700 jaar stad Wijk bij Duurstede

Heden, verleden en toekomst liggen in Wijk dicht bij elkaar

Wijkse Courant 10 mei 2000

    Wijk bij Duurstede - (door Frank Brouwer) In het begin van deze serie historische verhalen hebben wij u in vogelvlucht meegenomen door de geschiedenis van onze stad. Via de wijzen van bewoning van duizenden jaren gelden, de Romeinse tijd, Dorestad, Wijk als dorp en de stadsrechten, waren wij al zeer ver gekomen. Nadat vervolgens enkele opvallende punten van die tijden nog eens extra naar voren zijn gehaald, gaan we weer terug naar het chronologische verhaal. Vandaag staat de zogenaamde hedendaagse geschiedenis van Wijk centraal. We gaan kijken hoe Wijk in korte tijd van vierduizend naar rond de vijfentwintig duizend inwoners groeide.

    Na de laatste bloeiperiode onder de gebroeders Van Bourgondié werd Wijk bij Duurstede een slaapplaatsje. Een korte opleving ten tijde van de patriotten en problemen bij de intrede van de democratie, waren nog wel noemenswaardig. Echter, eigenlijk was en bleef Wijk lange tijd meer een dorp dan een stad. Tot ver in de twintigste eeuw was Wijk bij Duurstede voor sommige schrijvers niet meer dan 'een zwarte vlek in het Sticht'. De stad verkrotte de verbindingswegen waren slecht. Ook de aanleg van het Amsterdam-Rijnkanaal, tussen 1933 en 1954, bracht niet de gehoopte vooruitgang. Het kanaal gaf een prachtige nieuw waterweg, de boten kwamen veelal echter slechts lángs de stad.

Achterbuurt

    Net voor de Tweede Wereldoorlog ontstonden er wel plannen tot verbetering van de stad. Na de oorlog kon begonnen worden met de sanering van de oude Wijkse achterbuurt. Op 3 oktober 1946 keurde de gemeenteraad het saneringsplan voor de Vlierstraat, Nieuwstraat en Wilhelminastraat goed. Tussen 1947 en 1950 werden de oude huizenafgebroken en verrezen er zestig nieuwe arbeiderswoningen. De mensen die door de sloop van de oude huizen moesten verkassen, vonden veelal een nieuwe woonplek aan de Hoogstraat, waar nu ook gebouwd werd.
    De grote groei bleef na 1950 nog wel ruim vijftien jaar uit. De door de regering in Den Haag vastgestelde Tweede Nota inzake de Ruimtelijke Ordening in Nederland betekende voor het stadje een grote wijziging.

Woningnood

    Halverwege dejaren zestig kende Nederland een grote woningsnood. Binnen de Randstad was bijna geen plek meer om te bouwen. Berekend werd onder andere, dat in de stad Utrecht alleen al vijftien duizend woningzoekenden moesten worden teleurgesteld. Ook in de regio Heuvelrug was behoefte aan uitbreiding en bijna geen ruimte. In 1965 werd besloten, dat Wijk als zeg maar opvangplaats voor de woningzoekenden moest dienen. Er werden plannen gesmeed. Zo verscheen in 1966 het 'structuurplan Dorestad'. Dit plan ging uit van een groei tot dertigduizend inwoners in het jaar 2000. In het plan werd geconcludeerd dat Wijk sinds de zestiende eeuw slechts voor een klein gebied een verzorgingsfunctie had behouden. Deze dreigde, doordat Utrecht voor de mensen steeds beter te bereiken werd, overigens ook verloren te gaan.

Snelwegen

    Om het grotere Wijk bij Duurstede aantrekkelijk te maken, repte het plan van een aantal maatregelen in het wegennet. Allereerst moest de verbinding Utrecht-Wijk worden verbeterd. Ook moest er een snelweg Haarlem-Hilversum komen, die bij Wijk over de rivier moest gaan. Aan de noordkant van de stad moest dan de snelweg Vlaardingen-Gouda richting Arnhem worden aangelegd. Tenslotte moest Wijk gaan profiteren van een verbeterde weg tussen Schalkwijk en Leersum. Gelukkig is van aansluiting van snelwegen en met name van de aanleg van de brug niets terecht gekomen.
    Het plan ging verder uit van een in drie fasen gekenmerkte groei en de aanleg van een industrieterrein. Fase een van de nieuwbouw betrof de woonwijken De Engk en de Frankenhof. Langs de Steenstraat was toen al van enige woningbouw sprake geweest. In 1968 werd het bestemmingsplan voor de bouw van 640 huizen goedgekeurd en kon met de bouw worden begonnen. Omdat pas in dejaren tachtig met het gedeelte achter het huidige stadskantoor kon worden begonnen, kon het plan 'De Engk' pas in 1988 definitief als voltooid worden beschouwd.

Met grote voortvarendheid werd de uitbreiding van Wijk bij Duurstede ter hand genomen.

De Heul

    In 1971 werd ondertussen het bestemmingsplan voor de tweede fase goedgekeurd. Toen kon worden begonnen met de bouw van De Heul. In deze woonwijk ontstonden 1005 woningen, die eind 1975 allemaal gereed waren. Met de voltooiing van De Heul was overigens in Wijk genoeg gebouwd voor de regio.
    De volgende uitbreidingen hadden geen regionale functie, maar konden dienen voor de Wijkenaren zelf. Het tweede gedeelte van deze tweede fase betrof de bouw van De Noorderwaard. In 1974 werd hiervoor een bestemmingsplan afgerond. Dit nieuwe plan diende als vervanging van het plan uit 1956, waarin het gebied nog als fruitteeltgebied werd aangemerkt. In 1976 kon met de bouw worden begonnen. Pas tien jaar later werd het laatste stukje van deze wijk opgeleverd.

De Horden

    In 1977 lagen de plannen voor het laatste gedeelte van deze tweede fase klaar. Inmiddels was al duidelijk geworden, dat de in het structuurplan 'Dorestad' genoemde aantal van dertigduizend inwoners in 2000 een beetje aan de hoge kant was. Ondanks dat werd De Horden wel de grootste uitbreiding. In 1978 werd met de bouw begonnen, die eigenlijk in 1986 had moeten worden afgerond. Echter, zoals wel vaker in Wijk duurde de bouw weer wat langer. Pas in 1993 was deze woonwijk volledig afgebouwd.
    Inmiddels waren de plannen voor wat voorlopig (?) de laatste grote uitbreiding zal zijn al klaar. Eigenlijk wilde de gemeente ten oosten van de Kromme Rijn gaan bouwen in het gebied tussen de Rijndijk en de Amerongerwetering moest dan De Geer verrijzen. De provincie koos echter voor het gebied ten noorden van de Romeinenbaan. Nadat de provincie beloofde de kosten voor het omleggen van de Romeinenbaan te betalen, was dit voor de gemeente ook een mogelijkheid. In 1994 kon met de bouw van de Geer worden begonnen, de laatste fase is op dit moment nog niet afgerond. Intussen is de gemeente overigens ook verrijkt met enkele duizenden andere nieuwe inwoners. De drang tot gemeentelijke herindeling koppelde de dorpen Cothen en Langbroek in 1996 dan ook definitief aan Wijk bij Duurstede.

Binnenstad

    Naast alle nieuwbouwprojecten is in de loop der jaren ook de nodige aandacht gegeven aan de oude binnenstad. Dit gedeelte moest het centrum van de stad blijven. In 1973 kwam er een vernieuwingsnotitie voor het verpauperde gebied. Een notitie waar niet alle mensen blij mee waren. Na een tegenrapport van de inwoners werden de plannen aangepast.
    De historische binnenstad werd vanaf dat ogenblik ook weer op de juiste waarde geschat en kon gaan uitgroeien tot een echt centrum van een prachtige plaats.
    De vele nieuwbouwplannen vormden overigens ook een prachtige verbinding met oude tijden. Voordat er gebouwd werd, konden namelijk op grote manier opgravingen worden gedaan. Tijdens de opgravingen die van 1968 tot 1971 hebben geduurd, is zeer veel meer duidelijk geworden over het rijke verleden van de stad. Zo werd veel meer duidelijk over bijvoorbeeld de ligging van Dorestad. Aan de Romeinenbaan werden verder weer resten van bewoning ten tijde van de Romeinen gevonden. Heden, verleden en de toekomst bleken in het stadje dan ook dicht bij elkaar te liggen.

Terug naar de 700 jaar index pagina.