Truus
in Schotland (1996).
Al
verscheidene malen ben ik naar Schotland geweest, maar zelden kwam ik verder
dan mijn oude vriendin Ann, die net ten zuiden van Glasgow woont. Dit keer
wilde ik ook het noorden zien, en de Highlands en de eilanden. Hiertoe had ik
mij een abonnement “Freedom of Scotland” aangeschaft, waarmee ik 8 dagen uit 15
kon reizen op alle treinen en veel boten.
Bovendien had ik twee leden
van de vereniging “Women Welcome women” (WWW) geschreven met de vraag of ik ze een
bezoek kon brengen, en beide nodigden me uit er tevens te overnachten.
Donderdag 19 september.
Via
London Heathrow ben ik naar Aberdeen gevlogen. Op Heathrow gigantische
afstanden afgelegd, inclusief de bus naar een andere terminal. In Aberdeen
eerst naar de stad, om het spoorboekje af te halen. Eindelijk kon ik
gedetailleerde plannen maken! Vervolgens naar Nairn, waar ik allerhartelijkst
werd ontvangen bij WWW-lid Audrey. Ik zal informatie over Veilig Verkeer
Nederland (VVN) opsturen. Voor zover zij weet kent Schotland zo’n vereniging
niet. Acties als “Wij gaan weer naar school” zouden er geen overbodige luxe
zijn!
Vrijdag 20 september.
Per
trein naar Inverness, zonder het abonnement te gebruiken. Een drukke stad,
anders dan ik verwacht had. Onderdak vinden was lastig, doordat veel
pensionnetjes geen alleengaanden accepteren; dat is niet efficiënt qua kosten.
De uiteindelijk gevonden hospita beperkte de conversatie tot het hoogst
noodzakelijke: “Daar is de badkamer.”, “Hier is je sleutel.” en “Als je wat te
vragen hebt kun je op die deur kloppen.”
Toch
anders dan de beschrijving van de Tourist Information van gastvrijheid zo warm als
een loeiend turfvuur.
Heel leuk is
Balnain House; home of the
Zaterdag 21 september.
Per
bus naar Durness, in het uiterste noorden, en terug. Deze dienst wordt in de
zomer uitgevoerd, en vertrekt om 9 uur van het busstation. Terug 19:25 uur. De
bus rijdt eerst naar Ullapool, waar hij een half uur blijft staan, zodat je
rond kan kijken. Dan via smalle wegjes langs de kust naar Durness, door
indrukwekkende landschappen.
Ik
was diep onder de indruk van een jongeman uit Man, die in de bergen ging
wandelen. Alleen, en naar zijn eigen idee met weinig bagage; 25 kg ervoer hij
als licht. Het moet toch heerlijk zijn jezelf op die manier te kunnen redden.
Ik heb er later nog vaak aan gedacht.
Zondag 22 september.
Per
trein naar Kyle of Lochalsh. Het uitzicht onderweg was adembenemend. Een
pendelbus bracht me naar Kyleakin, maar verder was er op Skye in verband met de
zondagsrust geen openbaar vervoer. Derhalve huurden de gezamenlijke buspassagiers
een taxibusje. In Portree splitsten we op, om elkaar vervolgens overal tegen te
komen. ‘s Avonds zat ik aan tafel met Susdua uit Buenos Aires en Robyn uit
Australië; een intercontinentaal gezelschap! Volgens Susdua is het momenteel in
Argentinië geen probleem lid te zijn van Amnesty, maar de sociale vangnetten
worden in hoog tempo doorgeknipt. Zij ontwikkelt leerstof voor
milieu-onderwijs. Robyn zit in de olie, en is door haar werk zeer bereisd.

Maandag 23 september.
Susdua,
Robin en ik hadden besloten gezamenlijk een auto te huren, om Skye verder te
verkennen. Robin reed; die is in Australië het links rijden gewend. Verder voegde
Cherry uit Hawaii zich bij het gezelschap, zodat we met vier continenten in de
auto zaten. In de loop van de dag begon mijn van huis meegenomen verkoudheid me
weer parten te spelen. ‘s Morgens kon ik nog genieten van de woeste panorama’s
en de vele ruïnes. Na het bezoek aan Dunvegan Castle, waar ze overigens de
beste pie serveren die ik ooit heb geproefd, had ik het echter wel gehad, en
bleef bij de bezienswaardigheden in de auto zitten.
‘s
Avonds bezocht ik een ceilie in Portree. Eigenlijk meer een show voor de
toeristen, waar de plaatselijke jeugd mocht laten zien wat ze kon. Sommigen
waren erg goed, anderen moeten nog veel oefenen. Daarna werden prachtige dia’s
vertoond. De man die de boel aan elkaar praatte was erg goed; qua type de
ideale voorzitter voor een vereniging.
Dinsdag 24 september.
Met
de boot naar Lochmaddy op het eiland North Uist. Een enerverende reis, want het
was ruig weer. Alle keren dat het water over het schip heen sloeg, hoorde je in
de keuken het geluid van brekende koppen en schotels. Ik kon er nog niet om
lachen; nog nooit ben ik zo zeeziek geweest. Wetende dat mij dezelfde dag nog
een bootreis wachtte, heb ik na aankomst zeeziektetabletten op de kop getikt.
Deze werken 24 uur, en zouden zeer effectief blijken. Maar ook wie een
slaapmiddel nodig heeft, kan ik deze “sealegs” aanbevelen.
Per
bus ging de reis via Benbecula naar LochBoisdale op South Uist, waar de boot
naar Barra vertrekt. Deze eilanden zijn onderling met dammen verbonden zijn.
Vanwege het slechte weer werden beide andere passagiers tot aan de voordeur gebracht.
Een woeste rit, waarbij de chauffeur de helft van de tijd achterom keek, en ik
me met al mijn handen vast moest houden. Het laatste deel van de rit werd per
auto afgelegd; dat gebeurd wel vaker als er maar één passagier is. De chauffeur
hiervan moest een week later zijn busrijbewijs halen. Nee, niet op het
vasteland. Maar hier was het moeilijker, want je moet doen of er rotondes zijn,
en stoplichten, en doen alsof het druk is.
De
bootreis naar Barra verliep voor mij plezieriger, ik leek de enige die niet
zeeziek was.
|
|
Woensdag 25 september. Nadat
ik bij de plaatselijke GP (=huisarts) penicilline had gehaald voor mijn
inmiddels ontwikkelde bronchitis, ging ik per bus het eiland verkennen. Nergens in Schotland heb ik zulk goed
openbaar vervoer aangetroffen als op Barra. Zelfs hebben de drie
busmaatschappijen een gezamenlijke dienstregeling, en gebruiken ze dezelfde
kaartjes. Wel is de dienstregeling erg ingewikkeld, en veranderd hij elke week
omdat rekening moet worden gehouden met het tij. De vliegtuigen, die op het
strand landen, kunnen alleen bij laag water binnenkomen, en het voetveer naar
North Uist alleen bij hoog water. Mijn
eerste rit maakte ik per postbus, waarbij ik er achter kwam dat dit minder
romantisch is dan het lijkt. Een klein busje met heel veel hele kleine
stoeltjes geeft je echt het idee dat je als postpakket vervoerd wordt. ‘s
Middags ging ik met de schoolbus het eiland Vatersay rond, dat met een dam
met Barra verbonden is. Omdat een ieder werd thuisgebracht, heb ik elk huis
op Vatersay gezien. |
Donderdag 26 september.
Om
onderweg nog wat te zien, nam ik de dagboot naar Oban. Dankzij de “sealegs”
werd ik echter niet alleen niet ziek, maar sliep de gehele reis als een roos.
In Oban was het leuk om door het “colloseum” te wandelen, maar niet leuk dat
ook hier veel pensionnetjes geen alleengaanden accepteren. Op Skye had het ook
al moeite gekost onder dak te komen. Ik had er een beetje genoeg van, en dook
de jeugdherberg in. Van het prijsverschil kon ik uitgebreid dineren.
Vrijdag 27 september.
Per
trein naar Mallaig en terug, over de “meest romantische spoorlijn ter wereld”.
In Crianlarich moest ik een uurtje wachten, waardoor ik een stukje van het “West Highland wandelpad” kon lopen. Volgens
een bord aan het begin is deze route alleen geschikt voor zeer ervaren
bergwandelaars, die weten hoe hun kompas werkt, extra eten en drinken meenemen,
en die de officiële routebeschrijving + kaarten uit hun hoofd kennen.
Desondanks heb ik het overleefd.
In
Mallaig had ik maar een paar uur, maar vlak bij het station was van alles te
zien. In een groot zeeaquarium kon je niet alleen alle plaatselijke vissen
bekijken, maar ook worden voorgelicht hoe ze te vangen. En in het
heritage-centre kon gezien worden hoe de mensen op de eilanden vroeger leefden.
Zaterdag 28 september.
Omdat
British Rail staakte, ging ik per bus naar Glasgow, en vandaar naar Motherwell,
waar Ann me afhaalde. We gingen direct door naar een groot concours in
Gleneagles, een super chique manege, met op de toiletten marmeren wasbakken,
geparfumeerde zeep en geparfumeerde handcrème, ja zelfs geparfumeerde
zakdoekjes.
Heel
leuk om te zien waren de pony-games. Allemaal estafette-achtige spelletjes,
waar de kinderen op en af galopperende pony’s sprongen of het niets was, en
tussendoor opdrachten uitvoerden als zaklopen en evenwichtsbalk. Deze games vormen
hier een aparte tak van sport.
Ik
werd ondergebracht in de gastenkamer van Ann’s aanleunwoningcomplex. Zij mag
hier wonen omdat ze reumatische artritis heeft. Zij woont hier futuristisch,
met equipement als een automatische ketelkantelaar, een stoel met lanceerinstallatie,
en overal alarmdraden.
Zondag 29 september.
‘s
Morgens naar de manege waar Ann les geeft. Zij is één van de beste instructeurs
waarvan ik ooit les heb gehad. Zij kan dan niet meer goed uit de voeten, haar
ogen en stem zijn nog prima.
‘s
Middags ging de reis weer naar Gleneagles, waar wij ons weer niet hoefden te
vervelen.
Maandag 30 september.
Weer
naar de manege de hele dag. Doordat Ann ook stagiaires begeleid, kon ik een
idee krijgen hoe de Britse instructeursopleiding er uit ziet. Toch wel
uitgebreider dan bij ons!
|
Dinsdag 1 oktober. Een
hele reis vandaag, naar Plockton, waar de televisieserie Haemish MacBeth is
opgenomen. Ik wilde hier geweest zijn, in de hoop dat als van de winter
Haemish weer wordt uitgezonden ik aan mijn vakantie herinnert wordt. In
eerste instantie leek dit geen succes. Volop ‘’vacancies”, maar ook hier een
zeer geringe bereidheid een eenling in een tweepersoonsbed te leggen. Door
dit staaltje van korte termijn winstbejag zal Schotland voor veel
alleengaanders geen geschikt vakantieland zijn. Mijn dag werd beter toen de
landlord van een pension dat ècht vol zat nog een adres achter het station
wist, en me er zelfs in zijn Rols Royce naar toe bracht. |
|
Woensdag 2 oktober.
Op
mijn laatste dag in de Highlands maakte ik vóór het ontbijt een wandeling door de
heuvels, en ging na het ontbijt zeehonden kijken in een bootje op het meer. ‘s
Zomers zal Plockton misschien een toeristenval zijn, maar ik kan er niets aan
doen, ik heb er mijn hart aan het landschap verloren heb. Ik wil er beslist
weer eens heen, en dan langer.
‘s
Middags reisde ik af naar Stonehaven, waar ik verbleef bij WWW-lid Sue.
Donderdag 3 oktober.
Al
met al ben je toch een volle dag onderweg. Tot Aberdeen een overvolle trein; je
zit dan in het bewoonde deel van Schotland. Mijn wens om zeker op tijd te zijn,
had natuurlijk tot gevolg dat ik uren op het vliegveld zat te wachten. En
Heathrow had ik op de heenweg al genoeg gezien; je loopt er werkelijk
kilometers. Maar ach, wat wil je, terugreizen zijn niet leuk. En het is toch
heerlijk weer in je eigen bed te slapen!
Terug naar de homepage van Sjak en Truus.