Optimaal Aantal Aanbieders
voor en na Zembla


Voor en na Zembla In de figuur is de situatie getekend voor en na de Zembla tv-uitzending, op 9 november 2001, over de bouwfraude. Door het wegvallen van het illegale vooroverleg zijn de onderlinge verschillen verdubbeld. De Variatiecoëfficiënt was voor de Zembla uitzending 5%, erna 10%. Dat constateerde Joost Janssen tijdens zijn afstudeerstage bij Holland Railconsult.
Het verkleinen van de verschillen wordt "bijzakken" genoemd. Voor 1992 was "bijzakken" toegestaan in het legale vooroverleg. Aannemers noemen als reden voor het verkleinen van de onderlinge verschillen: "het er netjes bijstaan". Na 1992, toen de Europese Commissie het vooroverleg verbood bleven de verschillen kunstmatig klein.
In theorie zou de gemiddelde aanbieding moeten stijgen bij het wegvallen van het bijzakken. In werkelijkheid ging na Zembla de gemiddelde aanbieding juist omlaag. Dat betekent dat tijdens het vooroverleg enerzijds de prijs werd verhoogd, anderzijds de verschillen werden verkleind. Dat weet natuurlijk na de Parlementaire Enquete Bouwnijverheid intussen iedereen. Maar belangrijk is te weten dat dit met statischische technieken ook is te traceren. Als de onderlinge verschillen nu nog klein zijn is dat een indicatie van een mogelijk vooroverleg. Al is er natuurlijk een (kleine) kans dat dit op toeval berust.
De verandering sinds Zembla betekent dat na Zembla het optimale aantal aanbieders hoger ligt dan ervoor. Er was dus onvoldoende concurrentie. Er is ruimte voor meer aanbieders.
ir. J.C. (Hans) Kuiper
Voormalig Kennismanager Bouwkosten en Bouwcontracten
MOVARES
Utrecht


E-mail uw reactie naar Hans Kuiper

terug