|
Inleiding:
|
|
De 4 brillen van Leesbaar Landschap |
Onderstaand een beschrijving van het landschap volgens de 4 brillen methode:
De verticale samenhang:
De ondergrond bestaat over het algemeen uit een afsluitende kleilaag op een dik pakket veen, dat op zijn beurt weer rust op fijn zand. De bovenlaag is een getijdenafzetting en bestaat hier uit zware klei die weinig of geen kalk bevat. Als gevolg daarvan is hij slecht bewerkbaar en voornamelijk in gebruik als grasland. Op enkele plekken, onder meer bij gemaal Hertog Reijnout, ligt tussen het kleidek en het veen nog een zandlaag. Als gevolg van klink ligt het gebied laag: 0,3 meter beneden NAP.
De horizontale samenhang:
Het slotenpatroon in dit gedeelte van de polder Arkemheen laat een onregelmatige blokverkaveling zien. Vanaf de vroege middeleeuwen waren individuele boeren actief bezig dit Zuiderzee kustgebied, waarin allerlei kreekjes nog kronkelend hun weg naar zee zochten, te ontginnen. Het gebied is zeer vlak.
De seizoenssamenhang:
Door de lage ligging wordt dit gebied in herfst en winter bezocht door grote aantallen trekvogels. Zomer en voorjaar uiten zich vooral in de groentinten.
De historische samenhang:
Heel vroeger waren hier geen dijken. Bij vloed overstroomde het land met zeewater en bij eb viel het land weer langzaam droog. Er ontstonden kreken, waarin het zeewater opkwam en weer wegstroomde. In de late middeleeuwen wierpen bewoners dijkjes op om de zee tegen te houden, met daarin schotten op de plaats waar kreken waren. Die schotten werden bij vloed door het opkomende zeewater dichtgedrukt en bij eb kon het water uit dat schot ontsnappen. Uit die tijd stammen de bochtige slootjes, die op sommige plekken in Arkemheen nog te zien zijn. Ook uit die tijd stammen nog enkele plantensoorten, die van zout houden. Inmiddels is er al een lange geschiedenis van bescherming van land tegen de zee.
Vraag 14: Voelt u zich hier veilig, tegen de invloeden van de zee?
Na het stoomgemaal vervolgen we de ZEEDIJK in westelijke richting. Ongeveer 15 meter vóór het Laakhuisje (rechts van de dijk) slaan we linksaf (*routevariant LF9a). We volgen het fietspad langs de Laak naar het zuiden.
In de zuidoostelijke ‘oksel’ van het fietspad en de asfaltweg Bontepoort, zie je een opmerkelijk voorwerp van ‘kienhout’ dat zijn eigen verhaal vertelt! Langs het fietspad, 100 meter verder is aan een boom
land-water nivo indicator 6 aangebracht.
Lees het Landschap bij:
6. Bontepoort.
Het hoogteverschil op ons ‘Land-water nivo indicator’-bordje slaat op het weiland dat je rechts daarachter ziet. Dat is de Gelderse polder Arkemheen. Langs het fietspad stroomt het grensriviertje de ‘Laak’ en aan de overkant kijken we naar de Oosterpolder (in de richting van het uitdijende Bunschoten, dat je ziet liggen) in Eemland, dus Utrechts grondgebied. Met de Laak is iets bijzonders aan de hand. Had je al gezien dat het water hoger dan het polderland tussen twee dijkjes stroomt? De grens tussen Utrecht en Gelderland is hier langs een lineaal getrokken, met in de richting van Amersfoort nog eens een flinke knik er in. Zouden deze dijkjes er niet zijn, dan zou het water van de Laak op den duur de beide polders vullen. Kijk nog eens preciezer naar beide dijkjes.
Vraag 6: Waarom is het Gelderse dijkje lager dan het Utrechtse? Kijk nog maar even goed om je heen. Dit is een laag gebied, 20 cm –NAP. Egaal en gelijkmatig weiland. Niet dat er veel veen in de ondergrond zit, dat is maar een laagje van 30 centimeter. Verder is het fijn zand. Maar als gevolg van de lage ligging staat het grondwater hoog. Aan de horizon in oostelijke richting zie je het witte torentje van de kerk van ‘Niekark’ (Nijkerk, nieuwe kerk) aan de rand van ons Nationaal Landschap.
Mogelijk gaat de Laak hier drastisch veranderen. Het nieuwe Zuiderzeestadje ‘Laakstad’ in het groeiende Amersfoortse stadsdeel Vathorst wil zijn bewoners met hun bootjes naar het Randmeer (Eemmeer voor de Utrechtse kust en Nijkerkernauw voor de Gelderse kust) laten varen.
We vervolgen het fietspad langs de Laak naar het zuiden. Waar het pad uitkomt op de NIJKERKERWEG gaan we rechts af. Na ongeveer 400 meter rijden slaan we links af de ZEVENHUIZERSTRAAT in. De weg voert ons door Zevenhuizen. Er voorbij gaat de weg over in de OUDE ZEVENHUIZERSTRAAT. We rijden dan het oude dekzandlandschap van de Gelderse Vallei weer in.
De weg gaat over de A1 (E231). Direct daarna slaan we rechtsaf en rijden via de ZEVENHUIZERPOORT de wijk Nieuwland (Amersfoort) in. De rotonde recht oversteken, de KRUIDENDREEF, die verderop overgaat in de WATERDREEF volgen en op de rotonde aan het einde van de WATERDREEF rechtsaf slaan, de ZELDERTSEPOORT in. De rotonde recht oversteken en op de T-kruising de PARALLELWEG van de BUNSCHOTERSTRAAT linksaf slaan en die in zuidelijke richting volgen. Rechts van de weg passeren we het dorp Zeldert, gelegen op een dekzandrug.
Na circa 2,5 kilometer aan het einde van de BOELENHOEFSEWEG steken we bij het stoplicht de BUNSCHOTERSTRAAT over en volgen we verder de parallelweg van de MAATWEG. Na circa 700 meter steken we de MAATWEG over en volgen verder het fietspad aan de linkerkant ervan. Na zo’n 100 meter gaat het fietspad rechtdoor, terwijl de MAATWEG naar rechts afbuigt. Op de fietspadkruising, zo’n 200 meter verder, slaan we linksaf, en dan rechts-links de KLARISSENSTRAAT in. Op de T-kruising met de BALLADELAAN gaan we rechts af. Bij de brug ziet u
land-water nivo indicator 7.
Lees het Landschap bij:
7. Stuw Valleikanaal/Balladelaan.
We kijken uit op de 7e stuw in het Valleikanaal, 150 meter verderop stroomt het Valleikanaal in de Eem. Het Valleikanaal begint bij de Grebbesluis in de Grebbedijk langs de Rijn, onderaan de Grebbeberg in de weg tussen Rhenen en Wageningen. Het Valleikanaal werd om Amersfoort heen geleid om de historische stad te ontlasten van de grote hoeveelheden water die na regenval door de beken werden aangevoerd. De grootste beken (Lunterse Beek en Barneveldse Beek) lozen hun water nu op het Valleikanaal.
Het Valleikanaal maakt deel uit van de ecologische verbindingszone van de Utrechtse Heuvelrug, Den Treek, Heiligenbergerbeek, Verbindingskanaaltje, Valleikanaal en de Eem. Er is een vistrap gemaakt, waardoor vissen de stuwen kunnen passeren. Stroomopwaarts is de linker oever aangepast om meer en verschillende overgangen tussen land en water te maken, waardoor meer diversiteit van de natuur kan ontstaan.
Het Valleikanaal en de Eem maken ook deel uit van de Grebbelinie, een militaire verdedigingslinie waaraan al in de 16de en de 17 de eeuw gewerkt ( zie www.grebbelinie.nl)
In de tweede wereldoorlog heeft de Grebbelinie nog dienstgedaan. Aan de oostoever van het Valleikanaal werden grote stukken land onder water gezet. Het water hoefde maar 20 cm hoog te staan om vijandelijke troepen te verhinderen om deze linie te overschrijden. Door het water werd de bodem zo drassig dat paarden en voertuigen wegzakten in de modder. In de tweede wereldoorlog heeft de Grebbelinie de opmars van de vijand een paar dagen vertraagd.
Tip: op loopafstand van deze stuw ligt nu een aardig moerasje in een oude loop van de Eem. (Steek het Valleikanaal en de Ringweg over en volg schuinlinks vooruit de Hooglandseweg-Noord. Aan de rechterhand, nog vóór de Hooglandsedijk (vroeger onderdeel van Grebbelinie) ligt het langgerekte moerasje Aan de andere kant van de Kwekers weg loopt het moerasje nog dóór. Vanaf de uitzichtheuvel zie je het water uit het Valleikanaal in de Eem stromen).
Vraag 7: Nederlanders hebben een haat-liefde verhouding met water. Waarom was het water onze vriend bij de Grebbelinie?
Keer terug op de BALLADELAAN, 2e weg rechtsaf (PALADIJNENWEG), volg die tot na 2e rotonde en verzorgingshuis De Koperhorst, sla rechtsaf fietspad op (MEERKOETPAD), langs Valleikanaal, onder viaduct door, linksaf fietspad op (JAN VAN RIEBEECKPAD) tot einde, daar fietspad schuin-linksaf op, door spoortunnel. PLOTTERWEG recht oversteken. Op COMPUTERWEG rechtsaf en na 50 meter de COMPUTERWEG oversteken en fietspad HOEFSEWEG inrijden. Onder de snelweg (A1) door, fietspad gaat over in BRENNINKMEIJERLAAN (U bent nu in Hooglanderveen) en die weer in BRINK. Op de VAN TUIJLSTRAAT linksaf. Direct na de spoorwegovergang rechts het KERKPAD in, rechtsaf de OUDE VEENWEG op. U ziet daar station Vathorst, het eindpunt van deze route.
=========================
C. routebeschrijving NL Heuvelrugroute ( 37 km )
(station Amersfoort (CS), Lees het landschap bij 11, 12, 10, 9, 8 4, 3, 2, 7, station Amersfoort (CS))
NB. Het pontje bij Eemdijk vaart niet op zondag. Je kunt de route bij Eembrugge bekorten, of bij de veerpont
links omkeert maken (zie aanwijzingen in beschrijving).
De Eem
De Eem is de enige Nederlandse rivier van betekenis die in ons eigen land ontspringt (begint) en uitmondt (eindigt). De Eem is een ‘regenrivier’. regenwater op de Veluwe en de Utrechtse Heuvelrug wordt via tal van beken afgevoerd. In Amersfoort komen die beken bij elkaar en vormen samen de Eem. Daarom wordt Amersfoort ook wel ‘het afvalputje van de Gelderse Vallei’ genoemd. Al het water perste zich vroeger door de stad. Nu vervoert het Valleikanaal het water van de meeste beken om de historische binnenstad heen. Het water van de Heiligenbergerbeek voorziet de binnenstad van vers water. Amersfoort werd in het verleden geregeld overstroomd, zowel bij springvloed en noord-westerstorm als bij hoog-water in de Rijn als de dijk bij Rhenen doorbrak en de Gelderse Vallei volstroomde. Vanaf de Koppelpoort in Amersfoort ‘meandert’ de Eem naar het Raboes, waar hij in de Zuiderzee (Nu Eemmeer) stroomt. De rivier is 18 kilometer lang, ligt verscholen in het landschap en is daardoor nog tamelijk onbekend. Tijdens de DrogeVoetenRoutes ‘NL Eemland’ en ‘NL Heuvelrug’ zoeken we de rivier op en leren hem kennen.
Zo goed als de beken bij de Eem horen, hoort ook een deel van de Zuiderzeebodem bij de Eem. Bij het droogvallen van Flevoland was de stroomgeul van de Eem nog ver in de zeebodem te herkennen. De eeuwenlange ervaring van Nederlanders met landwinning uit water heeft na de sluiting van de Afsluitdijk in 1932 geleid tot drooglegging van ‘het nieuwe land’. Zuidelijk Flevoland is de laatste en grootste IJsselmeerpolder (gereed 1968) en daarmee de grootste polder ter wereld.
Start en eindpunt: het NS station Amersfoort Centraal, gelegen aan het STATIONSPLEIN in Amersfoort.
We slaan (komend uit het station) op het STATIONSPLEIN rechtsaf en volgen het fietspad langs de BARCHMAN WUYTIERSLAAN, met een bocht naar rechts, de spoorbaan over, tot aan de T-kruising met de BIRKSTRAAT. Daar rechtsaf, het fietspad volgen tot over het spoorwegviaduct. Bij de stoplichten linksaf slaan en na 50 meter weer links. Dan meteen links DE BIRKT in. Na circa 300 meter slaan we rechtsaf om de A.P. HILHORSTWEG te volgen.
We rijden de afslag SPIEKERWEG (links) voorbij en nemen de eerstvolgende kleine weg naar rechts (VERLENGDE HOOIWEG). Aan het einde daarvan is de opstapplaats ‘Soest’ van de fietsboot (Eemlijn). Daar ziet u ook
land-water nivo indicator 11.
Lees het Landschap bij:
11. Opstapplaats fietsboot Soest.
De hoogte van het weiland waarop u nu uitkijkt is 20cm + NAP. Dat komt omdat inklinking van de bodem hier geen grote rol heeft gespeeld. De (klinkgevoelige) veenlaag in de ondergrond is slechts 90 cm dik. Er onder ligt zand, er bovenop een 60 cm dik dek van zeeklei.
Het gebied heet Hilhorst. Achter u ligt De Kleine Melm aan de rivier. Daar worden roeibootjes verhuurd. U kunt op de website www.de-eem.nl een panoramafoto bekijken van dit landschap bij De Kleine Melm. Tot 1969 waterden de sloten vrij af op de Eem. Sindsdien is het peil in de sloten verlaagd. Het elektrische gemaal Kleine Melm zorgt voor dat lage waterpeil.
De sloten lopen vooral dwars op de Eem. Het weiland is vlak. Vooral de horizon valt op: Amersfoort (met TV-mast op de 45 meter hoge ‘Amersfoortse Berg’) en Soest (met de18 meter hoge ‘Soester Eng’) liggen gedeeltelijk op de Utrechtse Heuvelrug. Bergbewoners kennen wel steilere dalen, maar voor Nederlandse begrippen ligt de Eem toch duidelijk in het Eemdal. De trein van Amsterdam naar Amersfoort raast voortdurend door het landschap. Aan de overkant van de Eem zien we de boerderijen Hogerhorst (rechts) en Krachtwijk (links) op een terp liggen. Doordat de Grebbeliniedijk òm deze boerderijen heen is gelegd, liggen deze boerderijen ‘buitendijks’.
Op de plek van boerderij Hogerhorst heeft vroeger een versterkt landhuis met dezelfde naam gestaan, compleet met een grachtje. Vanaf waar u staat komt in de toekomst een fietspad langs de Eem te lopen naar een brug voor langzaam verkeer over de Eem vlak voor het gemaal Malewetering, daar kunt u straks oversteken naar Hoogland-West.
Vraag 11: Waarom lopen de meeste sloten hier dwars op de rivier?
We rijden de VERLENGDE HOOIWEG terug en slaan rechtsaf. Bij de kruising met de EEMWEG gaan we linksaf, de spoorwegovergang over. Direct over het spoor slaan we opnieuw linksaf en volgen we de HOOIWEG. In de sloten, waarlangs we rijden, zien we soms vlekken op het water, die op olie lijken.
De HOOIWEG eindigt op de PETER VAN DEN BREMERWEG, die we rechts ingaan. Op de T-kruising met de FERDINAND HUYCKLAAN rijden we rechtdoor. In het verlengde van de Ferdinand Huycklaan (naar rechts) is de oude boerderij “’t Klooster” te zien. Deze naam herinnert aan het feit dat hier vroeger het klooster Mariënhof heeft gestaan.
Aan het einde van de PETER VAN DEN BREMERWEG slaan we na het pand, gebouwd in 1737 en ANWB-paddestoel 1937 links af de KERKSTRAAT in, en direct weer rechtsaf om de NEERWEG te volgen.
Aan het einde van de NEERWEG gaan we linksaf de TORENSTRAAT in. Dit is een drukke verkeersweg, dus:
Pas op bij het oversteken!
Na circa 300 meter slaan we rechtsaf, de VELDWEG in. Bij de kruising van de VELDWEG met de Kolonieweg gaan we rechtsaf en volgen we de MOLENWEG. Bij de molen “De Windhond” ziet u
land-water nivo indicator 12.
Lees het Landschap bij:
12. Molen De Windhond
Hier kunt u beleven dat de Eem onderin een vallei stroomt. Staande op het hoogste punt van de Eng, beter nog vanuit de bovenste verdieping van de in aanbouw zijnde stellingkorenmolen ‘De Windhond’, kunt u in noordelijke richting het laaggelegen Eemdal zien liggen.
De molen stond oorspronkelijk op de hoek Molenstraat-Molenweg. Gedurende honderden jaren werd de rogge van de Eng er gemalen. Maar in de vorige eeuw verloor de molen geleidelijk aan haar functie en in 1930 wordt gestart met de sloop. In april 2007 is gestart met de herbouw. Als gevolg van de toegenomen stedelijke bebouwing kon dat niet meer op de oorspronkelijke plaats. De nieuwe locatie ligt, evenals de oorspronkelijke, op een hoog gedeelte van de Eng, hier 18,20 m + NAP.
De heuvel, waarop de eng ligt, is een onderdeel van de Utrechtse Heuvelrug, die in een ver verleden, tijdens de voorlaatste ijstijd (200.000 – 120.000 jaren geleden) door het oprukkende landijs werd opgestuwd. Dat de Soester Eng zo vlak is en naar verhouding zo laag, komt omdat dit stuk van de stuwwal bij een lokale uitbreiding van het landijs, door datzelfde ijs is overreden en afgeschaafd. Pas veel later, in de Middeleeuwen, hebben zich in Soest boeren gevestigd, die het oppervlak van die vlakke heuvel als landbouwgrond in gebruik hebben genomen. Ze hebben er vele honderden jaren hun gewassen verbouwd. Dat is af te leiden uit de dikke zwarte bovenlaag van de bodem, soms wel 80 cm, die als gevolg van de eeuwenlange bemesting is ontstaan (oude landbouwgronden).
Sedert 1992 heeft de Zuider Eng de status van beschermd dorpsgezicht. Het gemeentebeleid is vooral gericht op het verbouwen van oude landbouwgewassen en het terugdringen van de teelt van de hoogopgaande snijmais.
Vraag 12: Noem vijf oude landbouwgewassen.
We rijden de MOLENWEG verder af. Op de kruising met de MOLENSTRAAT gaan we rechtsaf, rijden we over de spoorwegovergang tot aan de kruising met de MIDDELWIJKSTRAAT. Steken die over en vervolgen de route via het WITTE PAARDSTRAATJE. Op de T-kruising
met het KERKPAD ZZ linksaf, 1e weg rechts (KRUISWEG), LANGE BRINKWEG oversteken: DE SCHANS. Deze met de bocht naar links mee volgen en daarna de eerste zijweg naar rechts nemen, de WEIDEWEG. Het spoor oversteken en op de T-kruising linksaf, de A.P. HILHORSTWEG
Doorrijdend over de A.P.HILHORSTWEG steken we de kruising met de GROTE MELMWEG over.
Bij de Grote Melm, rechts van de weg, werd in de tijd van de turfwinning in bijvoorbeeld het Soesterveen , de turf overgeslagen van de kleine ondiepe pramen naar grotere schepen, die voor de verdere afvoer over de Eem zorgden
Op de splitsing (met een doodlopend weggetje) rechtdoor, het BREEMEENTJE volgen tot in Baarn. Via een bruggetje steken we de Praamgracht over, die eind veertiende eeuw is gegraven voor de afvoer van turf naar Eem (de Grote Melm). Over de brug schuin rechts afslaan, de ZURINGLAAN in. Na circa 150 meter rechtsaf, de KOEKOEKSBLOEMLAAN volgen. Deze gaat, na zo’n 300 meter over in DE BOTTER. DE BOTTER ongeveer rechtdoor helemaal uitrijden tot na huisnummer 24, rechtsaf fietspad op. Bij het begin van de Eemerwaard het fietspad langs de Praamgracht nemen. Daar zien we
land-water nivo indicator 10.
Lees het Landschap bij:
10. Eemerwaard.
Vanuit de Baarnse woonwijk Eemdal komt u over de dijk in de buitendijkse Eemerwaard. Het fietspad loopt langs de in 1395 gegraven Praamgracht en over het voormalige oude jaagpad langs de Eem. De Praamgracht diende om de turf die in Soest en tot in Maartensdijk werd gestoken af te voeren naar Amsterdam. Bij de Grote Melm werd de turf van platbodems overgeladen op grotere schepen die de Zuiderzee opvoeren. De sloten in dit gebied liggen haaks op de rivier. Honderdvijftig meter verder kijkt u links uit op een kronkelende sloot. Dit is het restant van een kreek uit de tijd dat dit gebied nog een getijden afzettingsvlakte was, een soort kwelder. Vanuit de Zuiderzee drong de invloed van eb en vloed door. Bij vloed stroomde het gebied onder water en bij eb voerde deze geulen het water weer af naar de Eem. Daardoor bestaat de grond hier uit een 80 cm dikke laag zeeklei op een ondergrond van veen.
Vraag 10: Waaraan herkent u het seizoen?
We vervolgen het fietspad langs de Praamgracht tot aan de Eem. Dan verder langs de westoever van de Eem.
Bij een woonbotenparkje buigt het fietspad af van de Eem. Fiets om het botenparkje heen (niet de weg in die verboden is voor auto’s) en je komt aan het einde van het fietspad op de AUGUST JANSSENWEG. Rechtsaf langs de zweminrichting uit 1916, richting Roei- en Zeilvereniging ‘De Eem’.
Vlak voor de Roeiclub zie je links een tegel-fietspad, dat overgaat in een gravelpad. Dit volgen tot einde, dan naar rechts. Na 10 meter zie je een bordje ‘ZUIDERLICHT’. Daar vlakbij zie je de ingang naar het fietspad (bij rood/wit paaltje) dat weer naar de Eem leidt. Dit fietspad volgen langs de aanlegplaats ‘Baarn’ van de fietsboot Eemlijn tot het uitkomt op de EEMWEG. Rechtsaf (EEMWEG). We passeren Taveerne Eemlust en blijven de EEMWEG volgen, onder de snelweg (A1) door. Helemaal aan het einde steken we bij de stoplichten de BISSCHOPSWEG over. Aan de overkant rechtsaf slaan, richting Eembrugge. Vervolgens vlak vóór de brug over de Eem:
------------------------------------------------------------------------
naar Land-water nivo indicatoren 9 en 8; en daarna terugrijden langs bijna dezelfde weg;
of
· rechtdoor, brug over de Eem over; en de route bekorten. Sla dan na de Eem linksaf de EEMDIJK op. Lees het landschap bij Land-water nivo indicator 4 (bevestigd aan een boom) en pak de route op na de beschrijving van L-w n i 4. (Keer terug en steek opnieuw de BISSCHOPSWEG over)
Sla linksaf, Eembrugge in.
We volgen de weg langs de voormalige ocrietfabriek, waar vroeger aanrechtbladen en dergelijke van ocriet gemaakt werden. We passeren een afslag naar rechts naar het
ocrieteiland, maar gaan zelf rechtdoor en zien dan aan de linker kant van de weg het gemaal
Tydeman.
Wij slaan vóór het gemaal af naar links, en volgen de KERKEWEG.
Op de T-kruising slaan we rechtsaf en rijden we de GEERENWEG af in noordelijke richting.
(* LF9b-route!) Bij de splitsing slaan we rechtsaf (STAMMEWEG) richting Eemdijk en volgen we linksaf het pad over de Zomerdijk. Zo bereiken we het Gemaal van Eemnes, waar
land-water nivo indicator 9 te vinden is.
Lees het Landschap bij:
9. Gemaal en sluis Eemnes.
Het gemaal ligt op de zomerdijk, de sluis verbindt de Eemnesser Binnenvaart met de Eemnesser Buitenvaart. Dit is een van de mooiste plekjes van Eemland. Vanaf de sluis kijk je uit over de laaggelegen weilanden (20 centimeter - NAP).
Kijk in de sluis op de peilschalen (bij de westelijke sluisdeur en buiten de sluis aan de kant van de Eem naast de oostelijke sluisdeur) naar het hoogteverschil van het water. Hoeveel bedraagt dat hoogteverschil? Het gemaal slaat aan als het water in de polder hoger komt te staan. Op de picknicktafel en op dit bord vind je veel informatie. We zien achter het bord de Eem, misschien komt er wel een boot langs? Dan zie je een zeiltje of de bovenkant van een vrachtschip door het weiland ‘varen’. De Eem ligt verscholen in het landschap. Aan de andere kant, vanaf de picknicktafel zie je de Wakkerendijk. Dat is de winterdijk die de bevolking van Eemnes tegen het water moet beschermen. Daarachter zie je op de uitloper van de Utrechtse Heuvelrug het Gooi. De sluis is in 1993 gerenoveerd en sindsdien vaart alleen Sinterklaas 1x per jaar er door, zo lezen we op het bord.
Vraag 9: Waarom een sluis waar maar één keer per jaar een schip door vaart?
Bij het Gemaal van Eemnes gaan we via het bruggetje over de sluis in de Eemnesser Vaart meteen rechtsaf langs de Buitenvaart en vervolgens langs de Eem tot aan een uitzichtheuvel aan de linkerkant van het fietspad. Daar zien we
land-water nivo indicator 8.
Lees het Landschap bij:
8 . Uitzichtheuvel langs westoever van de Eem.
Vanaf de picknicktafel, gemaakt van hergebruikte autobanden –een mooi voorbeeld van recycling– kijken we uit op de Maatpolder. In het terrein direct voor ons, dat eigendom is van Natuurmonumenten, ligt het gras op 20 cm beneden NAP. Bij de ruilverkaveling heeft men hier, overigens net als aan de overkant van de rivier, grond afgegraven. Langs de Eem loopt een ecologische verbindingszone. Daar heeft men de dijken minder steil laten aflopen in het water.
Vraag 8: Waarom heeft men hier grond afgegraven?
Als we wat verder om ons heen zien kijken we uit op het Gooi, de uitloop van de Utrechtse Heuvelrug met plaatsen als Laren, Blaricum en Huizen. Bij de laatste ruilverkaveling werden midden in de polder nieuwe boerderijen gebouwd, waardoor de boeren hun land mooi om hun boerderij heen zouden krijgen. Eigenlijk liggen deze boerderijen ‘buitendijks’ want daarachter ligt de Zomerdijk, en de Wakkerendijk in Eemnes (nog verder naar het westen) is pas de eigenlijke winterdijk. Achter die boerderijen zien we grote windmolens, die in de voormalige Zuiderzee staan. Nog meer naar rechts zien we het dorpje Eemdijk, vroeger ‘Dijkhuizen’, dat in de buitenbocht van een enorme meander van de Eem ligt. Hier is het pontje dat op zondag niet vaart. Langs de Eem zien we een beschoeiing met daarachter water. Dat is de plasberm, waarin planten en dieren beschutting in het water vinden tegen de golven van de beroepsvaart. Door enkele openingen in de beschoeiing kunnen vissen en waterplanten van de Eem ook van deze plasbermen gebruik maken.
|
De 4 brillen van Leesbaar Landschap |
Als we ons beperken tot de directe omgeving van de uitkijkheuvel zien we een scheiding tussen een gebied dat in economische zin nog als weiland wordt gebruikt en een gebied dat verlaagd is ten behoeve van natuurontwikkeling, vol poelen en plasjes, en met een (inmiddels) ruigere begroeiing van overwegend grasachtige plantensoorten en langs de sloten ook riet. Dit maakt het punt bijzonder geschikt voor een oefening met de
4 brillen van ‘leesbaar landschap’:
De verticale samenhang:
De lage ligging (0,2 meter –NAP), samen met de natte ondergrond, bestaande uit een bovenlaag van ongeveer 50 cm klei, met daaronder tot circa 4 meter diepte kleiïg veen, en daar onder fijn zand, maken begrijpelijk dat het hele gebied in gras ligt. Duidelijk is te zien dat de grasachtige begroeiing in het verlaagde gebied gevarieerder is (meer zegge- en biezensoorten) dan in de weilanden.
Opvallend is dat het water in de nog in gebruik zijnde weilanden diep in de sloten staat, terwijl in het aan de natuur teruggegeven gebied het water grote plassen aan het oppervlak vormt. Het waternivo is daar, zo te zien, gelijk aan dat van de Eem. Het ‘echte’ weiland wordt bemalen. Daardoor is de bodem er gedaald en ligt het terrein er duidelijk lager dan in het aan de natuur teruggegeven stuk land, dat nota bene is verlaagd. Op de foto hierna is dat te zien.

De horizontale samenhang:
De horizontale samenhang bestaat in het weilandengebied uit percelen (ingezaaid) grasland, die in noord-zuid richting verkaveld zijn. De sloten zijn diep. Daardoor zijn er waarschijnlijk geen afrasteringen nodig. Het gebied moet vroeger in noordelijke richting kijkend zeer open zijn geweest, want de boerderijen, die er staan, zijn vrij recent gebouwd. De grootschalige begrenzing wordt naar het westen gevormd door de Gooise Heuvelrug. Locale grenzen worden gevormd door dijken, kades en sloten. Afrastering komt soms op korte stukjes, plaatselijk dus, voor.
In het natuurgebied is het oppervlak verlaagd, maar desondanks is het slotenpatroon nog te zien. De richting ervan is oost-west.
De seizoenssamenhang:
De seizoenen laten zich herkennen aan de kleurverschillen, met name in de groentinten. Herfstkleuren zijn vooral te zien in de erfbeplanting van de boerderijen en in de rietpluimen langs de sloten en de Eem. Andere tekenen, die samenhangen met de seizoenen zijn bijvoorbeeld de aanwezigheid en het gedrag van weide- en watervogels (broeden, trekken).
Op onderstaande foto het gebied ten noorden van de uitzichtheuvel in het najaar.

De historische samenhang:
In het historisch perspectief trekt vooral de perceelsindeling aandacht. Vrijwel overal in dit zogeheten slagenlandschap is die oost-west gericht, min of meer loodrecht op de Eem. Het weidegebied direct ten noorden van de uitzichtheuvel laat echter een noord-zuid richting zien. Oorspronkelijk was er in de nabijgelegen binnenbocht van de Eem een onregelmatige blokverkaveling, waarschijnlijk samenhangend met de ondergrond, die daar ter plekke uit kleiïge ‘rivier’slib bestaat. Pas op 6 meter diepte bevindt zich een 50 centimeter dikke laag veen. Kennelijk is het huidige patroon ontstaan tijdens de laatste ruilverkaveling.
In de rest van gebied leidde de ontwatering van de venige ondergrond er toe dat die ondergrond begon in te klinken. Als gevolg daarvan is het gebied nu een polder, die (deels) zo laag ligt, dat er bemalen móét worden. Anders loopt het gebied onder water.
De boerderijen in de polder zijn van vrij recente datum (Ruilverkaveling). De boerderijen langs de dijken daarentegen zijn zeer oud.
We vervolgen het fietspad tot de kruising met de WIGGERSWEG. Rechtsaf via het pontje over de Eem naar Eemdijk.
In Eemdijk slaan we op het kruispunt rechtsaf en volgen we (*LF9a-routevariant) de EEMDIJK. Rechts van de dijk liggen een aantal min of meer ronde meertjes. Dat zijn binnengedijkte wielen. Een fraai exemplaar ligt ~150 meter voorbij de BLOKLANDSWEG, die we links laten liggen. De ronde waterplas ligt hier links van de weg, half verscholen achter populieren en een wit huis.
Ter hoogte van Eembrugge, waar we in de verte de Bisschopsweg al kunnen zien liggen, heeft in het weiland aan de linkerkant van de EEMDIJK in het verleden het Huis Ter Eem gestaan. Op een boom aan de linkerkant van de weg is
land-water nivo indicator 4 bevestigd.
Lees het Landschap bij:
4. Huis Ter Eem.
Met de rug naar de Eem kijken we naar een grasveld met een ovale laagte om een hoger gelegen deel heen. het weiland ligt op 30 centimeter + NAP. Op deze plek heeft vroeger het kasteel Ter Eem gestaan, dat de Bisschop van Utrecht liet bouwen om deze voor hem zo strategisch belangrijke plek te kunnen beheersen. De laatste resten van het kasteel spoelden weg bij de storm van 1916/1917. De weg van Baarn naar Bunschoten heet nog de Bisschopsweg.
Deze weg was de meest noordelijke verbindingsweg naar Gelderland. Vanuit het kasteel konden de soldaten van de Bisschop zowel de weg naar Gelderland als de toegang van de rivier De Eem beheersen. Tot voorbij Eembrugge kwam de Zuiderzee bij vloed opzetten. Een groot driehoekig moerassig gebied kwam bij vloed onder water en bij eb vielen er stukken land droog tussen een reeks van kreken. Vanaf deze plek is de Eemnesser polder drooggelegd door de boeren van Eembrugge. Later vestigden zij zich aan de overkant van de rivier en nog later aan de Wakkerendijk in Eemnes, waarachter zij pas veilig waren voor de invloed van de Zuiderzee.
In de sloot onder het Land-water nivo indicator-bordje zie je vlekken op het water, die op olie lijken, uit de slootkant komen. Dat is echter geen olie, maar wordt gevormd door ijzerbacteriën die in deze grond leven. Als je een steentje in zo’n vlek gooit, ’breekt’ de vlek in stukjes, terwijl bij olie de vlek direct weer zou dichtvloeien.
Vraag 4: Waarop duidt het voorkomen van de boven beschreven vlekken op het water?
We (*verlaten de LF9a routevariant en) vervolgen de EEMDIJK, steken de BISSCHOPSWEG over (goed opletten!) en gaan aan de overkant verder langs de Eem en het gemaal De Haar via het ZUIDEREIND. Voorbij de Wilhelminahoeve rechtdoor de weg volgen (niet de LODIJK op!). Onder de A1 door, het ZUIDEREIND blijven volgen. Na ongeveer een kilometer ligt links van de weg weer een binnengedijkt wiel.
Net voor een scherpe bocht naar links ligt de Netelenburch. Er tegenover, op de dijk is Land-water nivo indicator 3 te vinden.
Lees het Landschap bij:
3. Netelenburch, Zuidereind 35.
Op deze plek in een bocht van de weg stond in 1200 al een boerderij met deze naam. De huidige boerderij is van rond 1700. De agrotaveerne Netelenburch is op zondagmiddag geopend. Er zijn roeiboten te huur.
De dijk is hier opengesteld, het is het begin van een Nivon-wandelpad over de dijk.
Het land achter deze Eemdijk ligt zo’n 40 centimeter boven NAP. Het water van de Eem staat hier lager dan bij de Koppelpoort in Amersfoort en hoger dan bij de Eemmond
We zien voor ons een eiland met riet, knotwilgen, populieren.
Vraag 3: Hoe is dat eiland hier in 1976 ontstaan?
Een eindje landinwaarts ligt het voormalige stoomgemaal Zeldert aan de Wijde Wetering.
Dit gemaal werd in de winter van 1916/1917 verwoest door hoogwater. Stukken van het gemaal werden bij Spakenburg teruggevonden op het strand. In 1952 werd het stoomgemaal vervangen door een elektrisch gemaal. Waar de wetering onder de weg doorloopt grenst Amersfoort aan Baarn. De weg heet op Amersfoorts grondgebied de’ Slaagseweg’ en op Baarns grondgebied het ‘Zuidereind’.
Voorbij de bocht ligt rechts van de weg het gemaal Zeldert. Iets verder, waar de Wijde Wetering onder de weg doorgaat, gaat het ZUIDEREIND over in de SLAAGSEWEG.
De SLAAGSEWEG met de bocht naar rechts mee blijven volgen tot het einde, waar de Male wetering de weg kruist. Vanaf dat punt heet de straat de COELHORSTERWEG. Bij de Kapel Coelhorst, rechts van de weg bevindt zich
Land-water nivo indicator 2.
Lees het Landschap bij:
2. Coelhorst
In deze kapel kerkten de eerste katholieken van Hoogland. Voor 1363 stond op deze plaats al een eerdere kapel. Na de Reformatie namen de Hervormden de kapel over. In 1843 is de kapel door hen verkocht aan de eigenaar van het landgoed Coelhorst. Hij deed eerst dienst als grafkapel van de familie Tuijll van Serooskerken en nu van de familie Beelaerts van Blokland. De begraafplaats is nog in gebruik bij de Hervormde gemeente van Hoogland. Het versterkte huis Coelhorst werd voor de Tweede Wereldoorlog door het Nederlandse leger verwoest om een vrij ‘schootsveld’ te krijgen voor het verdedigen van de Grebbelinie; en dat zelfde lot was verschillende boerderijen in dit gebied beschoren.
Na de oorlog werden voor de boeren in de plaats daarvan Waterstaatsboerderijen gebouwd, herkenbaar aan een steen in de gevel met een uit de golven herrijzende leeuw. De landeigenaar bouwde een nieuw kleiner en moderner landhuis. Het landgoed is inmiddels eigendom van Natuurmonumenten, maar niet toegankelijk. Het kerkhofje wel.
Het maaiveld van het kerkhofje ligt ~2,40 meter boven NAP. Het nieuwste gedeelte van de begraafplaats is hoger aangelegd, omdat de nieuwe wet op de lijkbezorging dat voorschrijft.
Iets verderop loopt de Male Wetering langs de Coelhorsterweg. Deze wetering voert het regenwater uit Hoogland af. Deze wetering gaat verderop onder de weg door, naar de Eem en daar zorgt het gemaal Malewetering er voor dat het water wordt geloosd.
Het landschap is hier nog een Kampenlandschap, min of meer vierkante stukken land, omzoomd met een rand hakhout. Over een paar honderd meter verandert het landschap drastisch: er groeien vrijwel geen bomen meer, het drassige land is vroeger bruikbaar gemaakt door op korte afstand van elkaar sloten te graven om het land te ontwateren. Deze sloten lopen lang door en het landschap wordt een ‘slagenlandschap’ genoemd. Vandaar verandert de naam Coelhorsterweg in Slaagseweg. Dit landschap is eeuwen geleden door onze voorouders ingericht en sindsdien door vele generaties onderhouden.
Vraag 2: Wat gebeurt er als Amersfoort hier een nieuwe buitenwijk zou willen bouwen?
We vervolgen de COELHORSTERWEG tot de kruising met de BUNSCHOTERSTRAAT. Vóór de BUNSCHOTERSTRAAT de parallelweg rechtsaf, richting Amersfoort nemen. Na ruim 700 m bij het stoplicht de BUNSCHOTERSTRAAT oversteken en volgen we verder de parallelweg van de MAATWEG. Na circa 700 meter steken we de MAATWEG over en vervolgen we het fietspad aan de linkerkant ervan. Na zo’n 100 meter gaat het fietspad rechtdoor, terwijl de MAATWEG naar rechts afbuigt. Op de fietspadkruising, zo’n 200 meter verder, slaan we linksaf, en dan rechts-links de KLARISSENSTRAAT in. Op de T-kruising met de BALLADELAAN gaan we rechts af. Bij de brug ziet u
Land-water nivo indicator 7.
Lees het Landschap bij:
7. StuwValleikanaal/Balladelaan.
We kijken uit op de 7e stuw in het Valleikanaal, 150 meter verderop stroomt het Valleikanaal in de Eem. Het Valleikanaal begint bij de Grebbesluis in de Grebbedijk langs de Rijn, onderaan de Grebbeberg in de weg tussen Rhenen en Wageningen. Het Valleikanaal werd om Amersfoort heen geleid om de historische stad te ontlasten van de grote hoeveelheden water die na regenval door de beken werden aangevoerd. De grootste beken (Lunterse Beek en Barneveldse Beek) lozen hun water nu op het Valleikanaal.
Het Valleikanaal maakt deel uit van de ecologische verbindingszone van de Utrechtse Heuvelrug, Den Treek, Heiligenbergerbeek, Verbindingskanaaltje, Valleikanaal en de Eem. Er is een vistrap gemaakt, waardoor vissen de stuwen kunnen passeren. Stroomopwaarts is de linker oever aangepast om meer en verschillende overgangen tussen land en water te maken, waardoor meer diversiteit van de natuur kan ontstaan.
Het Valleikanaal en de Eem maken ook deel uit van de Grebbelinie, een militaire verdedigingslinie waaraan al in de 16de en de 17 de eeuw gewerkt ( zie www.grebbelinie.nl)
In de tweede wereldoorlog heeft de Grebbelinie nog dienstgedaan. Aan de oostoever van het Valleikanaal werden grote stukken land onder water gezet. Het water hoefde maar 20 cm hoog te staan om vijandelijke troepen te verhinderen om deze linie te overschrijden. Door het water werd de bodem zo drassig dat paarden en voertuigen wegzakten in de modder. In de tweede wereldoorlog heeft de Grebbelinie de opmars van de vijand een paar dagen vertraagd.
Tip: op loopafstand van deze stuw ligt nu een aardig moerasje in een oude loop van de Eem. (Steek het Valleikanaal en de Ringweg over en volg schuinlinks vooruit de Hooglandseweg-Noord. Aan de rechterhand, nog vóór de Hooglandsedijk (vroeger onderdeel van Grebbelinie) ligt het langgerekte moerasje Aan de andere kant van de Kwekersweg loopt het moerasje nog dóór. Vanaf de uitzichtheuvel zie je het water uit het Valleikanaal in de Eem stromen).
Vraag 7: Nederlanders hebben een haat-liefde verhouding met water. Waarom was het water onze vriend bij de Grebbelinie?
We steken het Valleikanaal en de RINGWEG KOPPEL over en nemen het fietspad naast de HOOGLANDSEWEG NOORD (schuin links vooruit). Na het moerasje (zie tekst bij l-w ni 7), linksaf KEERKRING en rechtsaf fietspad door MERIDIAANTUNNEL in.
Dan de HOOGLANDSEWEG ZUID en aansluitend de BLOEMENDALSESTRAAT. Daarvan de tweede zijweg rechts, ’t ZAND. Voorbij de Kapel van Sint Aegten passeren we rechts het GROTE SPUI en het KLEINE SPUI, en gaan rechtdoor de WESTSINGEL op. Links over het water zien we het fraaie muurhuizencomplex van museum Flehite. Rechts passeren we Nederlands oudst bewaard gebleven bejaardenhuis, het Sint Pieters- en Bloklands Gasthuis. De uit 1536 stammende mannenzaal, ingericht naar de anno 1907 geldende normen, is daarvan nog bewaard gebleven. Daarna de tweede weg rechts, (vóór de Johanneskerk) de MOLENSTRAAT in. Aan het einde daarvan steken we de STADSRING over en volgen we het fietspad langs de VAN ASCH VAN WIJCKSTRAAT en de STATIONSSTRAAT naar het STATIONSPLEIN. Daar zijn we terug bij het begin van deze route.
======================
Antwoorden op de vragen bij de beschrijvingen in de NL DrogeVoeten(fiets)Routes:
1. Omdat de historische binnenstad van Amersfoort en het Nationaal Landschap Arkemheen-Eemland zo mooi zijn vanaf het water!
2. Dan zou de geschiedenis van dit gebied niet meer te lezen zijn in sporen die nu nog wel in het landschap herkenbaar zijn.
3. Door afsnijding van een meander van de rivier, om de Eem bevaarbaar te maken voor vrachtschepen tot 1.000 ton (=1 miljoen kilo; 1 ton = 1.000 kilo).
4. Dat duidt op kwel, dat is regenwater dat op de Gooise uitloper van de Utrechtse Heuvelrug in de bodem zakt en gedurende honderden jaren ondergronds naar hier wordt getransporteerd. Op laaggelegen plaatsen in de vallei komt dit water naar boven. Kwelwater is sterk ijzerhoudend. De olieachtige vlek ontstaat door toedoen van ijzerbacteriën.
5. Goed zo! Hier komen vooral voor: bergeend, kuifeend, wilde eend, grauwe gans, Canadese gans, kievit, blauwe reiger, kokmeeuw, meerkoet en spreeuw. In de verschillende seizoenen variëren de aantallen vogels per soort sterk.
6. De Utrechters wilden er zeker van zijn dat bij hoogwater het Gelderse land zou overstromen en niet dat van Utrecht!
7. Door grote stukken land langs de Grebbelinie onder water te zetten, werd dat land ondoordringbaar voor paarden en wagens, die zouden in de blubber wegzakken. Vijandelijke legers zouden dus hier worden tegengehouden.
8. Om een rijkere natuur te krijgen, overgangen van land naar water, water voor
watervogels.
9. De sluis is gebouwd toen Eemnes nog een eigen vissersvloot had. Nu vaart alleen de boot van Sinterklaas hier nog door naar Eemnes!
10. Kijk naar de planten. Komen ze op? Bloeien ze? Zie je vruchtjes? Zijn ze verdord?
11. In het verleden waterde het omliggende land op natuurlijke wijze af op de Eem. De sloten werden dwars op de Eem gegraven en volgden aldus de algemene terreinhelling, van de Eng naar de Eem, van hoog naar laag. Tegenwoordig wordt het grondwaterpeil laag gehouden door bemaling: polder.
12. Rogge, haver, gerst, boekweit, knollen
13. Hammetje heeft geprobeerd de oprukkende stad tegen te houden. Het is hem niet gelukt, maar hij heeft iets moois achtergelaten. Architect zal ‘zijn’ bootjes nog wel in Laakstad zien varen. De een zijn droom komt uit, die van een ander helaas niet. Maar het is mooi dat mensen hun best doen om hun dromen waar te maken!
14. De aanleg van de Afsluitdijk en van Zuidelijk Flevoland hebben de ’Zuiderzee’ getemd.
Ook de afvoer van regenwater van het land naar de Randmeren en het IJsselmeer zijn
sterk verbeterd in de afgelopen duizend jaar. U leest hier in het landschap die geschiedenis.
![]()
|
U bevindt zich op de website van Fietsen Eén Twee Drie. Onze site is volop in beweging. Stuur uw routes, suggesties, correcties en aanbevelingen aan ons toe. Onze internetadressen zijn: voor Nederland: www.fietsen.123.nl (let op de punt ná fietsen), voor België: www.fietsen123.be (zonder punt na fietsen!) en voor Europa: www.fietsen123.eu. Ons e-mailadres voor alle landen: fietsen@fietsen.123.nl Copyright © 2000-2008: Fietsen Eén Twee Drie: alles over fietsen, fietsroutes en fietsvakanties |