Donderdag 19 september 2002
bron: AMC/De Meren
copyright: Redactie Schizofrenie Bulletin
AMSTERDAM, 19-9-2002 - Wie ervoor zorgt dat de directe familie beter wordt ondersteund, kan heropnames van mensen met schizofrenie voorkomen. Dat blijkt glashelder uit een onderzoek waarop M. Lenior gisteren aan de Universiteit van Amsterdam promoveerde. Lenior onderzocht hoe het patienten vijf jaar na ontslag uit de Adolescentenkliniek van AMC/De Meren vergaat.
Het blijkt vooral de familie te zijn die de patient van hulp voorziet: 70 procent helpt de patient bij de dagelijkse levensverrichtingen, 44 procent bij de begeleiding naar ambulante zorg, eenderde van de familieleden controleert de medicatietrouw en 37 procent biedt steun bij of beslist over
de behandeling.
Opvallend is dat patienten van wie de familie extra werd begeleid tien maanden minder in psychiatrische ziekenhuizen verbleven dan patienten die de standaardinterventie ontvingen. "Geconcludeerd mag worden dat patienten met schizofrenie of een aan schizofrenie verwante stoornis aanzienlijke sociale beperkingen hebben. Gezinsinterventie helpt ouders hun kinderen te ondersteunen en voorkomt daarmee heropnamen." Een bevinding die opnieuw de cruciale rol onderstreept van de familie bij de vermaatschappelijking.
Het onderzoek laat opnieuw zien dat vooral de sociale beperkingen zich sterk doen gelden. Gemiddeld ontplooiden de onderzochte patienten gedurende drie van de vijf jaar geen structurele activiteiten. De medische bevindingen gedurende de vijf jaar van onderzoek komen redelijk overeen met de cijfers
van collega-onderzoekster N. Veen die het Schizofrenie Bulletin onlangs nog publiceerde. Bij de Amsterdamse groep kreeg een kwart geen nieuwe psychose meer, kwam bij de helft een of meer psychoses terug en was het resterende kwart chronisch psychotisch. De patientengroep verbleef gemiddeld acht
maanden in een psychiatrisch ziekenhuis en woonde gemiddeld tien maanden in een RIBW.
Het proefschrift van Lenior laat ook zien dat de AMC-aanpak van enkele maanden intensieve behandeling gevolgd door een jaar ambulante begeleiding een nieuwe psychose uitstelt, maar niet kan voorkomen. De terugval is tijdens die twaalf maanden lager dan elders, maar daarna niet meer. Continuiteit van zorg met bekende behandelaars en -opnieuw- steun en voorlichting aan het gezin zijn waarschijnlijk de verklaring voor dit gunstige resultaat.
----------------------------------------------------------
http://www.ypsilon.org/bulletin.htm