Terug naar de beginpagina. Naar St.Bonifatius.

Dokkum? Dockynchirica?



En ook in 1986 is de kerk van Bonifatius dus niet gevonden! Die kerk zal in Dokkum ook nooit gevonden worden, want daar is Bonifatius nooit geweest.
De visie van Albert Delahaye.
Er is geen enkel bewijs, nog tekstueel nog archeologisch, dat Dokkum het Dockynchirica was, waar Bonifatius de marteldood vond. Alles wijst erop dat Dokkum in de 8e eeuw nog niet eens bestond. Het hele verhaal van St.Bonifatius en zijn marteldood in Dokkum komt vóór de 12e eeuw nergens voor in de Nederlandse en Duitse (!) geschriften. Het klooster van Fulda is zeker niet door Bonifatius gesticht, maar pas lang ná zijn tijd.
Uit alle contemporaire bronnen blijkt dat Bonifatius nauwe banden onderhield met het Frankische vorstenhuis en al zijn handelingen ook dáár geplaatst moeten worden: in Frankrijk. Zijn aanwezigheid in Duitsland en het noorden van Nederland is één grote mythe, gebaseerd op het misverstaan van de deplacements historiques.
Het Austrasië waar Bonifatius bisschop was, lag in Francia. En dat is het noorden van het tegenwoordige Frankrijk en het midden en zuiden van Duitsland hoorde zeker niet bij Austrasië.

Het opgravingsverslag van Dokkum laat er, ondanks wat dr.H.Halbertsma beweert, geen enkel misverstand over bestaan: er is niets gevonden uit de 8e eeuw. Zie de feiten hieronder!


Wat weten we nu feitelijk echt?
In het Vita van St.Willehad, een Frankische prediker, wordt de marteldood van St.Bonifatius als eerste genoemd. Deze schrijver vermeldt niet dat Bonifatius IN Dockynchirica is vermoord, maar in de pagus Hostraga aan de rivier de Bordne. Halbertsma houdt in tegenspraak met de oudste teksten vast aan de opvatting dat St.Bonifatius IN Dokkum is vermoord. Hij begrijpt blijkbaar overduidelijk dat er in verre omgeving van Dokkum totaal niets te beleven was. Van bewoning in de verre omgeving was immers geen enkele sprake. Daar is archeologisch ook nooit enig spoor van ontdekt. Wat er dan te bekeren viel, blijft een vraag. De rivier de Bordne waar Bonifatius zijn tenten opsloeg was de Bourre vlak bij Duinkerken. Dáár vond de moord plaats, die ook geen moord was met religieuze motieven, maar een politieke moord betrof. Bonifatius werd door de Fresones gezien als een vertegenwoordiger van hun aartsvijand de Franken. De Fresones waren ook niet de Nederlandse Friezen, maar die uit het oude Fresia, te weten Vlaanderen.

Het opgravingsverslag van Dokkum.
In 1965 publiceert dr.H.Halbertsma (inmiddels aangesteld bij de ROB. te Amersfoort) een artikel in het KNOB-nieuws waarin hij beweert (citaat, p.40: ) "Onder de huidige uit de 15e eeuw daterende St.Maartenskerk gaan immers de overblijfselen schuil van Bonifatius' eerste gedachteniskerk kort na het jaar 754 gebouwd".
Let vooral om het woord 'immers'. Hieruit blijkt dat hij bij de opgravingen in de rest van Dokkum in 1960 waarbij hij op zoek ging naar deze kerk, deze dus niet gevonden is. Voor een goed verstaander is dat ook uit het hele opgravingsverslag op te maken. Het staat er immers niet in en er wordt door Halbertsma omheen gepraat. Had men sporen uit de 8e eeuw of van die kerk wel gevonden dan was dat natuurlijk breed uitgemeten in dit verslag en zou het breedvoerig in de pers zijn beland. Maar in het opgravingsverslag van Dokkum uit 1960 lezen we er helemaal niets over. We lezen iets anders en wel: "Hopelijk biedt de reeds te lang uitgestelde restauratie van dit deerlijk verwaarloosde en mishandelde monument gelegenheid met bikijzer en spade de bewijsstukken te vergaren welke ons betoog thans moet ontberen."(citaat, p.443). Dit 'deerlijk verwaarloosde en mishandelde monument' is de St,Maartenskerk, sinds de reformatie een Nederlands Hervormde kerk. Ontberen = iets missen waaraan men grote behoefte heeft. (Van Dale). Het is wel duidelijk wat dat 'iets' is. Met andere woorden: we hebben de kerk van St.Bonifatius elders in Dokkum niet gevonden, dus moet die onder de St.Maartenskerk zitten.

Bij de vakkennis van Halbertsma naar aanleiding van dit citaat kunnen enkele vraagtekens gezet worden. Met een bikijzer wil hij op zoek gaan in een eeuwenoud monument. De tand des tijds noemt Halbertsma dus "deerlijke verwaarlozing en mishandeling". Ongebruikelijke bewoordingen voor een archeoloog, waaruit wel zijn vakkennis en betrokkenheid bij historische opgravingen blijkt. Of spreekt hier een zekere vorm van ergernis uit, voortkomend uit het feit dat maar niet gevonden wordt wat zo gewenst is?

De restauratie van de St.Martenskerk.
Bij de restauratie van deze St.Maartenskerk die tussen 1964 en 1968 uitgevoerd werd, blijkt dat de oudste sporen uit de 10e eeuw stammen. Op die 10e eeuwse sporen blijkt in de 11e en 13e eeuw op deze plek een kerk herbouwd of gebouwd te zijn, tenminste volgens dat opgravingsverslag. Over die 10e en 11e eeuwse sporen is dit verslag echter heel onduidelijk. Er wordt niet vermeld waaruit die 10e en 11e eeuwse sporen bestaan en hoe men tot deze datering is gekomen. Heeft men ook hier weer iets te verbergen? Er wordt slechts gesproken over enkele teruggevonden mozaïekvloeren en de fundamenten van de oude Abdijkerk en Abdijtoren. Het is in elk geval wel duidelijk dat er geen enkel spoor is gevonden uit de 8e eeuw of van de kerk van St.Bonifatius.
En over die Abdijkerk schrijft Halbertsma zelf: "Jonger dan de wende der 12de en 13e eeuw kan deze abdijkerk ook al bezwaarlijk geweest zijn". (Citaat, p.422 uit genoemd verslag). Maar ouder? Daarover geen woord. Wel wordt vermeld dat deze abdij een Praemonstratensenklooster was (dus geen Benedictijnenklooster, terwijl Bonifatius een Benedictijn was) en bovendien een vrouwenklooster (?!?). "De stichting van het Dokkumer Praemonstratensenklooster is intussen in nevelen gehuld" (citaat, p.418), schrijft Halbertsma. "De eerste abt en stichter zou Frederik (1161-1175) geweest zijn". Al deze feiten weerleggen dat het hier om het klooster van St.Bonifatius zou kunnen gaan, maar dat het gaat om een 12e eeuws klooster van vrouwelijke Praemonstratensers ofwel Norbertijnen.
Het huidige gebouw van de St.Maartenskerk stamt uit 1590 lezen we ook, dus geen 15e eeuws wat Halbertsma eerder beweerde. maar eind 16e eeuw. Een eeuw meer of minder maakt bij Halbertsma blijkbaar niet zoveel uit. Zie over dr. Herre Halbertsma de informatie elders op deze website!
Ook is Halbertsma onduidelijk over deze Vita, waarbij afwisselend Willibald of Willehad worden genoemd, terwijl het steeds over St.Willehad zou moeten gaan. De oudste tekst die van de moord op St.Bonifatius melding maakt, is die uit de Vita S.Willehadi, waarvan de schrijver onbekend is. Willibald heeft later een Vita S.Bonifacii geschreven (laten schrijven?), maar deze vita is gebaseerd geweest op de Vita S.Willehadi. Daar is al enig verschil van inzicht te constateren. St.Willibald was (volgens de overlevering!) tot 787 bisschop van Eichstätt in Duitsland, St.Willehad was tot 789 bisschop van Brema, wat uiteraard Brêmes in Frans-Vlaanderen is en niet Bremen in Noord-Duitsland. In hoeverre St.Willibald zelf die vita schreef of dat deze op zijn naam is gezet en in hoeverre deze ongeschonden en niet aangepast aan de omstandigheden van de tijd is overgeleverd, is een nadere studie waard. Duidelijk is wel dat Dokkum hierin nergens genoemd wordt of zoals Halbertsma het zelf omschrijft: "Willibald's beweringen over de plaats van het martelaarsveld hebben menige onderzoeker in verlegenheid gebracht". "Men kan toch moeilijk volhouden dat Dokkum ooit aan de Boorne gelegen heeft!"(citaten p.395).

De tradities van St.Bonifatius te Dokkum.
In Dokkum worden een aantal tradities gehanteerd die gebaseerd zijn op volkomen ongeloofwaardige fabels. Met deze fabels wil men het gelijk van de traditie van Dokkum en Bonifatius bewijzen. Voor de goedgelovige Middeleeuwer misschien mogelijk, voor de nuchter denkende mens van tegenwoordig een complete farce. Het betreft de volgende ongeloofwaardige fabels:
  • Het corpus van Bonifatius zou na de moord over het Almere naar Utrecht gebracht zijn. Hoe men dan gevaren is, blijft geheim. Immers de Zuiderzee had in de 8e eeuw nog geen open verbinding met de waddenzee. De schedel van Bonifatius zou achtergebleven zijn in Dokkum, waar men deze nog vele eeuwen heeft kunnen vereren. Echter, en nu komt het, in Fulda waar het lichaam van Bonifatius later naar toe gebracht werd heeft men een compleet corpus. Had Bonifatius dan twee hoofden. Voor een heilige in zo'n groot missiegebied wellicht wenselijk, maar fysiek onmogelijk. Welke is nu echt? Of zijn beide schedels vals? C-14 onderzoek heeft men in Fulda steeds afgewezen, bang dat de waarheid onthuld zou worden. En als het dan toch om een 8e eeuws corpus zou gaan? Wie zegt dan dat het hier om Bonifatius gaat? Er zijn zelfs van nooit bestaan hebbende heiligen relieken bewaard gebleven. De goedgelovige Middeleeuwer nam het niet zo nauw met relikwieën. Als ze maar geld opbrachten voor moeder de H.Kerk.
  • Bij de begrafenis van Bonifatius gebeurde een volgend wonder. Toen de kist met het corpus in Utrecht aankwam en men het daar wou begraven, bleek de sarcofaag plots niet meer te tillen. Pas toen men ingevolge de wens van Bonifatius te kennen gaf zijn lichaam naar Fulda te zullen brengen, kwam er weer beweging in de sarcofaag en kon men deze verder vervoeren. Welk nuchter mens gelooft dit sprookje? Een aantal zich historicus noemende wetenschappers blijkbaar wel.
  • De Gouden Kelk van St.Bonifatius die in Fulda bewaard wordt toont al aan dat deze nooit aan Bonifatius of een van zijn volgelingen kan hebben toebehoord. Bonifatius was een Benedictijner monnik. Deze bezaten geen persoonlijke eigendommen, laat staan een gouden kelk. Hun gelofte van armoede betekende afstand nemen van persoonlijke bezittingen. Ook bezat men geen eigen boeken. Als er al boeken waren, dan waren deze eigendom van de kloosterorde waartoe men behoorde.
  • Het Evangelieboek van Bonifatius waarmee hij zich beschermde tegen de slagen van de moordenaars. Zie hiervoor het Ragyndrudis-codex dat te Fulda wordt bewaard.
  • Het paard van Bonifatius zou zich in Dokkum eens verstapt hebben, waarna er op die plaats plots een bron ontstond. Deze bron ('fons') is in Dokkum nog steeds te bezoeken, waar men het z.g. geneeskrachtige water uit tapt. Bij de goedgelovige Middeleeuwer gaat zo'n verhaal er wel in. Maar tegenwoordig? Wie gelooft die onzin nog? Blijkbaar is de traditie van Dokkum op deze verhalen gestoeld. Het is dan ook niet verwonderlijk dat een nuchter denkend mens daar tegenwoordig anders over denkt. Het is dan snel afgelopen zijn met de fabel van Bonifatius in Dokkum.
    Dat Bonifatius een paard zou hebben gehad is dezelfde fabel als het paard waarop St.Willibrord wordt afgebeeld, zowel op de Schoolplaat van Isings als op het beeld van Termote in Utrecht. Het bezit van een paard komt slechts voort uit de gedachte van het oneindig grote missiegebied dat te voet onmogelijk te behappen was. Te paard overigens net zo min. We moeten blijven benadrukken dat het hier wel gaat om de 8e eeuw!
  • De waterputjes van Dokkum vormen een verhaal apart. Zoals in een kweldergebied gebruikelijk is komt grondwater op verschillende plaatsen aan de oppervlakte. Dat werden de 'bronnen' van Bonifatius, waarvan het water geneeskrachtig zou zijn. Ging het hier om zoet of wellicht zout kwelderwater? Dit zoutkristallen bevattende water zal wellicht een enigszins 'oppepende' werking gehad hebben, maar geneeskrachtig? Het was en is nog steeds water om te drinken, niet om te dopen! Maar doopte Bonifatius met water uit putjes? Gezien de regels van Rome, en Bonifatius was zeer Rome-getrouw, is dit uitgesloten. Het dopen uit putten en bronnen die toch een zekere sfeer van heidense rituelen uitstraalden, werd strikt afgeraden door de Paus.
  • De stenen broden van Dokkum. Toen Bonifatius van de plaatselijke bakker in Dokkum eens geen brood kreeg, zou hij zijn broden in stenen hebben veranderd. Deze stenen 'broden' zijn in Dokkum nog steeds te bewonderen. Maar wie gelooft zo'n verhaal nu nog, zeker als je weet dat Bonifatius geen haatdragend man was en zeker een andere oplossing bedacht zou hebben om aan brood te komen. Zo'n onchristelijke daad toeschrijven aan Bonifatius maakt de mythe van Dokkum nog verdere ongeloofwaardig.
  • Het omhakken van een 'heilige' eik. Nog zo'n ongeloofwaardig verhaal. Bonifatius zou een heilige eik in enkele slagen hebben omgehakt. De plaatselijke bevolking stond erbij en keek ernaar en liet Bonifatius maar begaan. Geen enkel verweer van hun kant, blijkbaar bevreesd door de hulp van boven die Bonifatius kreeg. Want wat gebeurde? De boom werd plots ontworteld, vloog door de lucht en landde in vier gelijke stukken op de grond. Dan moet Bonifatius wel bovennatuurlijke krachten bezitten en zijn verhaal geloofwaardig zijn. Geen wonder dat iedereen zich toen liet bekeren. Zoveel geweld van zo'n vredelievende man, maakt het verhaal niet erg geloofwaardig.

    En zo bestaan er meerdere fabels over Bonifatius, waarmee slechts aangetoond wordt dat het late Middeleeuwse verhalen zijn en niet geschreven in de 8e eeuw.
    En juist met deze fabels wil Halbertsma de traditie van Dokkum bewijzen! Het opgravingsverslag is ermee doorspekt. Hoe is het mogelijk?


    De reizen van St.Bonifatius tussen Dokkum en Fulda.
    Hoe kwam St.Bonifatius van Mainz in Dokkum? Het lijkt een overbodige vraag, maar is zeer essentieel. Het gaat hier wel over de 8e eeuw!
    Er bestonden nog geen routeplanners, er waren geen landkaarten, er waren geen ANWB-borden, het kaartbeeld was -als men dat al had- zeer tot zeer erg beperkt, er lagen geen wegen tussen beide plaatsen, er waren geen wegwijzers of mijlpalen. Bonifatius moest meerdere grote rivieren oversteken. Waar deed hij dat? Hij moest moerassen en dichte wouden, rovers en plunderaars vermijden. Hoe is hij gereisd? Te paard? Maar Benedictijnen bezaten geen paard. dat was het vervoermiddel van de welgestelden, niet van een Benedictijn die de gelofte van armoede had afgelegd. In welke kloosters heeft hij overnacht? Het zijn evenvele vragen die de toch naar Dokkum als ongelovig en zelfs onmogelijk kwalificeren.
    En de Rome-reizen van St.Bonifatius dan? Dat was toch ook over een grote afstand? Zeker, maar wel met dat verschil dat tussen Engeland en Rome een reeds lang bestaande weg lag, de vanouds bekende Romeinse tin-route. Deze geplaveide Romeinse weg was voorzien van mijlpalen. Bovendien zijn de reizen van Bonifatius naar Rome beschreven, die van Mainz naar Dokkum niet. Blijkbaar ging de schrijver van zijn vita er vanuit dat deze plaatsen of dicht bij elkaar lagen of de weg tussen beide plaatsen plaatselijk wel bekend was. Was het genoemde Moguntiacum wel Mainz of was het Mogneville in Frankrijk. Dat Dockynchirica Dokkum was is ondertussen wel weerlegd: het was Duinkerken dat in tegenstelling met Dokkum vlak bij dè oversteekplaats vanuit Engeland was. Dit was ook de plaats waar S.Willehad vanuit Engeland naar Rome overstak, in wiens vita als eerste sprake is van de moord op Bonifatius. Dat S.Willehad via Dokkum gereisd zou hebben naar Rome, is natuurlijk een complete farce. Zoiets verzinnen alleen historici die de waarheid niet van de mythe kunnen onderscheiden.



    Lees het boek "De Ware Kijk Op" en oordeel zelf!