| Terug naar de wetenschap | Naar het overzicht in het kort. |
|
Dr.H.Halbertsma staat te boek als dè deskundige op het gebied van Oud-Friesland. Hij noemde Albert Delahaye in Elseviers Weekblad van 14 mei 1966 een "warhoofd" en zijn opvattingen "science fiction", omdat Delahaye Friesland en de Betuwe in Frankrijk wilde leggen. Dat had Halbertsma dus niet goed begrepen. Wie is er hier een "warhoofd"? Halbertsma is de archeoloog die, tegen de mening van andere archeologen in, blijft beweren dat hij te Dokkum de bron van St.Bonifatius heeft opgegraven. In zijn mening over de geschiedenis van Dokkum en de moord op St.Bonifatius ter plaatse, is hij altijd een fel tegenstander geweest van de opvatting van Albert Delahaye die dit als legendarisch beschouwde. Heeft Albert Delahaye gelijk, dan gaat de deskundigheid van Halbertsma teloor, vandaar zijn felheid tegen de opvatting van Delahaye. Halbertsma meende dat Delahaye in Klundert woonde (zie hiernaast) en dat hij van de Lauwers in Friesland misschien de Loire in Frankrijk wilde maken, iets wat Delahaye overigens helemaal nooit beweerd heeft. Wie is er dan een "warhoofd"? Uit alle opmerkingen van Halbertsma blijkt overigens dat hij van de studie van Albert Delahaye niets gelezen heeft, in elk geval niets begrepen heeft. Dat de moordenaars van St.Bonifatius vanover de Lauwers, dus uit de provincie Groningen kwamen, staat in geen enkele klassieke bron. Dat is een eigen fantasietje van Halbertsma. Wie bedrijft hier nu "science fiction"? ![]() Dokkum bestond niet in 754. ![]() Twee taferelen ui het leven van St.Bonifatius: de doop van een ongelovige en zijn marteldood. |
Volgens de traditionele geschiedenis is St.Bonifatius, de apostel van Duitsland, in 754 vermoord te Dokkum. Hoewel archeologisch en geschiedkundig is aangetoond dat Dokkum in 754 niet bestond, blijft Halbertsma beweren dat St.Bonifatius in of bij Dokkum is vermoord door lieden die vanover de Lauwers Friesland binnen vielen. Hoewel er in Dokkum of in de verre omgeving ervan, archeologisch geen spoor gevonden is uit de 8e eeuw, blijft Halbertsma aan de traditionele geschiedenis vast houden. Met een hernieuwde opgraving in 1984 meende men te Dokkum de "wijwaterput van St.Bonifatius" te hebben gevonden. Delahaye heeft altijd beweerd dat de naam Dokkum niet van Dockynchirica afkomstig is, maar door een vervalsing van een kanunnik uit het bisdom Utrecht in de 14e eeuw via de verkorting Dockninga ten onrechte op Dokkum is toegepast. Daarmee kwam St.Bonifatius als 'onderdeel' van de grote "déplacements historiques" ook op de verkeerde plek terecht. Dockynchirica was de plaats Duinkerke in Noordwest Frankrijk, vlak over de Belgische grens. Friesland en dus ook de streek van Dokkum lagen in de periode tussen de 3e en 10e eeuw een flink stuk onder water vanwege de transgressies. Bovendien is een wijwaterput een grote fabel, aangezien de Paus had verboden om met water uit putten, waar een heidens ritueel mee verbonden was, te dopen. St.Bonifatius was zeer Rome-getrouw en zal dan ook zeker nooit met water uit putten gedoopt hebben. Halbertsma kreeg in zijn opvatting steun van ene H.A.M. Andela uit Sneek, die met enige triomf meedeelde dat Dokkum op een terp ligt van wel 7 meter + NAP. en dus niet onderhevig is geweest aan overstromingen door de transgressies. Indien we de opmerking van de heer Andela goed begrijpen, dan vrees ik dat hij met deze opmerking zijn eigen stelling ondergraaft. De geschreven bronnen zeggen namelijk nergens dat St.Bonifatius IN Dokkum is vermoord, maar in de buurt van Dockinchirica en wel op de oever van de rivier de Burdine (wat bij Duinkerke de Bourre is). Met wat Andela geschreven heeft beweert hij dus dat St. Bonifatius en zijn gezellen onder water zijn vermoord. Het staat vast dat er in 754 nog geen duinen of dijken waren. Want als het niet onderhevig zijn aan overstromingen van Dokkum slechts aangetoond kan worden met een terp, betekent dat de rest van het land overstroomd was. Dan valt er niemand te vermoorden aan een rivier die er niet was. En wat viel er dan te bekeren als het land overstroomd was en dus onbewoond?
En wat schrijft Halbertsma in 1967 zelf over die put van St.Bonifatius? Er werden geen aanwijzingen gevonden dat deze put ouder is dan het laatste kwart van de 16e eeuw en derhalve niet de "fons" kan zijn, welke gedurende de Middeleeuwen het doelwit van de Bonifatius-pelgrims was. (Bron: H.Halbertsma). De zogenaamde put van Bonifatius blijkt dus niet ouder te zijn dan de 16e eeuw. De pelgrims waren, net als Halbertsma, wel erg goedgelovig. Met zoveel geloof, hebben ze de bekering door het water in de put van Bonifatius niet echt nodig. Halbertsma diende Delahaye eens van repliek en noemde als zijn woonplaats Klundert, terwijl Delahaye in Zundert woonde. Hieruit blijkt dat de door Delahaye aangetoonde verwarring tussen twee (nagenoeg) gelijk luidende plaatsnamen een alom voorkomend verschijnsel is, waarbij zeker zorgvuldigheid geboden is, anders leidt het tot onvergeeflijke fouten. Hier blijkt tevens dat Halbertsma als deskundige op het gebied van historische geografie vreselijk onderuit gaat, als hij het verschil niet weet tussen Klundert en Zundert. Hoe zorgvuldig ben je dan bij andere determinaties geweest? De fabel van Dokkum.
Aan deze bladzijde wordt nog verder gewerkt. Waarom Paus Johannes Paulus II bij zijn bezoek aan Nederland in 1985, terecht niet naar Dokkum ging. Bonifatiusbron rakelt Dokkums verleden op. Dokkum maakt zich op voor bisschop Bonifatius. Het numismatische aspect bij opgravingen in Friesland. Dokkum en St.Bonifatius, een heilige voor West-Europa. |