700 jaar stad Wijk bij Duurstede

Plaatselijke heerser besliste over leven en dood

Wijkse Courant 26 april 2000

    Wijk bij Duurstede - (door Frank Brouwer) Gelukkig is in ons land de doodstraf al heel lang afgeschaft. In vroegere eeuwen was het ter dood brengen van misdadigers heel gewoon. Ook in Wijk bij Duurstede zijn mensen ter dood gebracht. Vandaag in de geschiedverhalen van de jarige stad aandacht voor een van de manieren uit vroeger tijden om mensen ter dood te brengen. Vandaag hebben we het over De Galg.

    In Nederland wordt vandaag de dag overal in naam der koningin op dezlefde wijze rechtgesproken. In de Middeleeuwen was er van zo'n eeenduidig rechtssysteem echter geen sprake. De vele lokale heersers hadden allen in hun eigen gebied zich de rechtspraak, zeg maar, toegeëigend. Ook verschilde het per plaats hoever de macht van de lokale heerser ging.
    In die tijd was WIjk bij Durstede een zogenaamde hoge heerlijkheid. Dit hield in, dat de plaatselijke heerser ook mocht beslissen over leven en dood. Simpeler gezegd, Zweder I van Abcoude mocht, toen hij in de dertiende eeuw de baas werd in Wijk, recht spreken en daarbinnen ook de doodstraf uitspreken.

Galgenbergjes

    Hoge heerlijkheden waren te herkennen aan het feit, dat binnen het rechtsgebied een galg was geplaatst. Ook in Wijk bij Duurstede stond dus in de Middeleeuwen ergens een galg. Volgens de traditie stond de galg vaak op een opvallende, iets verhoogde plek, de zogenaamde galgenbergjes. Vaak waren deze plekken dan weer voorchristelijke heidense plaatsen. De galg stond op een plek die voor de mensen bekend was als een verdoemde plek binnen het gebied. De gehangenen mochten vervolgens ook weer niet op een kerkelijke plek worden begraven.

Galgenbergjes

    Over de plaats waar de Wijkse galg zou hebben gestaan, ontstond in de jaren zeventig van de vorige eeuw een heuse discussie tussen twee plaatselijke (amateur)historici. Het was de heer Kits Nieuwenkamp die de discussie begon, door te beweren dat de galg aan het eind van het nu nog bestaande Euvenpad had gestaan. Daar waar dit pad de Middelweg kruist lag vroeger inderdaad een boomgaard die de naam 'de Galg' had.

Illustratie van de Franse graficus Jacques Callot, door een amateurhistoricus ten onrechte aangeduid als 'de galg van Wijk bij Duurstede'.

    De namen Euvenpad en 'de Galg' zouden volgens Kits Nieuwenkamp verwijzen naar vroeger gebruik. De naam de galg is dan makkelijk natuurlijk, maar ook voor de naam Euvenpad had de schrijver een op het eerste oog een plausibele uitleg. Hij zag het begrip Euven als een samengaan van twee dialecten, het oud-Saksisch en het oud-Nederfrankisch. Euven zou dan stammen van euvel of ook wel 'uvil' dat iets van slecht of kwaad moest betekenen. Het ver verbasterde woord Euvenpad sloeg dan ook op het pad der slechteriken, de ter dood veroodeelden.
    Het was de heer Rouppe van der Voort die tegen de uitleg van Kits Nieuwenkamp in verzet kwam. Het feit dat de akker op de hoek Middelweg-Evenpad de naam 'de Galg' had meegekregen zou volgens Rouppe van der Voort geen bewijs leveren. Veel dorpen en steden hadden wel een stuk grond op een opvallende kruising met de naam Galg of Galgakkertje. Dit betekende echter lang niet altijd, dat daar ook in het verleden een galg had gestaan.

Kapel

    Verder dacht deze schrijver, dat de naam Euvenpad in zijn geheel niet verwees naar duivelse zaken. Euvenpad zou een verbastering van Overpad zijn en dan slaan op de weg die liep van de Wijkersloot naar de nieuwe weg, genaamd Middelweg. Omdat ook in de bronnen nergens werd gesproken van een galg aan de Middelweg werd het verhaal van Kits Nieuwenkamp naar het rijk de fabelen verwezen. Volgens Rouppe van de Voort bracht de kaart van de ook in deze verhaallijn al eerder genoemde Jacob van Deventer uitkomst. Behalve een zeer gedetailleerde kaart van het Wijk van destijds stond op deze kaart uit de zestiende eeuwe ook een stuk van de Lekdijk getekend met onder andere de hierlangs staande kapel en op enige afstand van de stad, maar wel langs de Lekoever een galg. Plaatsing aan de rivier lijkt heel logisch. Zo stond de galg goed in het beeld van langsvarende schippers en werd weer het afschrikkingeffect bereikt.

Hellebaard

    Een paar maanden na zijn eerste artikel vod Rouppe van de Voort in een toevallige vondst van een visser uit Doorn een extra stuk bewijs. Tijdens het visssen in het Amsterdam-Rijnkanaal vond de man uit Doorn een uitstekende punt in de oever. Toen hij deze uit de grond wilde verwijderen bleek het te gaan om een middeleeuws wapen, een hak- of stootwapen, een zogenaamde hellebaard. Een hellebaard was het wapen van een middeleeuwse schildwacht. Rouppe van de Voort verklaarde de vondst van het wapen juist op die plek, door te verwijzen naar het feit dat bij een galg altijd de wacht werd gehouden. Dit zou dan het wapen van een der wachters zijn geweest.
    Naast de tegenartiklen van Rouppe van de Voort kreeeg Kits Niieuwenkamp ook nog commentaar op de door hem bij zijn artikel gebruikte illustratie. Met als onderschrift 'de galg bij Wijk bij Duurstede' stond afgebeeld een plaatje van de Franse graficus Jacques Callot (1592 - 1635). De plaat was afkomstig uit een serie die Callot had gemaakt over de verschrikkingen van de Dertigjarige Oorlog. De afgebeelde galg was niet meer dan een boomtak met daaraan opgehangen mensen en leek in geen enkele zin iets met de Wijkse situatie te maken te hebben.

Terug naar de 700 jaar index pagina.