700 jaar stad Wijk bij Duurstede

Vijftig jaar strijd om aanleg Amsterdam-Rijnkanaal

Wijkse Courant 2 augustus 2000

    Wijk bij Duurstede - (door Frank Brouwer) Ongeveer op een kilometer afstand van de oude binnenstad ligt de kruising van het Amsterdam-Rijnkanaal en de Lek. En splitsing die voor veel Wijkenaren heel gewoon is. Echter deze plek ligt er eigenlijk pas kort. Vandaag in de serie historische verhalen over de stad de geschiedenis van het Amsterdam-Rijnkanaal.

    In zijn boek uit 1951 over Wijk bij Duurstede betoogt H. Hijmans eigenlijk terecht, dat de waterwegen voor de geschiedenis van de stad weinig tot niets hebben betekend. Ja, Dorestad dankte er zijn bestaan en ondergang aan en waarschijnlijk heeft de ligging van de rivier ook de positie van de burcht, die later werd uitgebouwd tot kasteel Duurstede, bepaald. En het is zeker zo dat de stad, qua ligging en karakter, een rivierplaatsje is geworden, maar van grote economische invloed is de grote rivier nooit geweest.
    Vanaf het moment dat grote Rijnstroom begon te vervallen tot een beetje sullig stroompje, had Wijk eeuwen geen drukke, doorgaande verkeersverbinding meer. Zo werd de stad bijvoorbeeld bij het ontwerpen van een groot Nederlands spoorwegennet overgeslagen en een verkeerslagader door het aanbrengen van een brug is deze plek ook nooit geworden.

Adviesrapport

    Voor het verkeer op de grote rivieren was de stad eigenlijk ook niet meer van belang. De naam Wijk bij Duurstede werd voor het eerst weer eens genoemd in een rapport van J. van der Toorn , hoofdingenieur van de waterstaat. In 1880 schreef Van der Toorn een adviesrapport over het verbeteren van de scheepvaartverbinding tussen Amsterdam en de Boven Rijn. Het hoofd van de waterstaat stelde voor het kanaal tussen Amsterdam en Utrecht te verbeteren en vanaf Utrecht een nieuw kanaal te graven, dat bij Tiel op de Waal moest aansluiten en bij Wijk bij Duurstede de Lek moest kruisen.
    Het aanpassen van het rivierennet aan de eisen van de tijd was in de laatste decennia van de negentiende eeuw een belangrijk onderwerp. Het plan van Van der Toorn was een van de vele en kreeg als naam 'het plan Wijk bij Duurstede' mee.
    In 1881 bleken maar liefst twaalf plannen tot verbetering van het rivierenstelsel op tafel te liggen, de grote discussie kon gaan beginnen. Vele ministers en commissies zijn uiteindelijk over de plannen gaan nadenken. In het parlement en ook in verschillende raadshuizen zijn felle discussies gevoerd. De strijd zou een halve eeuw (vijftig jaar dus) gaan duren. In 1924 werd de laatste commissie ingesteld, de commissie Van Limburg. Veertien plannen werden bekeken, drie ervan waren echt serieus. Behalve het 'plan Wijk bij Duurstede' waren het 'plan Vreeswijk' en het "Gelderse Valleiplan' belangrijke kandidaten. Het ene plan ging uit van een route van Amsterdam, naar Utrecht en dan via Vreeswijk naar de Waal. Een ander voorzag in het graven van een kanaal van Amsterdam naar Amersfoort en dan via Veenendaal en Wageningen naar Hien.

Werkzaamheden aan de Prinses Irenesluis.

Mussert

    Een van de belangrijkste voorstanders van zeg maar de Wijkse variant was overigens de toenmalige hoofdingenieur van de provinciale waterstaat in Utrecht, ir. Anton Mussert, die vooral bekend is geworden door zijn kwalijke rol in de Tweede Wereldoorlog.
    Uiteindelijk viel in het eerste kwartaal van 1931 de beslissing. In de staatscourant van 27 maart van dat jaar werd een nieuwe wet gepresenteerd aangaande de scheepvaartverbinding van Amsterdam naar de Boven Rijn. Het uit 1880 daterende plan van Van der Toorn had gewonnen, het nieuwe kanaal kwam langs Wijk te liggen.

Sluizen

    In 1933 begonnen de werkzaamheden aan het nieuwe kanaal. Als eerste werd begonnen met de aanleg van twee sluizen. De eerste kwam te liggen ter hoogte van het dorp Ravenswaaij. Deze doet alleen dienst bij extreem hoog water. De tweede, die bij Wijk werd gegraven, was belangrijker. Deze diende (en dient) echt om het verschil in waterpeil te overbruggen.
    Reeds voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog was de sluis bij Wijk bij Duurstede in gereedheid gebracht. De oorlog zorgde ervoor, dat de in gebruikname nog enkele jaren diende te worden uitgesteld. Het graven aan het kanaal duurde eindelijk tot 1952. In dat jaar konden de werken feestelijk worden geopend.
    De bouw van de sluizen zorgde in de jaren dertig overigens voor veel noodzakelijk werk. Het waren dejaren van crisis en werk was schaars. Het zware werk bij de sluizen betaalde ook nog eens goed.
    Waar in die tijd twaalf gulden per week al een mooi salaris was, betaalde het werk aan de sluizen vijftien gulden in de week. De vele werklozen stonden dan ook in de rij om waar plaatsen open vielen voor vers bloed te zorgen. Het werk aan de sluizen was zwaar. Het verhaal van de arbeider die, na 36 uur onafgebroken te hebben doorgewerkt, vroeg of hij mocht gaan slapen, kan hier wel even genoemd worden.
    Het antwoord van zijn voorman was keihard: " Je kunt gaan. En terugkomen hoeft niet, want slapers kunnen we hier niet gebruiken."
    Al snel na het openen van de vaarroute werd er alweer begonnen met een nieuw gedeelte sluizen. De tweede sluis, aangelegd voor de duwvaart, werd in 1965 geopend. Zo ontstond er een complex dat de grootste binnenvaartsluis van Europa genoemd mag worden.
    De aanleg van het kanaal heeft verder niet betekend, dat Wijk extra verlevendigd werd. Al voordat het kanaal offlcieel geopend werd, voert Hijmans al aan, dat de sluis met alle mogelijke bedrijvigheid, te ver van de oude stad af lag, om een grote rol van betekenis te vervullen.
    Plannen om meer met het water te doen kwamen er wel. Het structuurplan Dorestad, uit 1966, was niet alleen de opzet voor de groei die onze stad tot de dag van vandaag doorvoert, ook werd er gesproken over het aanleggen van enkele insteekhavens aan het kanaal bij het ook te ontwikkelen industrieterrein. Ervan uitgaande, dat het kanaal sterk verbreed zou worden, was de aanleg van twee zogenaamde insteekhavens mogelijk, net als de verdubbeling van het sluizencomplex.

Langshaven

    Niet alle plannen uit het structuurplan Dorestad zijn echter uitgevoerd, die van de havens zeker niet. Wel is de gemeente al jaren bezig met de aanleg van een zogenaamde Langshaven. Hier moeten de bedrijven worden gevestigd die nu nog in het oude haventje aan de stad hun werkzaamheden uitvoeren. De realisering van de Langshaven komt inmiddels steeds dichterbij. Binnen nu en een paar jaar moet alles zijn gerealiseerd.
    Om de betekenis van het water voor de stad echt te vergroten moet de oude haven bij de stad daarna worden omgetoverd tot passantenhaven.

Terug naar de 700 jaar index pagina.