Ameland. Ponykamp met honden (zonder pony’s).
Truus heeft lang
pony’s gehad, en het was haar niet ontgaan dat het optrekken met Dex veel
overeenstemming heeft met het mennen van een pony. Maar toen ze nog pony’s had,
ging ze bijna elke zomer wel op ponykamp, waar
motivatie van mens en dier weer eens tot ongekende hoogte werd opgeschroefd.
Jammer dat zoiets voor honden niet bestaat.
Niet? In de
mailgroep “Wandelgroep
de viervoeters” stuurde werd een laaiend enthousiast verslag ingestuurd van een workshop vakantie op Ameland. Toch een soort ponykamp, maar
dan met honden. En zonder corvee, wat op onze leeftijd ook niet onplezierig is.
Zelfs Sjak zag
het zitten, want hij was al sinds we getrouwd zijn niet wezen vissen. Als Truus
zich met Dex bezig zou houden, kon hij zich weer eens aan deze hobby wijden. En
wie weet zou hij voor de groep een maaltje vis kunnen verschalken.
Alles onder
controle, en op een mooie maandagmorgen togen we richting Ameland. Truus geeft
hieronder een verslag van dag tot dag.
Maandag
|
|
Op tijd van
huis, want Dex had nog nooit zo lang in de auto gezeten, en we hadden een
lange pauze gepland. In het Kuinderbos, waarvan we ontdekt hadden dat er een hondenlosgebied
is. We kwamen er de “familie Churchill” tegen; een hele
roedel Engelse Buldogs. Klein maar stevig. Dex had er respect voor. Door naar
Friesland dan, en met de boot over naar Ameland. We werden ingekwartierd in
bungalows, waarbij de honden in de kamers mochten slapen. Voor Dex helemaal
nieuw, want die ligt normaal gesproken buiten. |
We vroegen ons
dan ook vertwijfeld af of hij de hele nacht zou piepen en janken, dan wel dat het
’s nacht een potje vrij worstelen zou worden om hem uit het bed te houden. Maar
zover was het nog niet, want eerst mochten de honden met elkaar kennis maken. Hetgeen er heftig aan toe ging, want er moest wel even een
rangorde vastgesteld worden. Dex meende hierbij nogal de macho te moeten
uithangen, en hoefde in eerste instantie niemand boven zich te dulden. Meer
branie dan dat hij leiderskwaliteiten heeft. En met de herder Cujo was het
helemaal nog niet uitgemaakt. Die twee gingen elkaar nog een beetje uit de weg.
Ons avondeten
kregen we in een restaurant, waar we met een volkswagenbusje naar toe gebracht
werden. De honden bleven zolang in kennels. Het eten was trouwens super lekker.
Erna kregen we onze eerste theorieles, gericht op het beter leren begrijpen van
je hond. In een voormalige melkstal. Met de honden er bij. In eerste instantie
was het niet direct rustig in het lokaal, en dat lag niet aan de mensen, want
instructeur Klaas leidde zijn roedel met vaste hand.
Dinsdag.
De nacht verliep
rustig. Althans in zoverre dat Dex keurig op zijn deken lag te slapen. Wel had
iedereen het er over dat het erg gehorig was. Waar ik geen last van had, want
ik draag altijd oordopjes als ik naast mijn snurkende echtgenoot lig.
De eerste
praktijklessen, waarvoor we met het busje tot nabij het strand werden gebracht.
Met negen man en negen honden. Creatief stapelen.
In het vervolg
was het de bedoeling dat er niet meer tegen de honden gepraat mocht worden. Een
hond is meer op beweging gericht dan op geluid, en communiceert van nature
vooral met lichaamstaal.
|
Al snel liet
iedereen zijn hond komen en zitten met gebaren. Wonderbaarlijk hoe snel ze
dat door hebben. Maar als je nu de aandacht wilt trekken? Als je hond niet
kijkt, hoe bereik je hem dan? En daar zit hem nu net de kneep. Als je hond je
als roedelleider erkent, houdt hij jou wel in de gaten. Doet hij dat niet,
dan zul je er dus aan moeten werken dat hij je als leider gaat erkennen. Een
hulpmiddel daarbij is dat je alleen nog maar uit de hand voert. Elke keer dat
je hond kijkt, krijgt hij een brokje. Niet kijken is niet eten. Ook
leiderschap loopt door de maag. |
|
Dex is niet
zozeer gehecht aan eten, en dat was een nadeel. Op een gegeven ogenblik had ik
me een stuk van de groep verwijderd, en denk maar niet dat hij zich zorgen
maakte.
De theorie werd
ook weer niet vergeten. Die liep als een rode draad door de hele week.
Woensdag.
Wat vroeger uit
de veren dit keer, en met het busje naar het bos, waar we na een korte wandeling
een picknick ontbijt kregen. Inclusief spek en eieren. Aldus gesterkt konden we
het “niet trekken aan de lijn” gaan oefenen. Trekt de hond, dan sta je stil.
Kijkt hij om, dan ga je als beloning weer lopen. Tot hij weer stopt. Na een
poosje ben je er niet meer tevreden mee dat hij omkijkt, maar wacht je tot hij
ook een stapje terug doet. En op den duur kom je pas weer in beweging als hij
naast je komt staan. Het laatste was overigens niet voor vandaag, want zo snel
heb je nu ook weer niet resultaat. Dit was meer een oefening voor thuis.
’s Middags
werden we ergens afgezet, en mochten we zelf aan de hand van een
routebeschrijving de weg naar huis opzoeken. En onderweg zelfstandig oefenen
wat we geleerd hadden.
Donderdag.
Voor mijn gevoel
zat mijn hoofd al vreselijk vol met informatie, maar er kwamen nog steeds
oefeningen bij. De looprichtingverwachting van je hond frustreren. Als je zo
vaak van richting veranderd dat hij niet meer weet
waar je heen wilt, gaat hij op een gegeven ogenblik netjes naast je lopen.
Makkelijker om op het strand te oefenen dan op een bospad of op straat. Maar er
moet thuis toch ook een veldje te vinden zijn.
Slalommen om elkaar heen, waarbij de honden de verleiding moeten weerstaan om
elkaar in de haren te vliegen. En nog meer, maar het was wat te veel om te
onthouden. Gelukkig heb ik het leerboek (“de hondenfluisteraar”) thuis in de
kast staan.
’s Middags
gingen we naar een lang stuk strand. Niet echt les dit keer, maar er werd
stevig doorgelopen, en je moest maar zien dat je onderweg oefende. Inmiddels had iedereen geleerd correcties te geven door te
grommen en te “bijten”, maar de weinige omstanders verbaasden zich kennelijk
nergens over.
|
|
In eerste instantie
had ik niet in de gaten hoe moordend het tempo was, en nam de tijd om
schoenen en sokken uit te trekken, en Dex mee de zee in te lokken. Dex meent
dat hij niet kan zwemmen, en ik hoopte dat hij daarmee zou beginnen als ik
voor hem uit liep. Maar toen hij een paar flinke golven over zich heen had
gekregen, zag hij het helemaal niet meer zitten. |
Dex van slag.
Aha! Daar zag Cujo zijn kans om hem eens even in te peperen dat hij hem niet
als ranghogere erkende. Waarna Dex helemaal ontdaan bij het vrouwtje kwam
uithuilen. Ik had overigens inmiddels andere
problemen, want ik werd trillerig en licht in het hoofd. Een te laag
bloedsuikergehalte waarschijnlijk, en niks te eten bij
me. Gelukkig had ik wel flink wat water bij me, en door dat op te drinken trok
ik ook een beetje bij. Al raakten we wel steeds verder bij de groep achterop.
’s Avonds na het
eten werd er nog gezellig wat gedronken. Maar ik was bekaf, ging vroeg naar
bed, en sliep in een oogwenk. En werd half wakker toen Sjak ook in bed kwam.
Die had wel stil gedaan zeg, ik had hem helemaal niet gehoord. Maar toen ik
mijn hand uitstak, voelde ik opeens een harige poot. De eigenaar waarvan ik uiteraard hardhandig uit bed heb gebonjourd.
|
Vrijdag. Toen ik om een
uur of half zes terug kwam van de wc, bleek Dex op mijn plaats te liggen. Een
grom en een snauw, en hij wist zijn plek weer. De rest van de “bewoners” van
de bungalow trouwens ook. De laatste les
praktijkles alweer, en een evaluatie met voor iedereen een persoonlijk
advies. En nog een film over wolven. Dat spaart Klaas het al te lang afscheid
nemen. Terug naar huis weer. En daar aan de slag. Zoals Klaas het zegt: je
moet de trainer van je hond zijn, en niet de cursist die doet wat de leraar
zegt”. |
|
En dat maaltje
vis? De hengel is er niet aan te pas gekomen. Sjak vond het hondengebeuren veel
te interessant.
Nog meer
verslagen van mensen die deze cursus hebben gevolg.
Een jaar later
ben ik met Jans ook naar Ameland geweest. Hiervan heb ik geen uitgebreid van
dag tot dag verslag gemaakt. In principe was het programma hetzelfde als het
jaar ervoor. Met Jans was het uiteraard toch heel anders, en de theorie is
boeiend genoeg om nog een keer tot je te nemen. Het was goed te merken dat ik
Jans al een poosje met de stap-methode aan het trainen was, want ze deed het
heel goed. Al had ze ook wel eens haar eigen agenda. Maar het uitgangspunt dat
de africhting van een hond drie jaar duurt, dus dat het niet allemaal direct
perfect hoeft te zijn, geeft een hoop rust.
Het is fijn te
weten dat we als baas-hond combinatie op de goede weg zijn, maar waar ik ook
heel blij mee ben, is dat ik meer inzicht kreeg in het toch niet zo tere
zieltje van onze Jans. Mijn indruk dat het het een dominante tante is, werd
voluit bevestigd. Ze kan worden gekarakteriseerd als een echte alfa-teef. Eerst
legde ze de twee aanwezige teven (toevallig beide labradors) op hun rug, en
vervolgens hakte ze alle reuen in de pan die het waagden haar te willen
versieren. Dat ze graag beweegt wist ik al, en ook dat liet
ze uitgebreid zien. Toen de herdershonden (vier stuks) hun typische herderlijk gedrag vertoonden, namelijk keihard rond de groep
sjezen om deze bij elkaar te houden, deed Jans gezellig mee.
Op de
"puzzeltocht" op woensdagmidag, had ik een labrador te veel. Een
bruine jongedame had kennelijk besloten dat ze Jans eerder als roedelleidster beschouwde
dan haar eigen vrouwtje. Een echt leidingzoekend exemplaar, dit chocolaatje. 's
Morgens begon ze Jans op te zoeken, en ging dan op haar rug liggen en de
mondhoeken van Jans likken. En nu volgde ze Jans door het duin. Omdat de meeste
andere deelnemers langs het strand waren gelopen, liep ik daarlangs terug, en kwamen we de
ongeruste eigenaresse gelukkig tegen.
Verder:
eigenlijk is het niet mogelijk uit te leggen wat je in zo'n
week allemaal meemaakt, en wat er gebeurt met de
manier waarop je tegen honden aankijkt. Wie het echt wil weten, moet het zelf
gaan ondervinden.
Terug naar Gehoorzaamheidsles.
Terug naar de avonturen van Dex en Jans.
Terug naar de homepage van Sjak en Truus.