700 jaar stad Wijk bij Duurstede

Markante historie Grote Kerk (2)

Wijkse Courant 05 april 2000

    Wijk bij Duurstede - (door Frank Brouwer) In het eerste deel van de historie van de Grote Kerk op de Markt, vorige week gepubliceerd, stond het uiterlijk van het gebouw centraal. Vandaag nemen we een kijkje in de kerk. Naast het uiterlijk van de kerk is ook de geschiedenis van het innerlijke gedeelte interessant te noemen.

    Neem bijvoorbeeld het orgel. De laatgotische orgeltribune stamt al uit de vijftiende eeuw. Het is een overblijfsel van het orgel dat voor het eerst wordt genoemd in een rekening van het Sacramentsgilde uit 1468. In de zestiende, zeventiende en achttiende eeuw werd er ook aan het orgel van alles bijgebouwd en weer afgebroken. Het huidige aangezicht werd in de loop van de achttiende eeuw door Albert Kiespenning gecreërd. Het binnenste gedeelte van het orgel# werd later, in 1819, nog wel eens veranderd.

Het interieur van de Grote Kerk aan de Markt.
Illustratie uit Wijk bij Duurstede, geschiedenis en architectuur, Uitgeverij Kerkebosch BV, Zeist.

    Casper Froedrichs verwijderde toen de twee middelste panelen van het orgelbalkon en plaatste in het gat een kleine orgelkast. Bij de restauratie die begon in 1968 werd de kleine orgelkast weer verwijderd. Van de toen vrijgekomen onderdelen is nu het huidige koororgel gemaakt. De restauratie vergde nogal wat, want deze werd na twallf jaar sleutelen pas in 1980 voltooid.

Klokken

    Een ander deel met een historisch verhaal zijn de klokken. In de toren hangen nu nog vier luidklokken. De eerste werd al in 1506 opgehangen. Toen werd er dus nog gewerkt aan de toren. Deze eerste klok, luisterend naar de naam Maria-klok, is van de hand van Wilhelmus de Wou. Hij is ook de maker van twee van de drie andere klokken uit respectievelijk 1515 en 1519.

Het zestiende-eeuwse orgel van de Grote Kerk.

    De vierde klok is bijna twee honderd jaar jonger. Deze stamt uit 1717 en is van de hand van J.A. de Grave. Het torenuurwerk is in 1668 gemaakt door Bartholomeus Wijnbron. In 1889, 1937 en enkele maanden geleden nog is dit stukje van de toren nog gerestaureerd en gemoderniseerd. Aan de klokken van de toren hangt overigens een mooi verhaal. In augustus 1942 kondigden de Duitse bezetters aan, dat zij de klokken zouden vorderen. Voordat dit gebeuren ging, werd aan de predikant G.G. Molenaar beloofd, dat hij nog eenmaal de klokken mocht luiden. Van de laatste geluiden mocht dan weer een bandopname worden gemaakt, zodat de klokken toch nog in de herinnering konden voortbestaan.
    Op 19 januari 1943 werd bekend, dat de gevluchte kroonprinses Juliana het leven had geschonken aan een dochter: prinses Margriet was geboren. Predikant Molenaar besloot daarop de kerkklokken te luiden. Tegen de bezetters vertelde hij, dat de beloofde geluidsopnamen nu werden gemaakt. Inderdaad zijn er toen bandopnamen gemaakt. De klokken zijn echter nooit verwijderd, omdat dat technisch te ingewikkeld bleek. Zo zijn de klokken van de Wijkse kerk de enige die geluid hebben bij de geboorte van prinses Margriet.
    Van het luiden der klokken zijn overigens ook daadwerkelijk opnamen gemaakt. Deze opnamen zijn na de oorlog zelfs op een grammofoonplaat gezet en aan de koningin aangeboden.

Wandtekst

    Tijdens de restauratie die aan het einde van de jaren zestig begon, werd op de oostwand van het dwarsschip een unieke wandtekst ontdekt. Tot de restauratie was van het bestaan van de tekst niets bekend: men dacht dat de kalklaag daar altijd aanwezig was geweest. De tekst was in de zogenaamde Antwerpse vertaling aangebracht en somde de tien geboden op. Blijkbaar was de tekst net voor het aanbrengen van de kalklaag aangebracht. De verf van de tekst was namelijk nog doorgelopen in de kalklaag. Op het moment dat de verhullende laag werd aangebracht, was de verf dus nog niet droog geweest. De tekst is tamelijk uniek te noemen, omdat hij stamt uit de tijd zo dicht voor de reformatie.
    Binnen de kerk zijn nog tal van andere unieke en zeer oude voorwerpen te vinden. Tot het kerkinventaris behoren ook een drietal kronen, vijf achttiende eeuwse wapenborden, vijftien kussens ook uit de achttiende eeuw, enkele zeer oude bijbels (onder meer uit 1649 en 1748), een kanunnikenbankje en twee koorbanken.

Gezicht op de Grote Kerk en de toren, litho Bouwkundig Weekblad, 25 maart 1893.

Grafstenen

    Tegenwoordig lioggen voorin de kerk ook enkele grafstenen. Deze zijn op die plek neergelegd tijdens het aanleggen van de vloerverwarming.
    Oorspronkelijk lagen ze verspreid in de kerk. Begraven in de kerk is iets dat tot het begin van de negentiende eeuw gewoon was voor de rijkere mensen. Zij die het konden betalen kochten voor hun laatste rustplaats een stukje in de kerk. Voor het 'gewone volk' was er een begraafplaats. Overigens is er nnoit een begraafplaats pal naast de kerk geweest. Deze was aan de Steenstraat, op de plaats waar ooit de concurrent van de kerk had gestaan.

Terug naar de 700 jaar index pagina.