700 jaar stad Wijk bij Duurstede

Denkend aan Wijk

Theaterstad

      Laatst zat ik in de wachtkamer bij de dokter en naast mij zat een meisje dat ik nog kende van vroeger. Op dat moment kwam de gedachte bij mij naar boven dat mijn jeugddroom, om op mijn vijftiende levensjaar al een beroemd acteur in Amerika te zijn, echt niet was uitgekomen en dat ik nog steeds in dat gat Wijk bij Duurstede woonde en dat meisje naast me ook. Geboren en getogen in Wijk en toch heb ik altijd het streven gehad om het ver buiten Wijk te schoppen. Ik ben nu 22 en inmiddels woon ik niet meer bij mijn ouders, maar nog wel in Wijk.
      Al zolang ik me kan herinneren wilde ik acteur worden. Ik was dol op theater en zodra ik hoorde dat er in Maastricht een toneelschool bestond, was ik vastbesloten om later die opleiding te gaan doen. Ik ging op zoek naar een plek waar ik met mijn liefde voor toneel terecht kon. Toentertijd waren mijn ouders en ik ervan overtuigd dat er in Wijk bij Duurstede helemaal geen vereniging, club of school was waar je elke week met theater bezig kon zijn. Daarom vertrok ik naar Utrecht en ik sloot mij aan bij de jeugdoperettevereniging Rivieren en Dichterswijk. Elke week brachten mijn ouders me naar de repetitieruimte aan de Croeselaan en vier maal per jaar hadden we een voorstelling in de Stadsschouwburg van Utrecht. Toen ik de baard in de keel kreeg, vonden ze mijn stem zo akelig klinken dat ik de rest van mijn tijd daar moest playbacken.
      Daarna ging ik naar de Jongeren Theaterschool van De Hogeschool voor de Kunsten, ook in Utrecht. Naar de tonleelschool ben ik nooit gegaan. Pas op mijn 17e kon ik eindelijk in Wijk bij Duurstede iets met theater doen. Karel Schneider kwam bij ons thuis om aan mijn ouders toestemming te vragen of ik in mijn examenjaar van de Mavo de rol van Jonathan in De Wijkse Kater mocht spelen. Dat was uiteraard geen probleem en toen ging het theaterballetje in Wijk rollen. Het jaar daarop speelde ik de rol van Harold in de comedy Harold and Maud bij de Wijkse toneelvereniging Toverdo. Hierna ben ik musicalproducties bij Stichting Karakter gaan doen. Mijn enige zangervaring op dat moment had ik opgedaan met het inzingen van een nummer op 'De Enige Echte Lang Zal Die Leven cd' van de Antonius Mavo in 1992.
      Maart vorig jaar begon ik met de repetities van De Koning van Katoren. In deze 'muziekproductie' zat geen liedje voor mij, maar omdat ik het zingen erg leuk was gaan vinden vroeg ik Karel om er toch een liedje voor mij in te proppen. Halverwege de repetities kreeg ik verkering met Maaike van Dam en via haar kwam ik terecht bij de theaterschooi van Roel Tijhof. Zij waren ook met een theaterproductie bezig voor Wijk 700 en vroegen mij of ik het leuk vond om de rol van Sancho Panza in de musical Don Quichotte te spelen. Ik was druk bezig met 'De Koning', maar deze musical leek mij zo leuk dat ik besloot om de vrije tijd die ik nog over had hier aan te wijden. Daarnaast werd ik ook benaderd door toneelgroep GRAS om de rol van Petruchio te spelen in Shakespeare's Getemde Feeks en toen mijn baan bij Endemol stopte vroeg de moeder van mijn vriendin of ik haar wilde helpen met de productie van het Wijkse jazzfestival.
      Inmiddels is alles alweer achter de rug. In maart eindigde het samenwerken met veel nieuwe vrienden aan De Koning van Katoren en helaas eindigde ook de fantastische ervaring met de musical Don Quichotte. De getemde feeks is inmiddels alweer getemd en het jazzfestival staat in de kast te wachten op het tienjarig bestaan in 2001. Ik ga lekker op vakuntie naar het buitenland en voor het komende seizoen heb ik nog helemaal geen plannen. Wie weet verhuis ik volgend jaar wel naar Amerika.
      Overigens hoorde ik dat Roel Tijhof weer een musical gaat doen, misschien moet ik hem maar weer eens bellen. Voorlopig zijn ze in Wijk nog niet van me af en als ik de volgende keer weer bij de dokter zit dan zal ik me waarschijnlijk weer afvragen waarom ik nog steeds in Wijk zit.

Guido van Gend

Terug naar de 700 jaar index pagina