Oefening 1
- Het gestrekte been tot ongeveer 10 cm van de onderlaag opheffen, dit vijf tellen volhouden
en terug. Na vijf tellen rust het gestrekte been opnieuw ongeveer 10 tellen vast houden, dit
10 tellen volhouden en terug. De oefening wordt telkens met vij f tellen verlengd, totdat
spierpijn wordt gevoeld of de 60 tellen zijn bereikt.

Oefening 2
- De knie en het bovenbeen opdrukken door het been met kracht te strekken, dit 5 tellen vast
houden en weer terug. Na 5 tellen rust de knie en het bovenbeen opnieuw opdrukken door
het bovenbeen met kracht te strekken. De oefening wordt vervolgens te lkens met 5 tellen
verlengd, totdat spierpijn wordt gevoeld of de 60 tellen zijn bereikt.

Oefening 3
- Het been strekken door de strekspier van het bovenbeen aan te spannen (de knieschijf
optrekken), en de tenen optrekken, deze stand vijf tellen volhouden en daarna ontspannen.
Na vijf tellen herhalen.

Oefening 4
- Het gewicht van de grond optillen door het been volledig te strekken, dit 5 tellen vol houden
en weer terug. Na 5 tellen rust de oefening herhalen. Wanneer deze oefening zonder moeite
10 maal kan worden herhaald, mag deze oefening worden verzwaard door het gewicht
aan de voet met een halve kilo te vergroten (tot maximaal 5 kilo).
Oefening 5
- Het lichaam langs de deurpost of de wand, naar beneden laten glijden, totdat de bovenbenen
horizontaal zijn (zithouding), deze stand volhouden totdat spierpijn wordt gevoeld en weer
terug. Deze oefening mag pas worden gedaan als de voorgaande oefeningen zonder
moeite kunnen worden uitgevoerd.
