Plaatsnamen in de historische geografie.

De plaatsnamen van Lorsch, tekst 25 uit "De Bisschop van Nijmegen".

Tussen 673 en 1025 bestaat een aantal oorkonden van de abdij van Lorsch en van de abdij van St. Vaast te Atrecht, waarin goederen en rechten van deze kloosters worden beschreven in de Batua. De akten bevatten 120 plaatsnamen, waarvan geen enkele in de Betuwe is aan te wijzen, omdat ze alle in Frankrijk liggen. Een groot aantal van de plaatsnamen is zo weinig geëvolueerd dat de huidige naam nog praktisch gelijk is aan de oude. Dr.P.Leupen de autheur van Het Bronnenboek van Nijmegen houdt met halsstarrigheid vol, dat de Betuwe het Eiland van de Bataven en de Batua is. Waarschijnlijk heeft hij zich tóch gerealiseerd, dat in de Betuwe vanaf de 7e tot de 11e eeuw nooit 120 plaatsen kunnen hebben bestaan. Bovendien heeft hij in die akten geen plaats of naam kunnen ontdekken, die hem steun geeft voor zijn opvattingen. Daar maakt hij geen probleem van; hij laat het eenvoudig weg, dit overstelpend namenmateriaal dat hem 120 maal tegenspreekt. Desondanks durft hij in zijn inleiding van zijn Bronnenboek te beweren, dat hij alle bronnen nauwkeurig onderzocht en gewogen heeft! De waagmeester moest de oorkonden van Lorsch wel met de voet onder het vloerkleed schuiven, want als hij deze op de schaal had gelegd, was zijn balans gesprongen. Is het al onvergeeflijk dat hij dit materiaal liet liggen, het is een wetenschappelijk misdrijf niet één woord aan de overslag te besteden van een zo rijk materiaal in geografisch opzicht over de Batua. Met andere namen, overigens slag op slag foutief geïnterpreteerd, goochelt Leupen onophoudelijk om de teksten richting Nijmegen te trekken; de 120 uit de Batua gaat hij straal voorbij. Bij al zijn verblindheid over Karolingisch Nijmegen moet men dit welbewuste bedriegerij noemen.

A B C D E F G H I K L M N O P Q R S T U V W

A

GTerug naar boven.


B

GTerug naar boven.


Bestel en lees het boek "De Ware Kijk Op" en oordeel zelf!