Er is geen enkel bewijs dat Wijk bij Duurstede het klassieke Dorestad was.
Tussen 1968 en 1978 is er door de R.O.B. gegraven: er is NIETS gevonden dat enig bewijs opleverde voor de determinatie van Dorestad ter plaatse.
Lees het uitgebreide opgravingsverslag te Wijk bij Duurstede in Spiegel Historiael van april 1978.
Zie ook de bevindingen van andere historici bij Citaten.

"Wij gaan Dorestad opgraven!" aldus Van Es, "maar we hebben het nog steeds niet gevonden".
|
De visie van Albert Delahaye.
Dorestad ook wel Dorewic geheten, was het "Vetus Wicus", het "Oudere Wicq" ofwel "Audruicq".
Wat is er gevonden in Wijk bij Duurstede?
- een nederzetting uit de 9e eeuw, al kan men bij de tijdsindicatie een vraagteken zetten, omdat de R.O.B. heeft aangetoond dat de chronologie niet zijn sterkste kant is;
- een dorp van jagers en vissers;
- een aantal munten van Dorestadum en andere plaatsen, waaruit blijkt dat de vissers het toen gangbare geld op zak hadden, dat overigens nog lang ná de 9e eeuw gangbaar is gebleven, en ook dat zij wild en vis verkocht zullen hebben;
- een gouden broche op de bodem van een waterput, waaruit blijkt dat een vrouw pech heeft gehad, wat ook geen wereldschokkend feit is;
- betrekkelijk weinig in de tijd passend aardewerk, wat het overigens voor de hand liggend feit aantoont dat de daar levende jagers en vissers gegeten en gedronken hebben.
Lees het uitgebreide opgravingsverslag te Wijk bij Duurstede in Spiegel Historiael van april 1978.
Wat missen we in Wijk bij Duurstede?
- Er is geen spoor van een Romeins castrum gevonden, wat wel noodzakelijk had moeten zijn, wil men Wijk bij Duurstede voor het Romeinse Levefano houden.
- Er is geen enkel bewijs zelfs geen zwakke aanduiding, dat de plaats al in de 7e eeuw bestond, wat wel een historisch feit is voor het échte Dorestadum.
- Er is evenmin een bewijs dat zij doorlopend tot het einde van de 10e eeuw bestaan heeft, wat de historische bronnen duidelijk zeggen. De geschreven bronnen tonen een historische kontinuïteit aan tussen de 7e en de 10e eeuw, die in Wijk bij Duurstede slechts voor een deel door vondsten is gedekt.
- Er is geen enkel bewijs aanwezig voor de konklusie dat het een handelscentrum was; de kaden zijn die van een vissersplaats, wat ook blijkt uit de gigantische hoeveelheid gevonden visgraten. Het steeds moeten verleggen van die kaden is een bewijs temeer van de transgressies.
- Er is geen enkel bewijs of aanduiding voor de internationale relaties, waardoor Dorestadum in de oude bronnen en in de literatuur bekend staat.
- Het begrip "stad" is niet te rijmen met deze zuiver agrarische nederzetting.
- Er is geen spoor van een kerk gevonden, zodat een van de voornaamste kenmerken ontbreekt waardoor Dorestadum zo bekend was.
- De nederzetting ligt niet aan het Almere, noch aan de Zuiderzee, het verkeerde Almere.
- Wijk bij Duurstede, gelegen in een toen pas opkomend gebied, dat blijkens de tekst van Kamerijk (zie "de Opkomst van ons land". ) daarna weer verloren is gegaan, kan onmogelijk een zeehaven zijn geweest; het voorland tot het buitenwater was één groot waddengebiedat zelfs niet bevaarbaar, zeker niet voor schepen die van elders kwamen.
- En wat was het achterland van deze beroemde zeehaven? Feit is, dat in de geschreven bronnen geen enkel raakpunt is te ontdekken tussen Wijk bij Duurstede en een achterland. Ook de vondst van hergebruikte wijntonnen geeft hierover geen uitsluitsel, ook al wenst de R.O.B. dat wel te benadrukken.
- Van de minstens drie malen vermelde verwoesting van Dorestadum door de Noormannen (minstens drie malen, omdat men dit in de niet alrijd heel nauwkeurige bronnen niet exakt kan tellen) is in Wijk bij Duurstede archeologisch niets gebleken. Ook dit moet als een essentieel gebrek worden beschouwd, juist omdat de historici altijd hebben beweerd, dat de totale vernietiging door de Noormannen in 863 de reden was waarom Dorestadum van de Nederlandse bodem verdween. Welk Dorestadum komt dan voor in geschreven bronnen van na 863? Waren er dan toch twee (2!!) Dorestadums, zoals archeoloog W.A. van Es in Spiegel Historiael (p.224) opperde? Deze "grap" van Nijmegen moet men niet nog eens uithalen in historisch Nederland. Deze noodsprong geeft wel aan dat Van Es er ook van overtuigd is, dat de vele gegevens niet op het "Nederlandse Dorestad" passen. Er heeft dus maar gemakshalve nog een ander Dorestad bestaan.
- In Nederland of in het Rijnland, om van andere streken maar te zwijgen, zijn tot heden geen vondsten gedaan, die enige relatie of parallel vertonen met Wijk bij Duurstede. De vondsten vormen een volkomen nieuw element in het normale archeologisch patroon van Nederland. Om hen te kunnen aanvaarden als een bewijs voor het bestaan aldaar van Dorestad, zouden zij gedekt moeten zijn door gelijktijdige vondsten in Utrecht, Nijmegen, Deventer (?), Zutphen (?). Aangenomen werd immers dat de drie eerstgenoemde plaatsen gelijktijdig en gedurende een lange periode in eenzelfde streek hebben bestaan. Utrecht en Nijmegen laten voor deze tijd volledig verstek gaan. Die tijd zou de 5e tot en met de 9e eeuw moeten zijn, om te dekken wat voor deze twee steden werd aangenomen. Er is niets! Met de bewering van Nijmegen, dat daar Karolingisch móet zitten maar dat het nog niet gevonden is, moet de Nederlandse archeologie geen tweede maal aankomen, en geen derde maal voor Utrecht, anders maakt zij zich onsterfelijk belachelijk. De uitzonderlijkheid van Wijk bij Duurstede toont derhalve onweerlegbaar aan, dat men een geheel ander naambordje aan de plaats moet geven dan dat van Dorestad.
|