koren- en pelmolen De Liefde te Uithuizen (Gr)

 

   Ga rechtstreeks naar het onderwerp:

koren- en pelmolen De Liefde, opname 5-8-2003 (Foto: B. D. Poppen)

duits    Deutsche Version.

engels    English version.

frans    Édition Française.

 
De molen met de beide inritdeuren geopend, draaiend op het noord-oosten met gesloten kleppen.

Aan de vlaggemast wappert de blauwe molenwimpel.

Op de oprit staat een model van een wipmolen te draaien.

Linksonder is de Groninger vlag te zien, die vanaf de sarrieshut wappert, waarin de VVV is gehuisvest.

    

Opname 5 augustus 2003
foto: B. D. Poppen

De molen, die vanaf de bouw in 1866 de naam De Liefde heeft gedragen, werd in 1963, tijdens herstelwerkzaamheden, door de toenmalige eigenaar en molenaar Jan Smid hernoemd in 'Jonge Jan', naar zijn kleinkind.

Na verkoop van de molen aan de gemeente Hefshuizen, (sedert 1990 is dat de gemeente Eemsmond), zegt de oud-molenaar in een interview met de Ommelander Courant op 26 februari 1987:
”Toen wij hier kwamen (1946) stond de naam 'De Liefde' niet op de molen. We hebben hem toen maar omgedoopt in 'De Jonge Jan', naar onze kleinzoon. Die naam staat er nog steeds op. Dat zal wel niet zo blijven, want die naam had alleen voor ons maar zin.”

Deze voorspelling kwam uit, want op 3 juli 2002 kreeg de molen, op veler verzoek, zijn oorspronkelijke naam De Liefde weer terug. Zie de foto met de nieuwe, oorspronkelijke naam op de baard.

Op de foto hierboven is het gevlucht met de zelfzwichting en de gepotdekselde achtkant goed te zien. De molen is een echte Groninger molen met alle typerende kenmerken van de Groninger molens en wel: lisenen in de 8 hoeken, stellingschoren met schrankschoren (kraaienpoten), dubbele stellingdeuren, zelfzwichting en de nationale driekleur op de kroonlijst. De molen behoort tot het veel in de noordelijke provincies voorkomende type van een mooi getailleerde achtkante bovenkruier met stelling.
Links voor de molen staat de sarrieshut, de voormalige woning van de ambtenaar die de belasting op het gemaal moest controleren. Zie voor meer informatie daarover de pagina's: De sarrieshutten en Boek 'gemaal'.
Achter de molen staat het voormalige molenaarshuis; het werd in 1946 verkocht en daarmee gescheiden van de molen, aangezien het nu niet meer wordt bewoond door een molenaar.

Indeling van de molen

Begane grond: elektrisch aangedreven maalstoel met kunststenen wolfjes en tevens zijn er een rogge maalsteen, een meelkist, een boeren wipkar, een model van een wipmolen en een model van De Liefde te zien;
1e verdieping, waaierzolder: elektromotor, waaierkast, de 'paarden' van de twee pelstenen, een handzeef
en in drie vitrines molengereedschap, molensnuisterijen en allerlei artikelen met foto-opdruk van de molen bestemd voor de verkoop; en het 188 cm hoge model van de standerdmolen Tot Voordeel en Genoegen te Alphen aan de Maas;
2e verdieping, stellingzolder, maalzolder, pelzolder: het lichtwerk t.b.v. de 2 maalkoppels, onder de zoldervloer 2 pelstenen, aandrijving van de zifterij vanaf een pelspil, een metalen koekenbreker, een reeks graansoorten, diverse mappen met informatie over molens in het algemeen en de molen De Liefde in het bijzonder en er bevindt zich het 'buro' van de molenaar;
3e verdieping, steenzolder: 1 koppel 17der blauwe stenen en 1 koppel 16der kunststenen en er ligt de steenspil van het voormalige 3e koppel stenen;
4e verdieping, luizolder: spoorwiel (takrad), twee steen- en twee pelrondsels, kammenluiwerk, zwaaibalken t.b.v. het in het werk zetten van de maal- en pelstenen;
5e verdieping, kapzolder, smeerzolder: voeghouten schuifkruiwerk.

Bouwwijze

De bovenachtkant is van binnen met hout bekleed en aan de buitenzijde gepotdekseld en staat op een stenen tussen- en onderstuk. De bovenachtkant heeft geen ondertafelement en de stijlen staan op stempels (houten kussens) op de van lisenen (pilastervormige uitspringende verticale muurbekleding, die tot dicht onder het dak reikt), voorziene acht hoeken van de stenen onderbouw. In deze lisenen zijn de acht stellingschoren gemetseld, zonder vinken maar wel met muurankers geborgd.

Bouwwijze kap: verticaal gepotdekseld. Aan weerszijden bevinden zich 7 roosterhouten. De baard is fraai uitgevoerd met aan de onderzijde in het midden twee billen die aan weerszijden worden geflankeerd door twee enkele krullen. De randen zijn rood geschilderd en op het witte vlak is in het lettertype Monotype Corsiva de tekst: De Liefde met daaronder: 1866 aangebracht. Zie de foto.

Kleurgebruik: de koppen van de voeghouten, steunder en roosterhouten zijn afgewerkt met een duivejager en zijn rood geschilderd. De storm- en windluiken op het voor- en achterkeuvelens, alsmede de spruitluiken zijn voorzien van rood op wit geschilderde zandlopers. De randen van de baard en zwaardplanken zijn eveneens rood geverfd.
Dit kleurgebruik is in de molen consequent toegepast en is bijvoorbeeld ook terug te vinden op de balken aan de binnenzijde van de inrijpoorten en stellingdeuren.

Inrijpoorten (doorrit): op het noordoosten en het zuiden. Hierdoor konden de boeren vroeger met hun paard en wagen vol zakken graan aan de ene kant naar binnen en aan de andere kant weer naar buiten rijden. Tussen de poorten is een gebogen rijbaan van klinkers aangebracht. Zie de foto. De breedte tussen de inrijpoorten is resp. 220 en 222 cm.

Stellinghoogte: 7,00 meter, molenberghoogte: 1,50 meter.
De twee dubbele stellingdeuren zijn op het oosten en westen aangebracht.

Gevlucht - zelfzwichting

zelfzwichting op De Liefde, opname zomer 2005 (Foto: B. D. Poppen)

Opname zomer 2005 - foto: B. D. Poppen

Twee stalen roeden, fabrikaat Th. Bremer en Zonen, molenbouw, Adorp, Groningen.
Binnenroede: No. 202, anno 1971, met 23 kleppen, lengte 21,10 m.
Buitenroede: No. 260, anno 1991, met 24 kleppen, lengte 21,00 m.
Kleppen: 6 mm garantieplex.
Ophekking volgens het Groninger jalouziesysteem met Van Bussel-stroomlijnneus en Bremer remkleppen.
Breedte van de voorzoom: 55 cm; breedte van de achterzoom: 155 cm; roebreedte aan het end: 18 cm, in de askop: 32 x 36 cm.
Zwichtstang door de bovenas. Op de askop is de 'spin' gemonteerd.

Achter in de kap zijn de zwichtboom en de bezaanstok gemonteerd waaraan de zwichtketting is bevestigd (zie de volgende foto op deze pagina, waarop de achterzijde van de kap is te zien). Aan deze ketting kunnen de gewichten worden bevestigd die de kleppen tot een bepaald aantal omwentelingen per minuut gesloten houden. Bij een toenemende wind en dus meerdere omwentelingen per minuut, wordt het gewicht overwonnen en drukt de wind de kleppen weer open, waarbij tegelijkertijd de remkleppen in de stroomlijnneus worden open geduwd en in werking treden.

As: gietijzer, fabrikaat: J. M. de Muinck Keizer, Martenshoek. No. 100, anno 1902; zie de foto; doorboord, lengte 580 cm. Op de rood geschilderde askop is een wit geverfde achtpuntige ster gegoten. De afmetingen van de roedegaten in de askop zijn: 38 x 44 cm. Het achtereinde van de as is verzwaard uitgevoerd. Het halslager is van gietijzer met drie holten en waarschijnlijk met een lagerschaal van Babbitmetaal (witte tinlegering met antimonium, lood en koper). Zie de foto. De pen draait in een broeksteen. De springbeugel is zwaar uitgevoerd.

Vang: stalen bandvang en een korte haak (klink). De wipstok is geschilderd in de nationale driekleur en is op het uiteinde voorzien van een haan met rode kam, het kenmerk van de molenbouwer Dunning te Adorp. Zie de foto. De buitenvangketting is voorzien van rood geschilderde houten kralen, zoals die op veel noordelijke molens voorkomen.
De rijklamp is eveneens van staal en de rust is een stalen plaat die, met aan weerszijden stelmoeren, is bevestigd op drie in het linker voeghout geschroefde bouten. Zie de foto.

Pal: de pal met slechts twee kammen kan vanaf de staart worden bediend. In het bovenwiel kunnen, zowel in de "roede voor de borst" stand, als in de "overhek" stand losse stutten worden geplaatst.

Kruiwerk: voeghouten schuifkruiwerk; kruilier met dubbele overbrenging, een enkele slinger en een rondgaande ketting. Zie de foto.
De lange spruit ligt achter het bovenwiel. Onder de lange spruit is een korte ijzerbalk aangebracht waarin de tap van de koningsspil is gelagerd. Er is 1 poortstok aanwezig, uiteraard links gesitueerd. Boven de lange spruit zijn in de kap spruitluiken aangebracht.
Het trapgat in de kapzolder zit op het noordwesten, waardoor de ezel en vangbalk er boven hangen wanneer het gevlucht op het zuiden en westen staat.

de staart van De Liefde, opname zomer 2000 (Foto: B. D. Poppen)


 


 

Op de foto hiernaast
is de achterzijde
van de kap te zien,
met de staart,
de lange en de korte schoren,
de zwichtboom,
de bezaanstok,
de zwichtketting,
de rood-wit-blauw geverfde vangstok
en de vangketting.

De groene inritdeuren
bevinden zich aan
de zuidzijde.
 

Opname zomer 2000
foto: B. D. Poppen

Werktuigen

Op de steenzolder bevinden zich twee koppels maalstenen. Het derde koppel, een roggesteen, die tot 1963 aanwezig was, is verwijderd. De spil ervan ligt nog op deze zolder en de wijze waarop het staakijzer in deze houten spil is bevestigd, is goed te zien, doordat het vulstuk en de ijzeren hoepels zijn verwijderd. Deze delen zijn echter nog wel aanwezig. Doordat de ruimte op deze zolder, met drie koppels en twee pelspillen, krap was, zijn verschillende korbelen korter uitgevoerd en steiler geplaatst.

Slechts het zuidelijk koppel (16der zelfscherpende natuursteen), is nog in gebruik, zie de foto. De loper is 33 cm dik en voorzien van twee zwelgaten.
De bolspil, die door een legeringsbalk steekt, iets dat ook bij het derde koppel het geval was, draait in een houten steenbus, ook wel buslager of neutenlager genoemd. Het koppel is voorzien van een Engelse (tuimel) rijn.

Ook het noordelijk koppel heeft een Engelse rijn en een houten steenbus. Dit koppel is een 17der blauwe tarwesteen, die ooit gebroken is geweest en nu met twee ijzeren banden rondom bij elkaar wordt gehouden. Ook bij dit koppel is de loper 33 cm dik en voorzien van twee zwelgaten. Aan de bovenzijde is deze steen aangegoten met cement.
De lichtboom en het lichttouw van dit koppel zijn na de laatste restauratie niet volledig geïnstalleerd en ook daardoor kan er met dit koppel niet meer gemalen worden.
Op de steenzolder is op het noordwestelijk korbeel letterlijk de volgende tekst te lezen:

LOOPER BLAUWE STEN 19-6 1910

Tijdens de laatste restauratie (1992-1994) zijn beide koppels voorzien van een nieuwe kuip, waardoor de voorheen aanwezige met blik beslagen kuipen helaas zijn verdwenen. Bij het noordelijk koppel is de kuip gedeeltelijk weggenomen, zodat e.e.a. goed is te bekijken.
De beide schuddebakken zijn aan de kropgatzijde voorzien van een grote magneet waarmee, volgens de zoon van de laatste molenaar, al heel wat ijzerwaren uit het graan zijn gehaald.

De zich op de begane grond bevindende maalstoel, zie de foto, met een koppel elektrisch en van boven af aangedreven kunststenen, wolfjes, is niet meer in bedrijf. De steenkuip is bekleed met blik. De bijbehorende motor bevindt zich op de er boven liggende waaierzolder. Het betreft een in 1947 door de fa. Ekema te Uithuizen geplaatste Heemaf S.K.A. motor, nr. 490337, type NK. 48/4 nr. 50507, 380 V, 14 A.
In het in 1992, aan het begin van de laatste restauratie, afgebroken bijgebouwtje aan de westzijde van de molen, heeft een benzinemotor van 10 pk gestaan, die het koppel vóór de plaatsing van de elektromotor heeft aangedreven. Het is onbekend wanneer deze is verdwenen, in elk geval was hij, volgens de zoon van de laatste molenaar niet meer aanwezig toen Jan Smid de molen in 1946 kocht.

Volgens J. Y. Kremer, die als molenaarsknecht van 1941 tot 1945 op de molen werkte, stond er in het motorhok een Brons-motor. Deze zou volgens hem in 1946 nog wel aanwezig zijn geweest.
De zoon van molenaar Dijksterhuis, de heer D. Dijksterhuis, heeft dit nog eens bevestigd.

De twee pelstenen (zandsteen), gelegen in de met geperforeerd blik beslagen kuipen, zijn nog aanwezig, zie de foto, evenals de zeven en de waaierkast; de laatste is echter niet meer compleet en het geheel is niet meer in gebruik. Zie de foto's van de kast en de waaier op de waaierzolder. De maanstukken, schuif en de pelromp (maalkaartje) met de bijbehorende steekschuiven, zijn bij de laatste restauratie niet herplaatst. De twee pelrompen en schuiven zijn nog wel aanwezig, evenals enige rauwbeitels. In plaats van maanstukken liggen er nu luiken boven de stenen.
Bovengenoemde molenaarsknecht J. Y. Kremer vertelde dat er in de oorlogstijd nog volop met de molen werd gepeld en dat alle drie koppels stenen in bedrijf waren.

Luiwerk: kammen luiwerk met op de waaierzolder een afgetimmerde luischacht. Er is geen gaffelwiel aanwezig. In plaats daarvan is er op de maalzolder een drieschijfs afschietblok aanwezig. Het luiwiel is tijdens de laatste restauratie geheel vernieuwd, het oude wiel staat onder in de molen. De luibonkelaar is in 2003 van nieuwe kammen voorzien.

Kammen en staven

Bovenwiel met 66 kammen.
Schijfloop met 35 staven.
Luibonkelaar met 32 kammen.
Luiaswiel met 20 kammen, overbrengingsverhouding: 1 : 3.
Spoorwiel met 90 kammen.
Steenrondsel met 27 staven, blauwe stenen, overbrengingsverhouding: 1 : 6,26.
Steenrondsel met 26 staven, kunststenen, overbrengingsverhouding: 1 : 6,50.
Pelrondsel met 29 staven, voorloper, westelijk, overbrengingsverhouding: 1 : 5,83.
Pelrondsel met 22 staven, naloper, oostelijk, overbrengingsverhouding: 1 : 7,69.

koren- en pelmolen De Liefde, opname zomer 2003 (Foto: B. D. Poppen)


 
Op de foto hiernaast
is rechts naast de molen
de sarrieshut te zien,
met in de zuidmuur
een originele gevelsteen
met het wapen
van de provincie Groningen
en eronder de tekst SAUVEGARDE.

Deze steen,
vermoedelijk afkomstig uit
een verdwenen sarrieshut
in het Oldambt,
werd op 17 maart 2003
ingemetseld.

 
Opname zomer 2003
foto: B. D. Poppen

Landschappelijke waarde

Van de vier molens die er ooit in Uithuizen hebben gestaan is De Liefde, als enige overgebleven. Gelegen op een markante plaats, nu midden in het dorp, vroeger aan de rand ervan, uitgerust als koren- en pelmolen en voorzien van zelfzwichting en daarmee een prominent voorbeeld van een typisch Groninger molen, is de landschappelijke waarde van de molen zondermeer hoog te noemen.

Biotoop: ondanks het feit dat de molen temidden van de dorpsbebouwing staat, wordt er bij de verschillende windrichtingen nauwelijks enige last ondervonden van de er omheen staande bebouwing en begroeiing. Het biotoopcijfer is dan ook 4.

Vanaf de stelling is bij heldere nachten het licht van de vuurtoren van Borkum waar te nemen. Staande aan de westzijde op de stelling, is in het zuiden het gevlucht van de molen Grote Geert te Kantens te zien en aan de zuidzijde het bovenste end van het gevlucht van de molen De Hoop te Middelstum.
Vanuit de kap zijn in het zuidoosten de molens De Hoop te Garsthuizen en de Windlust te Zandeweer en in het westen de Eva te Usquert te zien. En op heldere dagen is in het noorden het Duitse waddeneiland Borkum in zijn geheel prachtig te zien.

Eigenaar: gemeente Eemsmond; daarvoor vanaf de overname in 1986 de gemeente Hefshuizen en vanaf 1946 molenaar J. Smid (zie ook bij Bouwgeschiedenis en bij Bijzonderheden).

Nummers molenregisters: 68, volgens de nieuwste nummering, zoals die ook voorkomt op de in september 2002 uitgegeven fullcolor brochure "Molens in Groningen".
In het "Groninger Molenboek" van B. van der Veen Czn., uitgave 1981 heeft de molen nummer 121 (blz. 253).
In de inventaris van het Nederlands Molenbestand van de Vereniging De Hollandsche Molen, staat De Liefde, geregistreerd onder nummer: 292.
In de inventaris van de Molendatabase is het nummer van de molen 370.
RD-coördinaten: 240,282-603,265. GPS-coördinaten: 53°24'19.35'' N   6°39'46.90'' O.  Nr. RDMZ: 21308.

Bedrijfsvaardigheid: de molen draait voornamelijk "voor de prins", dat wil zeggen dat er niet vaak wordt gemalen. Het draaien gebeurt frequent, meestal twee keer per week, en op vrijwillige basis door een gediplomeerd vrijwillig molenaar.

Bouwgeschiedenis

Uit de stukken van een oud familiearchief is op te maken dat er al in de 16e eeuw sprake was van de "Mollenwyrde te Uthusen". De er toen staande molen werd in 1621 vervangen door een nieuwe standerdmolen. In het begin van de 19e eeuw was de molen o.a. in het bezit van Machiel Cornelis Mulder, en later van Jurjen Reinder Westerdijk, die de molen overdeed aan Klaas Westerdijk. Het koopcontract van 1859 meldt: "Eene wind koornmolen en de daarbij staande zoogenaamde chercherswoning, en eene Behuizinge en schuur, met de vaste beklemming, totaal f 7.000,-." Klaas Westerdijk deed de standerdmolen over aan H. D. Mulder, die deze in 1866 liet afbreken en vervangen door een nieuwe bovenkruier met stelling. De oude molenberg werd voor de bouw grotendeels afgegraven, waardoor er nu nog een hoogte resteert van 1,50 meter.

Op de pagina geschiedenis is een uitgebreidere beschrijving van de historie van de molen De Liefde te lezen. Een gedetailleerd overzicht van de werkzaamheden aan de molen in de periode 1946 tot heden, is te lezen op de pagina logboek.

de staart van De Liefde, opname zomer 2004 (Foto: Rob Schutter)


 
 

 

Rob Schutter bezocht de molen
in de zomer van 2004
en maakte in de molen
een reportage met 23 foto's.
 


 
 

Opname zomer 2004
foto: Rob Schutter

 

Restauraties

De molen is in 1950 hersteld door molenmaker Chr. Bremer te Adorp voor f 7.500,-.
In de jaren 1961-1963 werd de molen nogmaals hersteld door dezelfde molenmaker. Kosten f 18.860,-. Op 14 oktober 1963 werd de molen officieel weer in gebruik genomen, waarbij tevens de (tijdelijke) naamswijziging in "Jonge Jan" plaats vond.
In 1971 restaureerde de firma Bremer de molen voor f 55.300,--, waarbij o.a. de binnenroede, een Potroede werd vernieuwd.
De laatste eigenaar was de heer J. Smid, hij heeft van 1946 tot 1986 de molen beheerd. Op 23 december 1986 deed molenaar Smid de molen en de sarrieshut over aan de gemeente Hefshuizen tegenwoordig gemeente Eemsmond (ontstaan vanaf 1-1-1990).
Na een grondige laatste restauratie, in 1992-1994 uitgevoerd door molenmaker Dunning te Adorp voor f 820.000,--, waarbij o.a. de stelling werd vervangen, de buitenroede werd vernieuwd, de binnenroede van nieuwe kleppen werd voorzien en veel zoldervloeren geheel of gedeeltelijk werden vernieuwd, vond op 11 mei 1994 de feestelijke heringebruikneming plaats.
Ondanks deze uitgebreide laatste restauratie is veel in de molen nog authentiek, iets dat met name opvalt bij het gebint, het lichtwerk van de pel- en maalstenen en het gaande werk.

Bijzonderheden

In de molen zijn diverse bijzonderheden aan te treffen, waaruit enerzijds de herinnering aan de voormalige standerdmolen wordt levendig gehouden, anderzijds is te zien hoe er met de ruimte werd gewoekerd om bijvoorbeeld de drie koppels maalstenen op de steenzolder te installeren.

Zo draait de bolspil van het zuidelijk koppel dóór de legeringsbalk, zie de foto, iets dat ook bij het in 1962 verwijderde derde koppel het geval was.

Deze molen heeft een bovenschijfloop (rondsel met 35 gestreken staven), zie de foto, evenals de Molen Edens in Winschoten. Een uitzondering in de provincie Groningen, waar de andere molens (uiteraard met uitzondering van de standerdmolens in Ter Haar en Bourtange) van een bonkelaar zijn voorzien.

Eén van de legeringsbalken op de waaierzolder (onder de pelstenen) is een kruisplaat (ongetwijfeld van de in 1866 afgebroken standerdmolen); de dubbele tanden voor de verbinding met de buitensteekband zijn duidelijk te zien. Zie de foto; ter vergelijking is een foto van een kruisplaat van de standerdmolen te Papenburg bijgevoegd.

In 2001 schonk mevrouw J. de Vries-Dijksterhuis, dochter van de voorlaatste molenaar Pieter Dijksterhuis, een meelkist die jarenlang in het oude voormalige molenaarshuis heeft gestaan. De kist, van waaruit het meel aan particulieren werd verkocht, heeft nu een plek onderin de molen gekregen. Zie de foto van de kist met de schenkster.

In 2002 schonk de oud-molenaarsknecht J. Y. Kremer een door hem nagebouwde zeef. Met deze zeef werd het gemalen (volkoren) meel op handmatige wijze tot bloem gezeefd door, op de knieën zittend, de zeef over een glijbalk heen en weer te schuiven. De op de vloer neervallende bloem werd naderhand met een schep in een zak gestort. De zeef heeft dezelfde plek gekregen als zijn voorganger, namelijk op de waaierzolder. Zie de foto.

In 1981 werd in de Wierdstraat 15 te Uithuizen, op het erf van de heer C. Wierenga, een handmolen uit 1707 gevonden. Op ca. 100 meter afstand van de molen De Liefde had hij als een ronde steen jarenlang omgekeerd in het plaveisel gelegen. De handmolen is vermoedelijk een mosterdmolen geweest. De bovenste steen, de loper met het handvat, is een kopie van een soortgelijke steen en naderhand door een Duitse vakman bijgemaakt. De handmolen, nu eigendom van de gemeente Eemsmond, wordt tentoongesteld op de molen De Liefde. Zie de foto.

In november 2002 is bij graafwerkzaamheden aan de Westervalge te Warffum een molensteen in de grond gevonden. Het is een 17der blauwe of ’Duitse’ steen (Ø 150 cm), met 168 kerven, waarvan 22 kerven van het kropgat tot aan de buitenzijde. De 17 cm dikke steen is voorzien van drie zwelgaten, die later met cement zijn dichtgesmeerd. Zie de foto. De steen is ongetwijfeld van de roggemolen Euréka geweest. Deze molen stond aan de Westervalge, bij de Lasthuistertil. In het voorjaar van 1927 werd deze molen afgebroken.

Zowel op de waaierkast, op een pelspil, op een legeringsbalk, als op de achtkantstijlen en korbelen op de maal- en steenzolder, komen talloze in potlood geschreven teksten voor, waaronder die van molenaar Pieter Dijksterhuis, gedateerd: 14 mei 1898. Zie de foto. Meerdere opschriften zijn al voor 1900 zijn opgeschreven, de meeste zijn echter moeilijk te lezen, al heb ik inmiddels 30 opschriften kunnen ontcijferen.


De sarrieshut

Molenaar Jan Smid is de laatste bewoner geweest van de sarrieshut en woonde in dit kleine huisje, waarin nog bedsteden aanwezig waren, met vrouw en vijf kinderen. De hut staat op een tiental meters ten oosten van de molen.

de sarrieshut, foto: VVV


Zie voor een uitgebreide beschrijving van deze en andere sarrieshutten in de provincie Groningen de pagina
De sarrieshutten.

Voor meer informatie over sarries en sarrieshutten, zie mijn boek
De belasting op het gemaal.

De sarrieshut is in 1992/1993 ingrijpend gerestaureerd, inwendig is er veel veranderd, maar de buitenzijde is in overeenstemming met het bestek uit 1630 en houdt de herinnering aan de tijden van weleer levendig.
Op 17 maart 2003 werd een originele gevelsteen met het provinciewapen en het woord SAUVEGUARDE (bescherming) in de zuidmuur van de sarrieshut geplaatst. Deze steen was afkomstig uit een afgebroken sarrieshut in het Oldambt. Zie de foto.
De sarrieshut staat, evenals de molen, onder bescherming van Monumentenzorg en doet nu dienst als VVV kantoor.

Het adres van de VVV is: Mennonietenkerkstraat 13, Uithuizen, telefoon 0595 43 40 51.
logo VVV

Openingstijden van 1 april tot en met 30 september:
      maandag van 13.00 tot 16.30 uur
      dinsdag t/m vrijdag van 9.30 tot 16.30 uur
      zaterdag van 13.00 tot 16.00 uur.

logo VVV Waddenkust Noord-Groningen

Openingstijden van 1 oktober tot en met 31 maart:
      maandag gesloten
      dinsdag t/m vrijdag van 10.00 tot 16.00 uur
      zaterdag van 14.00 tot 16.00 uur.

Meer informatie is te vinden op de homepage van de VVV Waddenkust Noord-Groningen.

Enige medewerkers van de VVV en de molenaar. Foto: Jelte Oosterhuis, Usquert

Enige medewerkers van de VVV en de molenaar.
Bovenstaande foto (gemaakt door Jelte Oosterhuis, Usquert) is afgedrukt op de achterzijde van het Groninger molenblad "de Zelfzwichter", 2008, nr. 2 - een uitgave van Het Groninger Molenhuis.


Openingstijden van de molen De Liefde

Uiteraard zorg ik dat mijn molenkennis op peil blijft en dus blijf ik studiebijeenkomsten bezoeken en neem ik deel aan diverse excursies. Ook besteed ik veel tijd aan literatuurstudie en archiefonderzoek teneinde ook op die wijze de kennis van de molens en alles wat daar bij hoort te vergroten en levendig te houden.
En natuurlijk blijf ik geïnteresseerd in andere molens en daarom ga ik af en toe op bezoek bij collega's. En op zo'n dag staat mijn molen dan dus stil.
molenwimpel Wanneer aan de vlaggenmast naast de oprit naar de molen de molenwimpel is uitgehangen en/of wanneer de molen draait, is hij open voor bezoekers en dat is meestal iedere woensdag van 10.00 tot 16.00 uur en zaterdags van 13.00 tot 16.00 uur.

Natuurlijk is het ook mogelijk om een afspraak met mij te maken voor een bezoek aan de molen op andere tijden en dit kan zowel per telefoon: 0595 43 48 25, mobiel op de molen 06 234 284 37, als per email: zie de reacties pagina.

De molen die, komend via de N 363 vanuit Groningen, zowel vanuit de trein als vanuit de auto bij het binnenrijden in het dorp al aan de rechterzijde is te zien, staat op de hoek van de Schoolstraat / Mennonietenkerkstraat, achter het VVV-gebouwtje, en is in vier minuten lopen vanaf het station te bereiken.

plattegrond Uithuizen

Wanneer men via de Eemshavenweg (N 46) naar Uithuizen rijdt ziet men, na de afslag Uithuizen genomen te hebben, links de molen Windlust te Zandeweer.
Volg in Uithuizen de borden van de VVV, ze brengen je moeiteloos bij de molen.

route Uithuizen

Op de Google-map kunt u de locatie per satelliet bekijken de plattegrond van Uithuizen.


Van de bezoekers aan de koren- en pelmolen De Liefde wordt geacht dat ze zich houden aan enige spelregels. Deze regels zijn voor de veiligheid van bezoekers en molenaar vastgesteld en worden tevens voorgeschreven als gevolg van de Wet op de Arbeidsomstandigheden.
U kunt ze nalezen op de pagina bezoekregels.


de molen wordt geschilderd (Foto: B. D. Poppen)


 


 
 

 

In mei/juni 2005 kreeg de molen De Liefde een verfbeurt.

Op de foto wordt de lange spruit geschilderd.

 
foto:
B. D. Poppen


Rondom de molen-dag (Foto: B. D. Poppen)

De informatiestand van het Groninger molenarchief in de molen De Liefde tijdens de "Rondom de molen"-dag op 25 juni 2005. Op de achtergrond de vlag van de gemeente Eemsmond. Deze bestaat uit drie evenwijdige, even brede banen in groen, geel en blauw. Het groen voor de akkers, het geel voor de korenvelden en het blauw voor de zee waaraan het land ontworsteld werd. De zeemeermin is overgenomen uit het gemeentewapen.


  Op 9 mei 2006 maakte ik een geschikte opname van de molen, waarvan vervolgens een fotokaart is gedrukt. De kaart is zowel in de molen als bij de VVV te Uithuizen te koop.
De vorige ansichtkaart van de molen dateert van medio 2000, ook daarvan zijn nog exemplaren in de molen te koop.
En zo ook van een kaart van voor de restauratie, waarop de molen ontdaan van kleppen en in een deplorabele staat is afgedrukt, zie de foto.
Ook zijn nog enkele exemplaren van een ansichtkaart uit de begin tachtiger jaren van de molen te koop. Zie de foto.


verfbeurt (Foto: B. D. Poppen)


 


 
 

 

Eind september is de schilder met een grote verfbeurt begonnen.

Ook de 94 kleppen worden geverfd.

 
foto:
B. D. Poppen



    Zie voor een interessante rondrit vanaf De Liefde langs zes molens              
    mijn molentips pagina.      
    Een mooie tocht van 28 km om te fietsen, al kan het ook per auto.                


    Ook in het buitenland, in Sakura, Japan, 40 km ten oosten van Tokyo,            
    staat een molen met de naam De Liefde.
    Zie voor vele foto's van deze molen de pagina Sakura.              


Voor een lezing met Power-Point presentatie over de molen De Liefde en zijn geschiedenis, (en die van de verdwenen molens in Uithuizen), eventueel aangevuld met het verhaal over de belasting op het gemaal en de sarrieshutten, kunt u een afspraak met mij maken. Gebruik daarvoor de Reacties pagina.


Een pagina met 17 foto's van het 188 cm hoge model van de standerdmolen Tot Voordeel en Genoegen te Alphen aan de Maas, dat op de waaierzolder staat.


De digitale versie van de nieuwsbrieven van de molen De Liefde.


Vermelding op de Nederlandse molendatabase: De Liefde


Deze pagina is onderdeel van   de-liefde-logo   de molenhomepage van B. D. Poppen.

updated           -       Copyright © 2000/2008