700 jaar stad Wijk bij Duurstede

Feestverlichting en vuurwerk bij ingebruikname Wijkse tram

Wijkse Courant 16 augustus 2000

    Wijk bij Duurstede - (door Frank Brouwer) Openbaar vervoer is vandaag de dag een heel normale zaak. Met de bus naar Utrecht of Zeist duurt niet eens zo gek lang, al kan het natuurlijk altijd sneller. In de geschiedverhalen van onze jarige stad richten we vandaag de blik op het begin van het openbare vervoer in Wijk bij Duurstede. Naast het vervoer over water was er bijna vijftig jaar lang een tramverbinding met het dichtsbijzijnde treinstation, dat van Driebergen. Aandacht dus voor de Wijkse tramlijn.

    In de eerste helft van de negentiende eeuw begon het Nederlandse spoorwegennet zich langzaam maar zeker te vormen. Rond 1840 werd onder andere besloten het tracject Amsterdam-Utrecht-Arnhem aan te leggen. Een van de plaatsen waar de trein tot stilstand kwam werd Driebergen.
    In de omgevingvan de plaatsen waar de trein stopte, verrees al snel de vraag naar transport naar het station toe. De eerste decennia na de aanleg van de spoorbanen was het nog behelpen met de plaatselijke stalhouders, die dan de personen en goederen moesten komen ophalen. In 1882 werden voor het vervoer naar het Driebergense station de eerste paardentrams ingezet en al snel zou er op het traject Driebergen-Arnhem een heus tramnetwerk verrijzen.

Spoorwegnet

    Het bestuur van Wijk bij Duurstede hoopte lange tijd, dat de stad op een nieuw aan te leggen spoorwegnet kon worden aangesloten. Het ging dan om de zogenaamde 'Verbindingslijn der Twee Nederlandse Spoorwegennetten', later ook wel het Zuider- en Middennet genoemd. De lijn moest lopen vanaf Houten / Schalkwijk, via Nederlangbroek, Cothen, Wijk bij Duurstede, Amerongen, Rhenen, Wageningen, Renkum en Oosterbeek naar Arnhem. Bij Wijk was een station gedacht op 350 ellen van de stadspoort, aan de tegenwoordige Zandweg.

Dit is een locomotief die de Wijkse tram trok.
Foto uit de jaren twintig.


    In die tijd was het aanleggen van spoorwegen vooral en zaak van burgers. Rijke mensen konden investeren in een spoorwegnet. Het hierboven genoemde netwerk trok echter geen investeerders aan. Dus was er geen geld en dus kwam de lijn er niet.

Wijks Tram Comité

    Toch wilden de Wijkenaren hun best doen om aansluiting te krijgen op het Nederlandse spoorwegnet. Met name om de haven te kunnen ontwikkelen, kwamen er bijvoorbeeld in 1882 plannen om een tramverbinding tot stand te brengen vanaf het treinstation in Maarn, via Doorn naar Wijk. In 1883 werd er verder een Wijkse Tram Comité opgericht. De strijders voor een tramverbinding kregen de steun van de burgemeesters uit omliggende plaatsen. Er was op dat moment overigens wel al een tweedaagse verbinding tussen Wijk en het station in Driebergen. De gewone paard-en-wagendienst van uitbater Van Urk voldeed echter niet goed.
    De inzet van het Wijkse Tram Comité was een succes, de Ooster- Stoomtram Maatschappij (OSM) uit Arnhem kwam met plannen voor een tramverbinding tussen Zeist en Arnhem met een zijtak vanaf Doorn naar het uithoekje aan de Lek. Het plan van de OSM viel bij de overheden in goede aarde: met een stemverhouding van zeven voor en vier tegen besloot het gemeentebestuur van Wijk in mei 1884 om voor een bedrag van dertigduizend gulden in de nieuw aan te leggen lijn te participeren.

Paardenkar

    De tram kwam er dus. Vanaf het iets buiten Doorn liggende landgoed Sandenburg kwam een aftakking naar Wijk. Het 8785 meter lange tracé kwam bij de Veldpoortbrug de stad binnen en ging dan via de Veldpoortstraat, de Klooster Leuterstraat, Oeverstraat naar het eindpunt, Het Klokgeslag in de Dijkstraat. Helaas dus geen lijn direct aan de haven. Dat kon natuurlijk nooit, want bij hoog water zouden de trambanen onder water komen te liggen.
    Nu was het echter wel noodzakelijk om de goederen vanaf het schip eerst op de paarden kar te zetten en dan weer over te zetten op de tram. Het traject door de stad werd zeer langzaam afgelegd. Vanafde hoogte van café Gouden Leeuw moest er altijd een beambte met een rode vlag zes meter voor de tram uit lopen. Dit om ongelukken in de smalle straten van Wijk bij Duurstede te voorkomen.

De tram bij zijn eindpunt in de Dijkstraat.
Foto uit: 'Wijk bij Duurstede van 1900 tot nu', Van Geyt Productions, Hulst.

Feestverllchting

    In oktober 1884 ging de eerste spa de grond in. Begonnen werd met de bouw van een remise bij Sandenburg. Daar werd een onderdak gecreéerd voor negen rijtuigen, een magazijn, een schilderswerkplaats, twee kantoren en er verrezen zes personeelswoningen. De officiéle opening van de lijn vond plaats op 24 maart 1885 met een rit van de plaatselijke notabelen naar Sandenburg.
    Feestverlichting en vuurwerk begeleidden de hoge heren op hun terugreis naar ons stadje.
    Vier maal daags ging de tocht van Wijk naar Driebergen en vice versa. Op de dagen van de Wijkse markt reden er zelfs extra vroege diensten: om tien voor half zeven uur konden de mensen al in Driebergen opstappen. Opvallend is, dat er nooit een pure goederenverbinding tot stand is gebracht. Slechts zelden trok de locomotief alleen producten. De producten uit de Wijkse haven, de landbouwproducten vanuit Cothen en Langbroek en ook de post werden bijna altijd gewoon gekoppeld aan de personencabines.

Ontsporingen

    Vertragingen werden vooral veroorzaakt door ontsporingen. In 1913 deed zich bijvoorbeeld een ernstig ongeval voor. Door omstandigheden was de tram van achttien over acht tien minuten te laat uit Wijk vertrokken, een verlies dat de machinist dacht te kunnen inhalen, door vol gas te geven. Echter bij de Paardenhoeve ontspoorde de locomotief en deze sleurde het rijtuig in zijn val mee. De machinist en stoker liepen ernstige brandwonden op door ontsnappend stoom. De conducteur en reizigers kwamen gelukkig met de schrik vrij. Tot negen uur 's avonds bleef de verbinding wel gestremd. In de krant uit die tijd werd het ongeluk ook geweten aan de slechte onderhoud aan de rails en trams.

Klachten

    Slecht onderhoud was de besturen van Wijk, Cothen en Langbroek toch al een doorn in het oog. De rijtuigen waren zeer gebruikersonvriendelijk en regelmatig waren er klachten. Het zijlijntje was voor de OSM echter al steeds minder interessant. Nadat de verbinding in het begin aardig wat reizigers kreeg te verwerken, liep dat aantal echter al snel terug. Met gemiddeld tussen de drie en zes reizigers was de lijn niet echt goed bezet en als er geen grote bedragen binnenkomen, gaat er natuurlijk ook niet teveel uit.
    In 1919 deed het Wijkse stadsbestuur nog een pogin de tramverbinding te verbeteren. Zij vroeg de OSM ook na zeven uur 's avonds nog een tram te laten rijden. De maatschappij berekende dat dit zes gulden per dag zou kosten. Toen Cothen en Langbroek geen heil in dit plan zagen en dus niet meebetaalden, hield ook het Wijkse stadsbestuur de hand op de knip.
    Ook dienden de verschillende gemeentebesturen in dit jaar nog maar eens een verzoek in bij de minister om de aanleg van de al in de vorige eeuw gewenste treinverbinding voor elkaar te krijgen. De minister vreesde echter, dat de lijn niet rendabel genoeg zou zijn en wees dus het verzoek af.

Busverbinding

    De ondergang van van de tram kwam wel in zicht. De Werkhovense rijwielhersteller Johan de Jong kreeg in 1922 toestemming om een busverbinding te beginnen tussen Wijk en Utrecht. Ook A.J. Blom en C.A. Winkelaar uit Wijk bij kregen deze toestemming. De gemeente kende deze ondernemers zelfs een subsidie toe van honderd gulden.

Het afscheid van de tram werd door de bevolking als een trieste gebeurtenis ervaren. Twee meisjes houden een rouwkrans vast.
Foto uit: 'Wijk bij Duurstede van 1900 tot nu', Van Geyt Productions, Hulst.


    In feite betekende deze ontwikkeling het einde van de tram. Al snel reden er aardig wat bussen tussen Wijk en de omliggende plaatsen. Een busreis was sneller en comfortabeler. De OSM gooide dan ook de handdoek in de ring. Op 31 maart 1931 begon machinist H. Schuurman ('Hein van de Tram') aan de laatste rit. Sommige Wijkenaren zagen de tram met pijn in het hart vertrekken.
    Een rouwkrans begeleidde de laatste rit en op de wagens stonden leuzen als 'Ach nu ga ik weg van hier', 'Ik moet afscheid nemen' en 'Adieu Wijk'. De tijd van de tram was echter voorbij, de toekomst was aan de bus.

Terug naar de 700 jaar index pagina.