Dinsdag 11 januari 2000
Toelichting voor andersdenkenden: een gummineus is een bepaald type Belgische trein.
Midden in de nacht, om tien over vijf, ging de telefoon. Het was Peter. Hij herinnerde me er aan, dat ik mijn bed uit moest, omdat we vandaag naar België zouden gaan. Zijn telefoontje was niet nodig geweest (ik was toch al wakker), maar de stemming zat er bij mij nu al meteen goed in.
Om kwart over zes was ik bij Piet. Hij nam plaats achter het stuur en ik degradeerde mezelf tot bijrijder. Om half zeven, dus nog steeds geheel volgens de planning, pikten we Peter op in Vlaardingen, wat meteen aanleiding was om chauffeur Piet te vervangen door chauffeur Peter. Zelf ging ik achterin de auto liggen doezelen. Pas in de buurt van Dordrecht begon mijn bewustzijn een beetje terug te komen.
Over Breda, Gilze, Turnhout en Geel bereikten we Hasselt. Het was een plezierige rit geweest. Vooral tussen Gilze en Turnhout bleek het landschap mooier te zijn dan we verwacht hadden, althans voor zover we dat in het duister hadden kunnen beoordelen. Achter het station van Hasselt is een groot, gratis parkeerterrein, waar we de auto probleemloos kwijt konden. Even voor negen uur, eerder dan we van tevoren hadden durven hopen, liepen we de lokettenhal van het station binnen.
De meneer achter het loket leverde mij snel drie Euregiobiljetten, Piet kocht aan een ander loket drie speciale Euregio-dienstregelingboeken en daarmee was het hoog tijd geworden voor koffie in het stationsbuffet.
Marian (de echtgenote van Piet) had een enorme hoeveelheid boterhammen voor ons gemaakt, belegd met kaas, ham, ei en ander lekkers. Peter en ik hadden zelf ook de nodige broodjes bij ons. Over de voedselvoorziening hoefden we ons vandaag dus geen zorgen te maken.
Piet is gek op oude electrische Belgische tweewagenstellen. Ik had Marian beloofd dat hij vandaag op z'n minst één rit zou maken in zo'n tweetje, want anders zou hij bij zijn terugkomst in Delft een rothumeur hebben en dat moest voorkomen worden. Nu hadden we het vermoeden gehad dat de trein van 9.46 uur naar Luik een tweetje zou zijn, en dat bleek te kloppen. Voor Piet kon de dag al niet meer stuk.
Vol was de trein bepaald niet; we hadden een paar medepassagiers, maar veel waren het er niet. Het eerste deel van de rit voerde door een vlak landschap, waar niet veel te zien viel. Na Liers, toen we de agglomeratie Luik begonnen te naderen, werd de omgeving interessanter. De spoorlijn begon te kronkelen en te dalen. Na Herstal kwamen er tunneltjes. De halte Luik Jonfosse ontpopte zich als een lugubere spelonk, met een stationsgebouw dat op instorten leek te staan en vol graffiti zat. Na nog een tunnel bereikten we tenslotte Luik Guillemins.
Het station Guillemins en het bijbehorende emplacement worden radicaal verbouwd, met het oog op de komst van de hoge-snelheidslijn Brussel - Aken. Een aannemer is druk bezig met het slopen van de oude stationsgebouwen en het opbreken van de sporen. Van de betonnen voetbrug, die ik in augustus 1986 nog op de dia had gezet, toen we naar het Luikse trammuseum gingen, viel niets meer te bespeuren. In de Railhobby van september 1998 staat een beschrijving van hoe het gaat worden en ik moet zeggen dat de plannen er veelbelovend uitzien.
Tijd voor de volgende trein. Het werd IC A 508, die om 11.14 uur uit Luik vertrok. Hij werd gereden door een NMBS-1300 en bestond uit splinternieuwe I11-rijtuigen. Deze mooie wagens, die het zelfde smaakvolle, luxe interieur hebben als een gummineus, zweven over de rails. De stoelen zitten lekker en de grote ramen bieden een onbelemmerd uitzicht. I11-en hebben in mijn ogen maar twee minpunten: het rokersgedeelte is niet goed gescheiden van het niet-rokersdeel en er zijn geen armleuningen tussen de zitplaatsen.
We reden mee tot Verviers. Een naar mijn smaak veel te korte rit over een kronkelig traject door een prachtig heuvellandschap, dat een zeer on-Nederlandse indruk maakte. Ik had het gevoel dat ik op vakantie was in een ver buitenland en ik genoot volop.
Toen we het station Verviers binnen reden, zag Piet, die oud materieel leuker vindt dan nieuw materieel, op spoor 1 een heel oud tweetje staan. Het was de 166 (bouwjaar: 1962). Het sprak vanzelf dat we er met mee moesten. Genietend van het piepen en kraken van de wagenbak, het gebonk van de draaistellen en het geratel van de schakelwals reden we richting Spa. We stapten uit in het gehucht Juslenville en namen zes minuten laten de tegentrein.
Uiteraard was ook die tegentrein een klassiek tweetje, maar nu van een later bouwjaar dan de 166. Binnenin stonden alle deuren open en dat stelde ons in staat op de baan en in de machinistencabine te kijken. In Verviers stapte iemand in die kennelijk bij het spoor werkte, want hij ging staan in het gangetje dat langs de cabine loopt en begon een uitgebreid gesprek met de machinist. Dág uitzicht op de baan! Het ergerde me enorm, maar ik kon er moeilijk iets van zeggen.
Even voor half één kwamen we aan in Welkenraedt. We troffen er onder andere twee stijfbevroren, maar keurig in de lak zittende en goed onderhouden 1500-en aan. Om zeven voor één verlieten we Welkenraedt weer, opnieuw in een tweetje (Piet is wel aan z'n trekken gekomen vandaag!), voor de zeven minuten durende rit naar Eupen.
Daar hadden we een probleem. We wilden met TEC-buslijn 394 (de 'Vennliner') mee naar Sankt Vith. Die zou om kwart over één vertrekken uit Eupen Bushof, maar we waren nu op het Bahnhof en waar was het Bushof? In zo'n situatie moet je je ogen en oren ophouden, snel denken, knopen doorhakken en resoluut handelen. We ontdekten ergens een bordje Bushof en begonnen dan ook onmiddellijk te snelwandelen in de aangewezen richting. Even verderop wees een aangesproken autochtoon ons de juiste zijweg en ja hoor, daar was het Bushof met de Vennliner.
De chauffeur was een dikke, stokoude en nogal norse man. Hij reed hard, maar dat moest ook wel als hij op tijd wilde zijn. De Vennliner leek mij een soort snelbus: hij gaat er prat op dat hij het traject Eupen - Sankt Vith aflegt in precies 65 minuten. Dat stond tenminste in grote letters op de achterkant van de bus. Het eerste deel van de rit hadden we ongeveer acht medepassagiers; later werden dat er een paar minder.
We reden dwars door de Hoge Venen (waar hier en daar nog wat sneeuw lag), passeerden het Signal de Botragne (het hoogste punt van België) en kruisten in Sourbrodt de Vennbahn. Kort voor Bütgenbach reden we onder het beroemde viaduct door van die zelfde Vennbahn. Weilanden en bomen zaten overal vol rijp. Onnodig te zeggen dat het een schitterende rit was. Tot aan Büllingen hadden we mooi, helder winterweer gehad, maar toen we verder reden richting Amel en Sankt Vith, doken we opeens een mistbank in.
We waren keurig op tijd in Sankt Vith. De mist was inmiddels opgetrokken en vervangen door een egaal-grijze bewolking. Gelukkig was het nog net licht genoeg om onze bus te kunnen fotograferen. In het begin heb ik erg moeten wennen aan het nieuwe kleurenschema van de TEC, maar ik ben nu zover, dat ik de TEC-kleuren beschouw als de mooiste OV-huisstijl die ik ken.
Het was veel te koud om lang op straat te blijven staan en daarom doken we na het fotograferen meteen een soort snackbar in. Piet bestelde er een bord frieten plus kroket; Peter en ik beperkten ons tot koffie.
Het werd tijd voor krijgsraad. De bus terug ging pas om kwart over vier en wat moesten we doen tot die tijd? We konden niets beters bedenken dan Sankt Vith maar eens te gaan bekijken. We liepen door het stadsparkje (stelt niets voor), zagen een oude toren (die op slot zat) en slenterden wat door de hoofdstraat. Het viel ons op dat de meeste gebouwen van Sankt Vith zijn opgetrokken in een Duits aandoende stijl. Dat klopt ook wel, want het behoort tot de Deutschsprachige Gemeinschaft van België. Sankt Vith is een saai plaatsje, waar niets te beleven valt. Maar het straalt welvaart uit en het is duidelijk áf, op een paar stukjes plaveisel na, waar driftig aan gewerkt werd.
Kort na vier uur waren we terug op het pleintje, An den Linden, waar onze bus moest gaan verschijnen. Hier was intussen het één en ander veranderd: er stond nu een kudde van enige tientallen (opmerkelijk rustige) scholieren en er kwamen er voortdurend nog meer bij. Alle scholen in de wijde omtrek waren klaarblijkelijk om vier uur uitgegaan en alle leerlingen moesten zo te zien met het openbaar vervoer mee. Er begonnen dan ook indrukwekkende hoeveelheden bussen te arriveren en gelukkig zat 'onze' lijn 395 naar Verviers er ook bij. Hij werd natuurlijk stampvol en we moesten staan, maar dat duurde gelukkig niet lang. Een kwartiertje na Sankt Vith, in het dorpje Recht (waar we via een grillige route doorheen kronkelden) gingen bijna alle scholieren er al uit. In Malmedy werd de reis even onderbroken omdat de chauffeur de bus moest tanken(!). Het was toen al helemaal donker geworden. We passeerden het circuit van Francorchamps en precies op tijd, om kwart over zes, werden we afgezet bij het station van Verviers.
De rit van Sankt Vith naar Verviers was minstens zo mooi als de rit van Eupen naar Sankt Vith. We hebben, vooral op het stuk naar Malmedy, bijna steeds gereden over smalle kronkelwegen, voortdurend stijgend en dalend, langs berijpte weilanden en door uitgestrekte bossen.
In het stationsgebouw van Verviers hadden we nog even tijd om de fraaie baksteenbouw te bewonderen en koffie te drinken. De trein van 18.29 naar Luik bestond tot mijn genoegen opnieuw uit I11-en. In Luik liepen we nog even het stationsplein op, waar ons rechtvaardigheidsgevoel werd bevredigd toen we zagen hoe foutparkeerders er onverbiddellijk op de bon geslingerd werden. De stoptrein van 19.20 uur (natuurlijk opnieuw een tweetje - Piet blij!) reed ons terug naar Hasselt, waar we om 20.14 uur aan kwamen. Luik Jonfosse is in het donker nog veel weerzinwekkender dan overdag.
We hadden nog even wat moeite om vanaf het parkeerterrein weer op de snelweg te komen, maar dat is uiteindelijk toch gelukt. We volgden de zelfde route als tijdens de heenreis. Over het verdere verloop van de rit naar huis valt weinig te melden. We kunnen terugzien op een vermoeiende, maar zeer geslaagde ééndaagse vakantie.
terug naar het begin van dit verhaal
=====================================