, in samenwerking met onze landlord. We hebben accomodatie voor hem weten te regelen in de B&B vier deuren verder.
Het is inmiddels kwart voor acht. Maarten is nog steeds niet gearriveerd. Ik hoop dat hij opschiet, want ik heb inmiddels flinke honger gekregen en we hebben afgesproken dat we met z'n drieën gaan eten.
Nu moet ik nog noteren dat we vandaag opmerkelijk veel vuilniswagens zijn tegengekomen en dan stop ik er mee voor vandaag.
 

Vrijdag 22 juni

Maarten is gisterenavond even voor achten gearriveerd. Na lang zoeken naar een aanvaardbare eetgelegenheid hebben we tenslotte gekozen voor een pizzeria op een straathoek tussen het station en het haventje. Daarna hebben we nog een biertje gedronken op het terras van het Hatfield Hotel, dat aan de boulevard staat. Heerlijk ontspannend, zo met het geluid van de zee op de achtergrond.
Vanmorgen bleek dat het zwakke punt van ons Guesthouse mijn douche is. Het is een onduidelijk electrisch geval, waar een heel dun straaltje water uit komt. Het ontbijt daarentegen was prima. Het werd geserveerd door een ons onbekende dame; de eigenaars schijnen vertrokken te zijn naar een huwelijk in Florence of zoiets. We mochten kiezen welk soort ontbijt we wilden hebben en voor mij werd het natuurlijk "the full cooked breakfast". Jan hield het wat continentaler.
Na het ontbijt kwam mijn eerste Engelse treinrit van dit jaar. We namen de Sprinter van 8.50 uur naar Norwich. De rit voerde door een vlak, maar niet erg "Hollands" landschap. Ik zag koeien, molens en waterlopen, maar ook heide, wat het beeld enigszins Drente-achtig maakte. We reden nog over een paar mooie spoorbruggen, die knusse watertjes kruisten, vol met plezierbootjes. Alleen daar deed Anglia mij echt aan Nederland denken. Om even over half tien kwamen we in aan in Norwich en we vertrokken vrijwel meteen weer, per Class 153, naar Sheringham, waar we een uurtje later arriveerden. Door naar Holt, per oude DMU van de
North Norfolk Railway. Het was een kort, maar leuk ritje, door een open landschap met uitzicht op zee en langs het prachtig gerestaureerde stationnetje van Weybourne. Na terugkomst in Sheringham hebben we ansichtkaarten gekocht en in de stationsrestauratie wat gegeten. Om 12.42 uur vertrokken we uit Sheringham, op weg naar Norwich. In Cromer stapte er een grote ploeg jongeren in (ik kreeg de indruk dat ze een sportclub-op-toernee waren), die zich onderweg gelukkig redelijk rustig hielden. In Norwich ging Jan bussen fotograferen. Zelf wilde ik iets cultureels gaan doen en ging dus, te voet, op weg naar de beroemde kathedraal. Ik verzeilde in een avontuurlijk kronkelstraatje, dat mij na een aantal onverwachte bochten wel degelijk bij de kathedraal afleverde, waar ik even binnen liep. Meteen een mooie gelegenheid om er in het souvenirwinkeltje de laatste benodigde ansichtkaarten aan te schaffen.
Nu was Elm Hill aan de beurt, het Middeleeuwse plaatjesboek-straatje. Het is maar een heel kort straatje, maar het is inderdaad mooi.
Uit een automaat in het postkantoor heb ik vervolgens zegels gehaald voor mijn ansichtkaarten. Geen idee of het de goede zijn; daar kom je in Engeland nooit achter. Ik ben ook nog even langs het stadskasteel gelopen. Het was gesloten omdat het gerestaureerd wordt. Erg was ik dat niet, want ik vond het een vrij saai en niet erg kasteel-achtig bouwsel. Toch zijn ze er in Norwich heel trots op.
Een bus van Neaves reed me terug naar het station. Volgens mij had ik ook bij meneer Neaves vrij vervoer met mijn Anglia Pass, maar dat bleek niet zo te zijn en ik moest een kaartje kopen. Jammer, maar er zijn ergere misstanden in de wereld. Op het station heb ik thee gedronken en een jambroodje gegeten.
Ik nam de trein van 16.01 uur terug naar Lowestoft. Hij zat vol scholieren, die nogal balorig waren, maar echt uit de hand liep het niet. Een mevrouw van
Anglia Railways overhandige sommige passagiers een enqueteformulier. De oude dame die naast me zat kreeg er ook één maar ik kreeg niks. Waarmee weer eens bewezen is dat het ongelijk verdeeld is in de wereld.
Ik had de hotelsleutel bij me en liet mezelf binnen. Jan was er nog niet. Sterker nog: er was behalve mij helemaal niemand in het hotel! Toen ging de bel. Ik vond dat het niet mijn taak was, maar uit nieuwsgierigheid ging ik toch maar open doen. Trouwens: wie had het anders moeten doen? Er stond een jong Engels stelletje op de stoep. Ze hadden vanuit Londen een kamer gereserveerd en keken mij verwachtingsvol aan in de hoop op de sleutel. Het kostte me enige moeite om ze duidelijk te maken dat ik ze die toch echt niet kon geven. Ze hebben toen hun koffers neergezet en zijn daarna noodgedwongen maar wat langs het strand gaan wandelen.
Een tijdje later verscheen Jan opeens op het toneel. Hij bleek al die tijd al op zijn kamer te zijn geweest! We gingen in conclaaf en besloten de auto te nemen en naar Great Yarmouth te rijden om daar wat rond te kijken en een avondmaal te zoeken.
Het grootste deel van Great Yarmouth is gesloten en staat op instorten. Er zijn alleen nog een stel goktenten, een paar armoedige eetgelegenheden en een pretentieus bordeel open. Gek genoeg maakte deze demonstratie van gestaag verval op mij voornamelijk een indruk van gezapigheid.
We hebben gegeten bij "The Three Arches", nee, geen MacDonald's, maar een Oosters aandoend eetgeval. We waren er geen van beide erg enthousiast over. Als nagerecht heb ik op de boulevard een softijsje gegeten; het enige deel van de maaltijd dat echt smakelijk was.
 

Zaterdag 23 juni

Het Londense stelletje is gisterenavond toch nog op z'n kamer terechtgekomen. Eind goed, al goed, zullen we maar zeggen.
Net als gisteren zaten we om acht uur aan het ontbijt. We verlieten Lowestoft vanmorgen niet per trein, maar per auto. Vlot ging dat niet: in Carlton Colville was er ergens een weg opgebroken. De omleiding die daar bij hoorde was niet erg duidelijk aangegeven en toen we dan eindelijk toch nog op de A 146 naar Beccles terecht waren gekomen, bleek dat we in een cirkel hadden gereden... Langs Norwich en over de A 47 bereikten we East Dereham, het beginpunt van de
Mid Norfolk Railway. Op het perron van het sfeervolle stationsgebouwtje raakten we in gesprek met een medewerker die er een Nederlandse schoonfamilie op na bleek te houden! Dat Jan en ik ook Nederlanders zijn had hij onmiddellijk in de gaten gehad.
Natuurlijk zijn we ook een ritje gaan maken, naar het eindpunt Wymondham Abbey. De trein bestond uit twee gekoppelde DMU's, een Class 122 en een Class 108. Er stonden te veel bomen langs de baan, waardoor het uitzicht op het zacht-golvende landschap behoorlijk werd bedorven, maar verder was het een leuke, sfeervolle rit. We genoten volop van de brullende motoren, de krakende wagenbak, de allesdoordringende dieselstank, de versleten, maar gemakkelijke zitkussens en het gejank en geschok van de transmissie. Na aankomst aan het geïmproviseerde, houten perronetje in Wymondham Abbey zijn we meteen weer mee terug gegaan (hoewel het me wel een aardig idee had geleken even naar de abdij te lopen), want we hadden nog meer te doen.
Eerst even tanken bij de lokale pomp van East Dereham. Daarna zijn we gaan lunchen in de
Little Chef even verderop aan de A 47. Vervolgens reden we in één ruk terug naar Lowestoft, naar het East Anglia Transport Museum in Carlton Colville. Ik was er in 1992 al een keer geweest, in gezelschap van mijn (inmiddels ex-) echtgenote, en ik herinner me dat ik het toen zeer de moeite waard had gevonden. Dat vind ik nu nog steeds. Het was intussen steeds mooier weer geworden. Ik kon een Londense trolleybus fotograferen die stond te pronken in de stralende zon en wat wil een mens nog meer?
Toen terug naar hotel om even uit te blazen. Daarna kwam de jacht op het avondeten. We wandelden Lowestoft in en in de High Street ontdekten we Marilyn Monroe. Marilyn Monroe is een splinternieuwe eet- en drinkgelegenheid in Amerikaanse jaren-'50 stijl. We vonden het allebei een leuk ding. De plaatselijkse bevolking lijkt er anders over te denken, want we waren bijna de enige klanten. Toch was de aangeklede spaghetti die we gegeten hebben best lekker.
Op de terugweg naar het hotel zijn we door een trapstraatje afgedaald naar een vlak terrein waar allerlei industrieën staan en waar we ook de plaatselijke busgarage ontdekten. Onder het lopen vertelde ik Jan
de mop van het overheidsarchief dat geteisterd werd door een muizenplaag. Tot slot liepen we nog een rondje over de boulevard en dat was dan weer dat.
Vanavond laat zag ik op het nieuws dat er gisteren een gier is ontsnapt uit Banham Zoo. Hij heet Foster en is Essex ingetrokken in noordoostelijke richting. Misschien is hij wel op weg naar Lowestoft!
 

Zondag 24 juni

Vanmorgen vloog Foster nog vrij rond, maar in de loop van de dag is hij gevangen door een vrouwelijke dierentuin-oppasser die hem in de val wist te lokken. Een TV-commentator wees er vanavond fijntjes op dat het blijkbaar niet alleen mannen zijn die op vrouwen afkomen en daar later spijt van krijgen. Lijkt me een correcte analyse.
We wilden vandaag naar de North Weald Rally, een reünie van museumbussen. De Rally wordt georganiseerd door de
North London Transport Society en vindt plaats op een vliegveldje ten noordoosten van Londen, in de buurt van Epping, het huidige eindpunt van de Central Line van London Transport. Banham Zoo schijnt daar ook ergens in de buurt te liggen (Aantekening achteraf: daar klopt niets van. Banham ligt dichter bij Norwich dan bij Londen).
Van Lowestoft naar Londen is een heel eind rijden. Bij Ipswich reden we nog verkeerd ook: we kwamen terecht op de A 14 richting Stowmarket en dat was bepaald niet de bedoeling. Omkeren dus maar en terug naar de A 12. Er af bij Chelmsford-Noord, door de stad en dan verder over de A 414. We kozen voor een vroege lunch, bij de Little Chef even voor North Weald.
Tenslotte arriveerden we op het vliegveldje, waar in de brandende zon een onwaarschijnlijk groot aantal museumbussen opgesteld stond, de één nog mooier dan de ander. Er werd een (voor bezoekers) gratis pendeldienst naar het metrostation Epping gereden en daar moest ik natuurlijk met mee. Het ritje voerde door een erg mooie omgeving (Epping Forest) en op de terugweg volgden we een andere route dan op de heenweg, wat ik altijd prettig vind. Rond 15.00 uur verlieten we het vliegveld, waar het inmiddels zo heet was geworden dat het asfalt op smelten leek te staan.
In Blake Hall gingen we nog even op zoek naar de restanten van het opgeheven metro-pendellijntje Epping - Ongar, maar dat liep op niets uit. In Ongar hadden we meer geluk: we vonden er al snel het zeer landelijk ogende stationnetje, waar enig museum-spoorwegmaterieel was opgesteld. We konden het niet van dichtbij bekijken, want station en wijde omgeving werden van de buitenwereld afgeschermd door een hekwerk van het type waar ze in de Verenigde Staten Maximum Security Prisons mee beveiligen. Toen ik er mijn camera tegenaan hield, om toch nog een plaatje te kunnen maken, begon er ergens een alarmsirene te loeien. Waar is de tijd gebleven dat plattelandsbewoners zo eerlijk waren dat er nooit iets op slot hoefde te worden gedaan?
Op de terugweg naar Lowestoft volgden we de route die over Margaretting en dan zuidelijk langs Chelmsford voert. Verder werd het de zelfde route als op de heenweg. We kwamen onderweg voortdurend paardentransporteurs tegen. Is weer eens iets anders dan vuilniswagens.
Even voorbij Darsham staat er een Little Chef en dat kwam goed uit met het oog op het avondeten. De Chef heeft altijd een goede klant aan mij.
's Avonds zijn we opnieuw naar het Hatfield Hotel gegaan om er een Engels biertje te drinken. We zijn deze keer niet op het terras gaan zitten, maar binnen, waar het niet ongezellig was. Bij terugkomst bij ons Guesthouse bleek Jan's nachtlampje (= een lantaarnpaal waarvan de lamp recht voor zijn raam hangt) defect te zijn. Wat doe je dan? Je geeft er een klap op. En ja hoor, toen deed hij het weer.
 

Maandag 25 juni

De Britse media hadden vandaag maar één onderwerp: de nieuwe volksheld, Joanna Lobb, het meisje dat Foster the Vulture heeft gevangen.
Vandaag was "treindag". Eerst gingen Jan en ik gezamenlijk met een 153 (een Diesel Single Unit dus) van Lowestoft naar Ipswich. Aan boord was onder andere de Lowestoftse dorpsgek, die onderweg tig keer van plaats veranderde, voortdurend onrustig om zich heen keek en nooit iemand naast zich kreeg. Maar hij scheen wel een kaartje te hebben gekocht. We waren uit Lowestoft vertrokken met slechts een paar passagiers aan boord, maar onderweg werden dat er steeds meer en het laatste stuk was de trein zo goed als vol.
In één van de raamlijsten stond water. Bij het aanzetten van de trein kroop dat omhoog naar achteren en bij het afremmen klom het naar voren: een fraaie demonstratie van de Wet van de Mechanische Traagheid.
In Ipswich scheidden zich onze wegen. Jan ging het lokale busbedrijf bestuderen en ik nam de sneltrein naar Norwich, die bestond uit een stam Mk2's, geduwd door een 86-er. In een Mk2 zit je aanmerkelijk ruimer en comfortabeler dan in een dieselboemeltje en dat beviel me wel. Op het station van Norwich kocht ik een plastic beker thee, die ik heb opgedronken aan de oever van een kanaal met woon- en andere boten. Toen weer terug naar het zuiden: Norwich - Stowmarket. Opnieuw een 86-er met Mk2's. Stowmarket is een vriendelijk stationnetje. De stationscheffin veegde het perron aan en gaf de planten water. Stowmarket - Bury St. Edmunds, nu weer een dieselstel. Na aankomst in Bury St. Edmunds (de Engelsen zijn kampioen in het verzinnen van surrealistische plaatsnamen) bleef ik even hangen op het station om te onderzoeken of er misschien wat te fotograferen viel, maar dat viel tegen. Vervolgens liep ik de stad in om te zien of er daar soms iets te beleven was, maar ook dat leidde tot niets. Ik beperkte me dus maar tot het eten van een hotdog aan een kraampje in de buurt van het station. Terug van Bury St. Edmunds naar Stowmarket, met weer zo'n diesel. Handig hoor, zo'n Anglia Rail Pass. Je kunt er je hele vakantie mee in de trein doorbrengen. Van Stowmarket weer terug naar Norwich. Zo'n InterCity rijdt hard en dat is leuk, maar ik begon langzamerhand een beetje uitgekeken te raken op Mk2's. Het landschap had ik ook al gezien en dus ging ik maar eens in mijn dienstregelingboekje snuffelen om uit te vissen of ik misschien vandaag Berney Arms nog aan zou kunnen doen. Berney Arms is de legendarische halte tussen Reedham en Great Yarmouth, die je alleen per trein en te voet, maar niet per auto kunt bereiken (misschien kan het ook nog per boot; dat zal ik eens uitzoeken). Dit fraaie plan bleek echter helaas niet uitvoerbaar te zijn, omdat er vanuit Berney Arms geen trein meer terug zou gaan. Na aankomst in Norwich heb ik weer wat te drinken gekocht, maar nu aan een ander kraampje dan vanmorgen. Vervolgens informeerde ik of ik met mijn Anglia Rail Pass ook naar Thetford mocht rijden. Ik was daar niet helemaal zeker van, omdat die lijn niet door Anglia maar door
Central Trains wordt gereden. Maar ja hoor, het mocht en ik reed per Turbostar of hoe zo'n ding heet naar Thetford. Vervolgens met de eerste mogelijkheid (duurde toch nog zo'n drie kwartier) van Thetford terug naar Norwich. Aan boord van deze trein bevonden zich een stel scholieren (of studenten) die elkaar met frisdrank bekogelden. Aso's heb je overal, dus ook in Engeland, hield ik mezelf voor, maar het plezier van het ritje was er wel af. Tenslotte vanuit Norwich terug naar Lowestoft. De scholier die tegenover me zat was gedurende de volledige rit continu bezig zich vol te proppen met chips en chocola, maar verder hield hij zich koest.
's Avonds hebben we opnieuw gegeten bij Marilyn Monroe. Het was er weer erg rustig. Een commercieel succes lijkt het niet te zijn.
 

Dinsdag 26 juni

Over de laatste dag van dit vakantietje valt niet veel bijzonders te melden, of het moest zijn dat de boot (nou ja, boot.... ik bedoel dat rare vaarding) veel te laat was. We kwamen pas na vijven in Hoek van Holland aan in plaats van om half vier. Onderweg vroeg ik nog aan de infobalie wat de oorzaak van de vertraging was geweest, maar ik kreeg een nogal ontwijkend antwoord: "de kapitein zal er straks iets over omroepen". Dat gebeurde ook, maar verder dan zich verontschuldigen voor de vertraging ging hij niet: over de oorzaak er van liet hij zich met geen woord uit.

Na aankomst in Nederland heb ik eerst Jan nog even afgezet in Almere. Rond half tien was ik terug in Leidschendam.

England, with all thy faults... I love thee still. Dat heb ik niet zelf bedacht natuurlijk. Ik heb het van iemand gejat, maar ik weet niet meer van wie. Het zal Shakespeare wel weer wezen.
Voor de zekerheid heb ik het later toch nog maar even opgezocht.
Het is helemaal niet van Shakespeare. Het is een citaat van William Cowper.

terug naar het begin van dit verhaal

terug naar de startpagina

==================================================